De denkrichting van de mens moet zich verruimen langs zeer persoonlijke banen en vanuit een kern die zich in elk individu bevindt. De zg. 'overgave' heeft aldus twee aspecten: activiteit en inactiviteit. Elke concentratie of bezinning moet ook deze tweevoudigheid kennen. Het wegzinken in een bepaald groepsdenken, in een bepaalde groepsgedragslijn maakt van het individu opnieuw een schoolvis.

Met behoud van eigen kleurnuance behoort de geestelijke mens zich te kunnen samenvoegen met zijn individuele soortgenoten, d.w.z. met zijn geestelijke verwanten of Lichtzonen.

Dat is een gedragslijn die anti-natuurlijk is en uitsluitend geestelijk. Vandaar dat de resultaten summier zijn: hierin slagen slechts de waarlijk geestelijke individuen. De tussenfase is het trachten samen te gaan met de geprononceerde, dus reeds geestelijke, mensen. De tussenfase bestaat uit een zelfbeheersing voor wat betreft het natuurlijke ego, waarin de concurrentie en agressieve drift altijd aanwezig zijn en het zich in denken en emotie afstellen op de geest, die deze driften niet kent.

Het is de overgangsperiode waarin waarachtig willende en hunkerende geestelijke individuen zich bevinden.

Men zegt: « een geestelijk mens vecht niet, concurreert niet, streeft niet, bezit geen agressie ». Goed! Maar de massamens bezit deze ook niet. Die driften worden in hem opgewekt door een leidend individu. In elk individu, (d.w.z. iemand, die zich losmaakt van de massa en zich ontplooit), staan deze instinctieve driften op. Indien dit niet het geval is, is hij nog geen individu, maar een massamens, iemand, die wordt gemanipuleerd, onverschillig door wie of wat.

Een andere kwestie is of de geestelijk ontwakende mens aan deze manipulaties toegeeft, in gedachten, in verborgen emoties. Vanzelfsprekend laat hij zich nooit openlijk gaan, dat is deze mens beneden zijn waardigheid, behalve wanneer een soortgenoot, een sterk en begaafd individu hem naar de kroon steekt.

Deze situatie kan men in alle religieuze, maatschappelijke, esoterische en kunstzinnige groeperingen zien: de vrees voor gezichtsverlies. De angst om een sterker, begaafder, 'geestelijk wijzer' mens naast zich te vinden. Dat is geen ingeboren vrees van de massa's, maar van de individuen.

De massamens zoekt altijd een leider, een individu, dus heeft hij hem nodig. Het individu zoekt een massa, een gehoor, een discipelenkring. Elk zich geestelijk ontwikkelend individu moet door deze confrontatie met het instinctieve ego heen.

Slechts de grootste wijzen weten dat dit een beproeving is; alle anderen hebben schone theorieën, maar kennen de praktijk niet.

Het zich vasthouden aan de hand van een meester, voorkomt deze confrontatie, evenals het een individuele ontwikkeling voorkomt.

En dat is prettig.

Dat zal althans de zich nog niet losgemaakte mens als aangenaam ervaren, maar het reeds enigszins ontwikkelde individu gruwt ervan. Hij kan er niet tegen in zijn innerlijke ontplooiing te worden afgeremd. Dit zijn de mensen, die beslist in een confrontatie-situatie met hun ontwaakte, zeer individuele ego worden gebracht. En dan gaat het er maar om: wie wint?

De geest of het ego?

Dat is nu te herkennen aan hun etherische trillingscoÎfficiÎnt en hun kleurengamma. Zelfs hun diverse beslissende ontmoetingen zijn daaruit af te lezen. Omdat elke overwinning, evenals elke nederlaag een bepaalde kleurennuance vormt.

Deze confrontatie heeft niets te maken met de aard van de persoonlijkheid, zijn sterrenbeeld of dergelijke; hoogstens verschillen de confrontaties enigszins, omdat elk ego zijn eigen kleurenspectrum, dus zijn eigen karaktersamenstelling bezit.

De geest is echter universeel; geestelijke ontwikkeling bezit altijd een trilling en een kleurnuance, die uit één bron en één kleur voortkomen. Zoals goud en diamant dezelfde trillingscoÎfficiÎnt bezitten, zo zijn de geestelijke gouden kleur en de geestelijke trilling in overeenstemming met elkander.

Ontspannen mensen slagen erin hun kleurenspectrum en hun trillingen op elkander af te stemmen en dat geeft een gevoel van bevrijding, rust, een sensatie dat men geestelijk alles kan.

Maar het verhoogt en veredelt noch de trillingen noch de kleuren.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene