Wie spreken wil het woord, dat doden opwekt ten Leven, zal geleerd moeten hebben om de werken der stilte te aanvaarden.

Wie het Licht wil kennen in zijn onmeetbare heerlijkheid, zal geleerd moeten hebben een doorvoerkanaal te zijn voor de werking des Lichts.

Wie de Stem der Eeuwigheid wil vernemen, zal geleerd moeten hebben de klanken uit de Melodie der Eeuwen te verstaan.

Wie de Bron der Goddelijke Harmonie als een onuitputtelijke Schat wil bezitten, zal geleerd moeten hebben om de wisselingen der dingen tot eenheid te brengen.

Wie de Vreugde der Vernieuwing wil smaken, zal geleerd moeten hebben om het oude leven uit te doen, als zijnde voorbijgegaan.

Hij, die staat in de bezieling der majestueuze Lichtkracht, hij wéét - niettemin spreekt hij niet.

Hij staat in het groeiproces der Nieuwe Aarde en zijn macht wordt gebundeld in de energie van het doorlopend wordende.

O machtige wordingskracht der Vernieuwing,

O trilling van deze nieuwe, komende Hemel-Aarde,

Leef gij in mij, opdat ik door u, leve !

Amen

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene