Daarom is gelijkmatigheid, als één van de andere zestien punten, niet hetzelfde als ongeïnteresseerdheid en onverschilligheid.

Uit gelijkmatigheid groeit een evenwichtig ego, het is een evenwicht tussen emotie en denken, wat moeilijk te verkrijgen is, want de mens heeft dit niet in de hand, omdat gelijkmatigheid is een gevolg van een innerlijke standvastigheid.

Het onderkennen van geestelijke waarden en daarmede intensief verbonden zijn, maakt de mens gelijkmatig, onverschillig de omstandigheden.

Zoals altijd heeft het ene type meer feeling met een punt dan het andere type, maar in werkelijkheid is nog altijd de opgave: evenwicht tussen de vier elementen, vuur, water, lucht en aarde, juist wanneer de ether, het vijfde element onrust tracht te brengen.  Zij vervult de opdracht van de dertiende en beproeft de mens.

Zoekende mensen, als spiritueel gerichten, komen dagelijks in contact met de ether en dat heeft op ieder type een andere uitwerking. Zulk een aanraking rukt de mens uit zijn passiviteit en ook uit zijn gelijkmatigheid; het dwingt hem stelling te nemen en dat is dan het begin van alle beroering.

Ketterij is het begin van bewogenheid, waarna een reeks van innerlijke activiteiten volgt, tot tenslotte de mens beseft terug te moeten keren tot de gelijkmatigheid. Overal vindt men analogieën tussen het natuurlijke leven en het geestelijke leven. De ziel moest vallen om te beseffen, dat haar oorspronkelijke veld haar werkelijke tehuis was. De mens moet allereerst uitbreken, alvorens te ontdekken dat hij zijn innerlijke vrede en gelijkmatigheid moet terug verkrijgen. Daarom ontmoeten  onzelfstandige mensen en ketterse individuen elkander nooit in spiritueel opzicht, de eerste mist de ziele-ervaring van de andere.

De tevreden exotericus kent noch de onrust, noch de diepte van de gelijkmatigheid van de gevorderde esotericus. Men wordt in de woelige baren van de innerlijke beroering gestort en moet dan proberen opnieuw grond onder de voeten te krijgen, terwijl men de eens verlaten kust afwijst.

Het is toch logisch dat daardoor een innerlijke strijd, met gebeden, met wanhoopskreten en bittere ervaringen ontstaat?

Hij, die dit ontkent, kent de innerlijke bewogenheid van de ketter niet! De intensieve bezieling, dat innerlijke weten, die hem positief de oude zekerheden deden verlaten. Dan pas begint het Pad, dan komt men terecht in de werkelijkheid van de etherische bemoeienis, die onvoorziene omstandigheden en aanzichten medebrengt. Alles wordt deze mens uit handen geslagen, totdat hij zichzelf durft te verlaten op zijn innerlijke schat, zijn enige reddingsboei.

Wordt hem niet alles uit handen geslagen, dan is dat een bewijs dat de innerlijke boei nog niet voldoende aanwezig is. Hij, die volkomen alleen komt te staan, bezit innerlijke kracht en hij wordt daarmede in kennis gebracht, zodat hem een nieuwe, onvergankelijke zekerheid wordt getoond. Uit deze zekerheid, bevochten en beleden, komt dan de gelijkmatigheid voort: Het is goed zoals het gaat. Een regel, die de beginnende ketter haat, die de eerzuchtige emotionele mens verafschuwt, maar die slechts de tot in zijn ziel beproefde pelgrim begrijpt.

Hij kan de onderstromen aan zich voorbij laten gaan en herkent de wispelturigheid van de chaos, waarin hij terechtkwam.

Het gaat dus weer om die overgave, die vrijwel altijd verkeerd wordt begrepen. Zich overgeven kan men pas na alles te kennen, alles te hebben doorstaan, alles te hebben beproefd, hetzij nu, hetzij in vorige levens.

« Wijsheid komt na diepe ervaringen », zegt de alchemist.

Elk type gaat zijn eigen weg en vindt zijn eigen oplossing om de gelijkmatigheid, het evenwicht tussen de vier pijlers te bewerken, ondanks de onrust die de ether of de geest daarin teweegbrengt.

Iedereen ontdekt zijn eigen formule, omdat geen mens gelijk is.

Eerzucht is een passie van de lucht of het water, van het vuur of de aarde en uit zich daarom verschillend:

emotioneel — intellectueel — driftig — fanatiek — of stug doorzettend, zekerheid bouwend.

Daarom is het onderkennen daarvan een zeer individuele zaak en het komen tot evenwicht eveneens. Juist het specifieke eigen element, afhankelijk van het type van de mens, is zo moeilijk te beheersen.

Niemand kan daarom zijn naaste beoordelen of veroordelen, men kent zijn materiaal niet, noch zijn spelsituatie.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene