Epiloog

Nimmer zal ik kunnen spreken: Heb toch medelijden, Heer,  Want in al mijn klagend schreien breekt het ik in al zijn hoogmoed door. 

Nimmer zal ik kunnen spreken: God! Het kruis is mij te zwaar, want in al mijn bitter zuchten breekt het ik in al zijn angsten door. 

Nimmer zal ik kunnen spreken: Vader! Red mij uit deez brand, want in al dat smekend bidden is 't ik dat vraagt gehoor.

Daarom Vader!

In mijn striemen, in mijn smarten, in mijn helse zielepijnen, dank ik eeuwig en ootmoedig, U, die in uw Wijsheid mij, de pelgrim, leidt door uwe scheppingsbrand.

Amen


1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene