7 - Het pad van achtvoudige verwerkelijking

Het is niet voldoende een waarheid te bezitten, maar de waarheid moet ons bezitten.


Voorbereiding

Plaats u in het onbegrensde niets — laat alle vorm achter u.

Wordt één met uw oorspronkelijke Wereld, die was voordat de chaos u opnam i de verwarring.

Gebed

Eenzaam te zijn in de onbegrensde verten van Uw Land, O Begin en Einde van mijn wezen — is als het opgenomen worden in de liefde van een onverbreeklijke Vriendschap waarin de harten hetzelfde ritme vertolken.

Woorden kunnen niet gesproken worden daar zij reeds verglijden in de onbegrensdheid voordat hun vorm tot aanschijn komt.

Zo mijn denken zich met Uw Denken verenigt, O Goddelijk Weten, ontvouwen zich voor mijn geestesoog de verten die mijn ziel dreigt te verliezen binnen de pijniging van haar gevangenis.

Als mijn gemoed de Vrede van Uw Waarheid vindt openen zich schatkamers, waarvan mijn ziel de sleutel reeds zo lang verworpen had.

De eenvoud van de wedergeboorte in Uw Schoot der Eeuwigheid, is gelijk de terugkeer tot een verloren gewaande Aarde, O Vader-Moeder der Levenden — terwijl de lichtende Hemel het atoom van mijn ziel kust met Haar kleurenpracht.

In deze Geboortestonde, O Levensbron, herkent mijn ziel de werkelijkheid van haar bestaansgrond.

Laat mij blijvend mogen verwijlen in deze Omarming Uwer Wording, O Schepper, opdat ik Uw Levensadem niet verlieze.

Amen

Wees een vrijwillige en blijmoedige dienaar van De Waarheid.
Zodra de Waarheid u bezit telt u de offeranden niet, noch de mogelijke smarten — want de Waarheid die in u en om u is verdiept uw vreugde, wat er ook gebeuren moge!

Verenig u met het Licht dezer Waarheid binnen de Stilte.

Lees na uw bezinning bijgaande astrosophische tekst en zo u met vrienden tezamen bent wissel in harmonische eenheid onderling van gedachten.

De innerlijke Leer wordt slechts gevonden in de ziel van de pelgrim.

Het zich plaatsen op een Pad van achtvoudige verwerkelijking behoeft niet gebaseerd te zijn op een intellectueel-filosofische verhandeling.

Men kan wellicht denken « wat doet het er toe op welk Pad ik mij bevind, als ik maar gehoor geef aan de roepstem van God ».

Dit is inderdaad waar!

Het is niet nodig om een groot filosoof te zijn om een pad van innerlijke verwerkelijking te kunnen gaan. Het grondvesten van een bepaalde weg had altijd tot doel het menselijk denken te verenigen met zijn emotionele bezieling. Wat tenslotte dikwijls ontaardde in intellectuele muggenzifterij.

Om een achtvoudig Pad te bewandelen, waarbinnen godsnatuur en tijdelijke natuur verenigd worden, behoeft men geenszins een intellectueel mens te zijn, doch wel een mens met inzicht.

Inzicht is een geheel ander begrip dan intellectualiteit. Inzicht baseert zich op het ervaringsbewustzijn uit verschillende levens, intellectualiteit is een training van de hersencellen.

Wanneer de mens meent, dat een spirituele weg, onverschillig of men deze weg al dan niet achtvoudig noemt, beginnen kan zonder zichzelf te funderen in een hoge moraal, dan gaat hij van een totaal verkeerde denkrichting uit. Wanneer hij tevens meent, dat hij een spirituele verwerkelijking, naast zijn compromisvolle grofstoffelijke levenshouding wel even kan vervullen, is hij verkeerd ingelicht.

Het samensmelten van de basisvierkanten van hemel en aarde, leidt altijd tot de consequentie, dat de tijdelijke mens terug moet keren tot de onaantastbare staat van de maagdelijke, tijdelijke natuur.

Een achtvoudige weg, die altijd tot een zodiakale doorbraak voert, die, zo zegt de oude wijze, « het grootste mysterie vormt dat de mens kent », begint pas wanneer de mens op het harmonisch vierkant van de tijdelijke natuur staat. Alle gevecht met en tegen de disharmonie van de eigen verbroken natuur, brengt de kandidaat niet buiten de gevangenis van de zodiakale ommuring, noch geeft het hem een innerlijke verlichting.

Zolang de kandidaat compromissen blijft sluiten met de individuele disharmonie, is het begin van de spirituele verwerkelijkingsweg nog niet gemaakt. Over een hoge moraal zou er onder de spirituele pelgrims niet meer gesproken moeten worden, omdat deze vanzelfsprekend is.

Waar men ook speurt in de getuigenissen der Boodschappers, allen gaan uit van een hoogstaande levenshouding, waarin begrepen is de liefde tot ieder levend schepsel en de verdraagzaamheid tegenover de onwetenden. Gezien het feit dat elke hoog morele levenshouding uitgaat van een christo- of zielecentrale denkrichting, zal de kandidaat nooit blijven aarzelen bij de gedachte: « hoe dien ik mijzelf? », maar altijd bij het « hoe dien ik mijn naaste? »

Deze gedachte is bepalend voor zijn levensinstelling.

Juist in deze Aquarius-era, waarbij de nadruk ligt op de ideale individuele levenshouding tegenover de naaste, wordt de mens gedwongen tot het verbreken van de individuele en cosmische gevangenis, zodat het grootste mysterie, de zodiakale verbreking, in deze tijd nader tot hem wordt gebracht.

Het levenspatroon van de mens getuigt van het middelpunt van zijn gedachten. Zijn woorden, zijn leringen, kunnen nog zo verheven zijn, indien zijn gedragspatroon het ego, het zelf, tot middelpunt heeft, verandert er niets. Spiritualiteit is dan een gewenning, een ingeweven levenspatroon.

Deze 20ste eeuw, waarbinnen de Pluto-werking duidelijk merkbaar is, zoals bij de ontwikkeling van de grensverruimende natuurlijke en chemische middelen, plaatst iedere waardevolle spirituele mens voor de consequenties van zijn woorden. Er straalt momenteel een vernieuwende, verbrekende kracht de kosmos binnen, die zal leiden tot een totale omzetting van alle, vaststaande, religieuze opvattingen.

Het aanhangen van een zevenvoudige weg, van een zevenvoudige inwijding of spirituele ontwikkeling, zoals men in velerlei occult-filosofische leringen tegenkomt, zal op nieuwe wijze worden belicht, de muur van de zevenvoudige pantsering, gebaseerd op de demonische wet der zeven planeten, wordt door het plutonische geweld uiteengereten.

Niet slechts in de wereld, maar vooral in de mens zelf.

Dit openbreken van de planetaire beslotenheid, die de mens tot verstikkens toe, sinds vele eeuwen, omringt, heeft twee werkingen, of de kandidaat bereikt de spirituele grens-overschrijding, of hij vernietigt zichzelf door de gedwongen grensovergang.

Er komt een ogenblik dat geen enkel spiritueel mens de stilstand meer zal kunnen handhaven, hoezeer hij een beslissende stap ook vreest.

De kandidaat, die in dat ogenblik de aanvang van het achtvoudige Pad, d.w.z. hoge moraal, waarachtigheid, reinheid en ziele-centraliteit nog niet heeft gerealiseerd, zal ervaren dat hij teruggeworpen wordt in de a-spiritualiteit, de materie, terwijl zijn hunkering langzaam sterft en zijn heimwee tot een verre, hinderlijke roep wordt.

Deze plutonische werking is zich reeds aan het voltrekken en de scherpe waarnemer zal deze kunnen herkennen. De versteende rust binnen de theoretische heiligheid van de zevenvoudigheid, zoals die in zoveel groeperingen uit verleden en heden voorkomt, wordt ruw verstoord, waardoor de werkelijkheid boven komt in de desbetreffende leer, in de desbetreffende mens.

De ontgoocheling kan wreed zijn.

De astrosofie, de oudste lering in de wereld, onderkent men eveneens in de woorden van Meester Eckehart: « de twaalf krachten der ziel moeten in harmonie komen ».

De ziel is de kern van het micro-universum van de godszoon, waarbinnen de twaalf harmonische zodiakale werkingen in eenheid moeten samenwerken, zoals de klok van Apollonius van Tyana, waarbij de Lichtende Straal der Godsnatuur tot wijzer dient.

Het eerste uur van deze twaalfvoudige klok of harmonie is gelijk aan het begin van het achtvoudige Pad, waarvoor alle occult-filosofische leringen blijven steken.

Een hoge moraal houdt nl. niet slechts een cultureel beschaafde levenshouding in, maar juist een innerlijk beschaafde levensinstelling, waarbij al die kleine belemmeringen, waar sommige kandidaten zo mee worstelen, volkomen worden uitgedaan, als een vanzelfsprekendheid. Iedere spirituele kandidaat, die geen compromis wenst te sluiten met het ego, zal de plutonische werkingen van deze era ondergaan tot een vernieuwing. Het is de zweep, die hem zal doen ontwaken uit zijn schijnrust en hij zal deze plutonische tuchtiging herkennen en er een verdiepter inzicht door ontvangen.

Zodra deze plutonische zweep de spirituele mens raakt, zal hij in een flits de demonen herkennen, die nog niet neerknielen om het Eerste Uur van Bouw te volbrengen.

De hermetische verwijzing naar de achtste zoon der goden: Aesclepios, moet de spirituele mens tot nadenken stemmen.

Op deze Aesclepios meent de huidige geneeswijze zich te funderen, hoewel de genezing achterwege blijft.

Er is slechts één mogelijkheid tot heiliging, genezing en heling en dat is de uitbraak uit de zodiakale zevenvoudige omarming en de aanvaarding van de achtvoudige werkelijkheid, waarbinnen het Zijn of het Niet-Zijn voor de kandidaat tot werkelijkheid wordt.

Binnen de zevenvoudige planetaire greep zijn er allerlei compromissen mogelijk, aangezien er geen sprake is van een werkelijke bevrijding, zolang de kandidaat zich aan de regels van de verbroken zevenheid houdt. Waagt deze kandidaat zich echter te verheffen tot een Aesclepios, een genezer, voor zichzelf en voor zijn naaste, dan komt de grote proef.

Christiaan Rosencreutz zei aan het einde van zijn zevende dag: « Dit is de zwaarste beproeving die ik heb ervaren! »

Doch deze proef is in werkelijkheid niets anders dan het testen of de kandidaat waarlijk gereed is voor het achtvoudige pad of de doorbraak tot een hogere trilling, waarbij Saturnus zijn loden bescherming niet meer als afweer gebruikt.

De kandidaat wordt getest op zijn gradatie in het Niet-Zijn.

Waar bevindt hij zich in werkelijkheid?

De boeddhistische vier waarheden of vier vragen smelten ineen tot een innerlijke waarde, die op de weegschaal wordt gelegd.

Op dat moment is het van geen belang of deze kandidaat theoretisch de werkelijkheid van het achtvoudige Pad begrijpt, maar of hij bereid is te doen waartoe hij zegt geadeld te zijn.

Het loslaten van alle bezit b.v., zoals dat in het Scheikundig Huwelijk naar voren komt, is een onderdeel van de test. 

De kandidaat van dit Pad moet ten allen tijde in staat zijn zijn bezit los te laten, hetzij kennis, hetzij aardse goederen, hetzij emotionele waarden. Dat is een vorm van Niet-Zijn.

Geen enkel bezit kan men medenemen door de saturnale Poort.

Bezit schept leed, maar zodra men de binding met zulk een bezit, emotioneel en mentaal verbreekt, dooft men het leed.

Binnen de zevenvoudige demonische greep kent men het compromis tussen hemel en aarde, tussen Zijn en Niet-Zijn, dat altijd tot een fatale situatie leidt. De cosmische vergiftiging en de menselijke ontsporing zijn daarvan een getuigenis.

Het compromis tussen het Zijn en het theoretische Niet-Zijn heeft zijn hoogtepunt bereikt, vandaar de ingreep van Pluto.

Men kan de zeven dagen, of de zeven inwijdingen op astrosofische wijze benaderen, door het trapsgewijze boven elkander te plaatsen. Dan zal er op de laatste, op de zevende trede iets moeten gebeuren, nietwaar?

Men zegt altijd: « Dan staat de kandidaat voor de poort! »

Maar  deze poort zal blijken gesloten te zijn, wanneer de kandidaat de zeven treden theoretisch, planetair gebonden in astrologische betekenis, heeft bestegen.

In alle zevenvoudige leringen leest men dat de kandidaat voor de poort staat, zoals Christiaan Rosencreutz voor de poortwachter staat. Voor de poort staan is het opgestegen zijn tot aan de hoogste natuurlijke verwerkelijking, tot aan de hoogste harmonie binnen de tijdelijke natuur.

De trap met zeven treden kent dus zeven gaven, die stuk voor stuk, procesmatig, na elkander, zoals de omwending der zeven chakra's, door de kandidaat moeten worden verwezenlijkt.

De eerste trede staat gelijk aan de Opname, of de Hunkering, die slechts door de ziele-aanwezigheid een spirituele waarde ontvangt. Geheel de mensheid wordt gedreven door een aanzicht van deze opname of hunkering. Voor de zielloze mens is deze ontaard in begeerte, bij de zielvolle mens spreekt men van Oerverlangen.

Het oerverlangen stijgt op uit de diepste diepte van de mens. 

Voor de zielloze mens is dat de ego-kern, die zijn vertakkingen in de astrologische aanduidingen heeft, voor de zielvolle mens betekent dat het atoom der ziel, wier werkingen men in de astrosofie herkent. Hiervan is het afhankelijk of de poort aan het einde van de trap, of aan het einde van de zevende dag, gesloten dan wel geopend is.

Iedere kandidaat zal worden beoordeeld naar zijn wezenlijke Zijn en zijn wezenlijke Niet-Zijn, wanneer dit ogenblik gekomen is.

En dit belangrijke moment is bijna aangebroken, omdat de tijdelijke natuur moe geworden is, ziek geworden is en hoewel het proces van verlossing nog niet is volbracht, is het uur der beproeving of der keuze, naderbij gebracht, naderbij geforceerd, door de onzegbare arrogantie van de gevallen Lichtzoon.

Daarom is het noodzakelijk, om dat Vierkant van Bouw, die vier vragen zo direct mogelijk voor te houden, omdat men als spiritueel mens, op de waarheid van deze vier vragen zal worden beoordeeld.

De vrijwel alom vereerde demonische zevenheid heeft tot resultaat gehad, dat er een kunstmatig krachtveld om wereld en mensheid werd getrokken, een trillingsveld, dat voortdurend belevendigd wordt, dat de mensheid insluit in een cirkelvormige, abstracte vibratie. Op alle mogelijke wijzen wordt dit krachtveld (een krachtveld is altijd cirkelvormig) versterkt. Een voorbeeld zijn de Japanse rituele klokken, waarvan de klepels binnen een cirkelvormige omheining heen en weer bewegen en de mens emotioneel, magisch met de omcirkeling van de planetaire overheersing verbindt; de gebedsmolens hebben dezelfde bedoeling, evenals het bidden met behulp van een rozenkrans.

Alle gebaren en gedachten beperken zich binnen een cirkelvormige beweging, de mens wordt opgesloten, er is geen doorbraak, slechts een versterking van de ommuring.

Hetzelfde gebeurt met een herhaald mantram.

De natuur, de individualiteit, de directe weg-omhoog langs de Hermesstaf wordt gesmoord, verstikt door de wurging van de slangenkracht, die slechts op eigen voordeel is belust.

Astrosofie is zelfstandig denken en zelfstandig verwerkelijken, niet langs de gebaande wegen van een medemens lopen, want er bestaat geen één en dezelfde weg voor twee mensen.

Astrologie is het volgen van geëffende wegen binnen de zevenvoudigheid.

Het grootste mysterie is het verbreken van de zodiakale wurggreep. Dat is de opgave voor de gnostieke ketter!

Over dat grote mysterie kan men niet spreken, men kan dit slechts bewijzen door de daad.


1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene