Epiloog

Zittende onder de hemelboom

die zon en maan doorlichten -

flonkerende sterren, herinneringen van weleer -

het levenselixer vormde gouden vruchten

en de schaduw van de takken

is als een balsem die het harte heelt.

De nacht is duister als een ondoordringbare stilte

waar het zaad zijn groei beluistert

en fluistert over de kiemen

die het omdraagt in zijn geheimenis.

Niemand kan het vernemen

dan hij die weet te zwijgen in den zinnen.

Aan de verre einder rommelen

de kanonnen en de onwetenden vluchten

in doodsnood naar de leegte -

de Hemelboom blijft onbeweeglijk;

zwaar hangen zijn takken over de aarde

en veranderd bloed in goud, en offerande in adeldom.


Ga niet heen, mijn vriend, wacht op het teken

dat nederdaalt langs de stam

komende uit zon en maan, rakende de sterren -

ontsteek uw boom aan de hemelen

en bevestig zijn wortels in gezegende aarde,

waaruit het wachtwoord zich bekend maakt.

Bezin u onder de Hemelboom

herken uw afkomst

en gordt aan de wapenrusting der koninklijke!

Want het is tijd!

Amen


1970 - 2018, copyright Henk en Mia Leene