Men moet het Pad tot de goddelijke Hoogten niet al te simplistisch voorstellen, niet voor niets worstelt de mens reeds vele levens lang om die top der versterving te bereiken. Die vergiftigende primitieve instelling Als ik mijn zonden op Jezus gooi en Als ik mij maar op de Gnosis gericht houd is de grond waarin luiheid, wellust en gierigheid welig tieren.

Niettemin is de gronduitspraak raak.

Maar Hoe en Wanneer is men op de Gnosis, God, gericht?

En waarmede richt men zich?

Daaraan moet deze mens denken!

De overgave-idee, die bij deze mensen centraal staat, kan maar al te dikwijls ontaarden in gemakzucht, maskerade, hypocrisie, waarachter een tweede, a-spiritueel leven verborgen wordt.

Maanmensen zijn krachtig, doordat zij zichzelf opblazen met levenstrillingen, zij zijn machtig in negatieve, absorberende zin.

Niet krachtig in uitstraling, maar machtig door inwerking:

hetzij zichzelf daardoor vernietigend, hetzij zichzelf van binnenuit optrekkend. 

Uitstralende typen uiten zich in spreken en doen, inhalerende typen uiten zich door denken (piekeren), opzouten, aanvaarding. Uitstralende typen zijn magisch, dikwijls dwingend en dominerend, inhalerende typen zijn impressionerend door het ondoorzichtige, het geheim dat zij mede kunnen dragen. Het fluïdum van de ene mens stimuleert tot actie en van de andere mens zet het aan tot overpeinzing.

«  Stille wateren hebben diepe gronden. »

Dit is voor de Maanmensen en speciaal voor de watermensen een waar woord. Diepe gronden verbergen geheimen, schoonheid, afgronden, maar ook monstrueuze gedaanten.

Een hoofdzonde kan opgeheven worden door zijn tegenstelling, maar dat wil niet zeggen dat hij volkomen is uitgewerkt.

Drift kan beteugeld worden door stilte, zelfbeheersing, maar dat wil niet zeggen dat de angel van de drift werd uitgerukt, hij werd slechts beheerst. 

Afgunst kan worden teruggebracht door begunstiging, waarmede er een tijdelijke rust gekomen is.

Wellust kan beteugeld worden door onthouding, afwijzing, waardoor er een kunstmatige onbewogenheid ontstaat.

Luiheid kan bedwongen worden door uiterlijke beweging en verandering, waardoor de schijn van innerlijke levenskracht gewekt wordt.

Beheersing is een oefening der zintuigen, van het denken, van het willen. Zelfbeheersing, waardoor de hoofdzonden gemaskeerd worden kan men aanleren. De occulte leringen staan vol met oefeningen. Doch in werkelijkheid verandert er innerlijk niets!

Men dekt slechts de zonde toe. Vandaar dat men van zulke mensen vaak het gevoel krijgt dat zij niet 'waar' zijn, dat zij verpakt zijn in plastic. Zij projecteren zichzelf door een waas van kunstmatigheid en wekken de schijn van wijsheid, rust, liefde en verdere edele gaven.

Er heeft geen omzetting plaatsgevonden, maar er werd slechts een tegenzet gedaan in het schaakspel van het leven. 

Men kan zeggen dat er remise werd gespeeld!

Voor een omzetting, zoals Saturnus omgezet moet worden in Christus, heeft men zielekracht nodig en geen methode!

Aanwijzingen zijn noodzakelijk om de muur rond de ziel te slechten, maar is die muur eenmaal geslecht, dan weet de ziel intuïtief en gewetensvol de Weg naar Huis te vinden.

En dit is de opdracht voor ieder mensenkind, onverschillig zijn aard, zijn belemmering, zijn gaven. Indien een mens hierin inzicht krijgt, is dat een genade, maar met zulk een genade moet gearbeid worden, opdat zij niet zal verstikken of wegvloeien.

Hij, die dit weet arbeidt verder!

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene