Voorbereiding

Indien gij een spiritueel mens zijt, pelgrim, sluit dan uw zintuigen voor het rumoer en de materiële jacht dezer tijden.

Trek u terug uit de stroom der neergang en baadt u in de bron der hemelse meren!

Herstel uzelf in dit water des Levens en roep uw ziel!

Bepaal u bij het waarachtige doel uws levens, pelgrim, en gij zult weten wie u bent.

Hij, die zijn innerlijke Licht brandende houdt behoeft nimmer beangst te zijn, noch smarten te lijden. Want dààr waar het Licht is, is God.

Sterk uzelf met deze waarheid.

Gebed

In de tuin uwer Heerlijkheid, Vader des Levens, werpt uw Levensboom zijn schaduw over de smartvolle herinneringen waarin mijn hart wandelt langs de paden der wanhoop!

De geuren en winden van uw Hof voeren de hoop tot mij waarin de kroon der schone Geboorte glinstert als de ster van een roze-roden Aurora.

Al het Leven in uw scheppingsruimte zingt het lied der vernieuwing — dat weerklank vindt in het atoom mijns harten, en vreugde tot mij zendt.

Zolang deze sterkte uws Levens mij steeds weer aanraakt als ene herschepping vind ik uw Gelaat terug in de weerspiegeling mijner ziel, waarbinnen Intuïtie en Geweten de vuurdans dansen.

Laat de Fontein in uw Hof waterdroppelen strooien over het Licht mijner Ziel, opdat de nieuwe Hemel-Aarde tot wasdom kome, Vader!

Amen

Het zo boven zo beneden reflecteert zich in ieder mens. De vijf elementen kan men terugvinden in de samenstelling van het menselijke lichaam. Ieder mens is een schepping, een eenheid op zichzelf. Het schepsel is een concentratie van de schepping.

Astrosofie is de leer van deze geconcentreerde schepping: de mens. Als menselijk schepsel draagt iedereen de kern in zich van de transfiguratie, een natuurlijk omzettingsproces, maar hij draagt tevens in zich een kern van het geestelijke transfiguratie-proces, waarbij de ziel het instrument wordt.

Het ene proces kan zonder het andere niet bestaan.

Hoge moraal, edel streven, humaan denken kunnen niet waarlijk iets veranderen aan dit proces, daar zij een voortbrengsel zijn van een innerlijke verandering. Deze innerlijke verandering begint niet bij de hoge moraal, bij het humanisme, of het ideële streven, maar al deze acties zijn vruchten van een innerlijke werkelijkheid.

Er zijn vele gewoonten, ook edele gewoonten, die men zich kan aanwennen, zij komen van buitenaf, nooit van binnenuit.

Het menselijke schepsel, als reflectie van de schepping, is echter een voldongen feit, de vijf elementen zijn aanwezig. 

Deze elementen kan men nooit van buitenaf tot zich trekken, zij zijn vanaf de aanwezigheid van de mens in deze natuurorde een deel van zijn wezen. Men behoeft geen intellectueel te zijn om de vijf elementen terug te kunnen leiden tot het individuele samenstelsel van de mens.

Daar waar men de vijf elementen: aarde, water, vuur, lucht en ether in de natuur aanwezig weet, daar moeten zij eveneens in de mens zelf terug te vinden zijn. 

De vier Waarheden van Boeddha zijn geconcretiseerd in de materie, in het materiële menselijke stelsel. Saturnus, als Heer van de aarde, de bewaker van de grenzen, de onverzettelijke poortwachter, is te herkennen in het lichaam van de mens, d.w.z. in de gevangenis van het lichamelijke wezen. 

Het lichaam is de individuele aarde, met als regerend vorst: het saturnale ego.

Saturnus-mensen sluiten  zichzelf dikwijls op in de begrensdheid van een fictie, zij verharden zichzelf in de wereld van het ego.

Het saturnale ego tracht altijd de mens te beperken, hem op te sluiten, een poort tot de vrijheid, tot het onbegrensde, te vergrendelen. Daarom brengt b.v. een Saturnusjaar verharding in de eigen ideeën, de macht van het ego.

De mens is, als pelgrims op deze aarde-planeet, besloten in het individuele aarde-element: het lichaam. Men komt daar niet onderuit, maar men moet daar doorheen, dit beletsel kan men nooit door een wilsinspanning afwerpen, maar men moet het overwinnen.

Het opgesloten zijn in het aarde-element is geen straf, maar onderdeel van het te volgen transfiguratieproces, eerst natuurlijk, daarna geestelijk. Intellectualiteit ligt buiten dit proces en heeft er geen deel aan, maar is altijd een werking van het ego, binnen de gevangenis van het saturnale aarde-element. Alles wat binnen het stoflichaam gebeurt, is onderdeel van een saturnale actie. Het is niet slecht, maar ook niet vernieuwend of bevrijdend.

Saturnus kan Saturnus niet bevrijden, hoezeer hij zijn eigen gaven ook veredelt. Hij heeft daarvoor de medewerking nodig van de vier andere elementen.

Intellectuele spiritualiteit is geen geestelijke werkzaamheid, maar altijd een spel van Saturnus of het ego. Zelfs een hoge morele levenshouding, met interesse voor de spiritualiteit, kan een spel van het saturnale ego zijn.

Het element aarde, of het lichaam,  zal deel moeten nemen aan een natuurlijk transfiguratieproces en moeten veranderen in een Nieuwe Aarde of een Nieuw Lichaam.

Het element water wordt in het individuele stelsel van de mens vertegenwoordigd door zijn etherische lichaam, het z.g. etherische dubbel. In de symbolentaal wordt water dikwijls gebruikt als een aanduiding van etherkracht. Het etherische dubbel is het absorberende, geleidende voertuig, zoals in de natuur de wateren hun absorberende, ontvangende en geleidende taak hebben. Het etherische voertuig is het ontvangende veld van alle impulsen uit de buitenwereld, of uit de geestelijke sfeer.

Vanuit dit etherische dubbel wordt het stoflichaam, de menselijke individuele aarde, belevendigd. Het denken, als een directe dienaar van het etherische dubbel, daar het via de etherische kracht werkzaam is, kan het stoffelijke lichaam gezond houden, dan wel ziek maken. Een mediamiek, zwak etherisch dubbel veroorzaakt kwalen in het stoflichaam. Een toegesloten, bevroren etherisch dubbel bewerkt keihard materialisme, een egodrift die kan leiden tot vergiftigings- en verhardingskwalen.

De gedeformeerde toestand van de individuele etherische voertuigen veroorzaakt momenteel de onevenwichtigheid van de mens. Of men niets ontziend materialistisch is ingesteld, of dat men exaltatisch religieus wegzweeft, beide verschijnselen komen voort uit de ontreddering van het etherisch dubbel.

Het waterelement van het individuele schepsel is vergiftigd, kent zijn richting en zijn taak niet meer. Een normaal antwoord op de vergiftiging van de wateren der aarde, de grote schepping.

Mens en planeet zijn onlosmakelijk aan elkander verbonden, daaraan doet de stoffelijke dood niets af.

Vanuit het etherisch dubbel komt het prana tot het stoflichaam, een prana dat het beendergestel, de saturnale constructie van de individuele aarde, zijn kracht schenkt. Het beendermerg bevat een levensenergie voor de mens. Ziekten van het beendermerg zijn fataal, het is een noodlottig gevolg van de vergiftiging van het individuele levensprana.

De vier elementen behoren bij elkander, de aarde en de wateren vormen één geheel, zoals het stoffelijke lichaam met het etherische dubbel één lichaam vormen. Tussen deze beide bevindt zich het zenuwgestel als verbindende schakel.

Het is opmerkelijk dat veel spirituele zoekers kampen met een zwak zenuwgestel. De gevoeligheid van een etherisch dubbel vraagt een intense activiteit van het zenuwgestel.

Iemand, die stalen zenuwen bezit, zoals de volksmond zegt, bezit nooit een gevoelig etherisch dubbel, eerder een afgesloten etherisch lichaam, niet beantwoordende aan zijn opdracht.

Het individuele aarde-element is gezond, natuurlijk, wanneer het stoflichaam gezond is. De wateren van de aardeplaneet vormen zijn dubbel, zijn etherisch lichaam, aarde en water zijn in een evenwichtige natuur harmonisch op elkander afgesteld.

Een aandoening van het zenuwgestel komt nooit voort uit een organische kwaal, maar altijd uit een opbraak in het etherische dubbel. Geluidshinder, spanning, vergiftiging van lucht (inademing) brengen disharmonie in het etherisch dubbel, waardoor het zenuwgestel zijn evenwicht verliest en daardoor tenslotte ziekten veroorzaakt in het element aarde, het stoflichaam. Gesloten mensen, zoals de saturnale typen en de aardetypen, kroppen hun irritaties, hun spanningen op in het etherisch dubbel, zij worden niet doorgegeven aan het stoflichaam, totdat een overmaat aan spanningen e.d. niet meer te verwerken zijn voor het zenuwgestel en er een uitbarsting volgt: depressies, ernstige organische kwalen.

Een vloedgolf van giftig individueel water (etherische kracht) overstroomt zo het stoflichaam (de individuele aarde) en dit verkommert. Van buitenaf, door de wil, is het etherisch dubbel niet te reinigen, hoogstens te beheersen, hoewel dit altijd een tijdelijke aangelegenheid is. Het moet, vroeg of laat, beantwoorden aan haar natuurlijke taak: het stoflichaam zijn levenskracht schenken.

Alle driftaanvallen, uitbarstingen van emotionele aandoeningen, bewerken een verzwakking van stoflichaam en etherisch lichaam.

Mensen met een gepassioneerde en emotionele aard zullen de kandidaat kunnen vertellen hoe zij zich na een uitbarsting grenzeloos vermoeid gevoelen, krachteloos, als losgeslagen. Het stoflichaam en het etherisch dubbel zijn geforceerd van elkander verwijderd, waardoor het stoflichaam geen levensadem, geen prana krijgt toegevoerd. « Ik voel me zo slap in de benen »,  zegt de geëmotioneerde mens.

Het beendermerg wordt zijn prana onthouden.

Het etherisch dubbel wordt altijd opgeladen, gevoed door waarachtige spirituele arbeid: innerlijke bezinning, hoger denken, uitwisseling van spirituele ideeën. Ieder mens weet hoe men zich daardoor belevendigd, versterkt kan gevoelen 

Een te zwak etherisch dubbel laat zijn levenskracht afvloeien, waardoor het stoflichaam verzwakt, lijdende wordt aan allerlei nerveuze kwalen. 

Een te afgesloten etherisch dubbel staat nooit open voor spirituele belevendiging. Het ego blijft een op zichzelf gericht ik, afgesloten van de medemens, van de buitenwereld.

Sommige religieuze leringen versterken deze instelling, het ego vecht slechts voor zichzelf en voor zijn ziel. 

Van een goddelijke geïnspireerde ziel is hier geen sprake, want de ziel is een onderdeel van het Universele Licht en is nooit een afgescheidenheid, zoals het ego.

Het ziele-individuum is een ion van het grote Goddelijke Atoom, maar het ego staat op zichzelf en noemt zich hoogmoedig: individu, daar het de ware betekenis van het 'individuum zijn' vergeten is.

Indien  het natuurlijke transfiguratieproces zich in de mens zou voltrekken, dan geschiedt dit door middel van het vijfde element, aanwezig in de ziel. De ziel is een etherisch atoom, zij reageert op iedere etherische activiteit. De ziel is het gistingselement in het menselijke stelsel.

Men kan wel eens zeggen: « Hij vergiftigt zijn ziel »,  doch dat is niet juist. De ziel kan nooit vergiftigd worden, maar het etherisch dubbel, het water van het menselijke stelsel, wordt vergiftigd.

Iedere ziel reageert pas wanneer de vier elementen van het menselijke samenstelsel in harmonie zijn. Men kan tot in zijn hart geroerd zijn, men kan een waarheid herkennen, een woord met graagte beluisteren, doch dit zijn allemaal werkingen binnen het etherisch dubbel.

Als door bepaalde handelingen het menselijke stelsel, zijn vier individuele elementen, wordt verkracht, blijft zijn ziel gesloten.  De mens kan zich niet alles permitteren!

God is goed, zegt de gelovige mens.

Ja!

Maar er is een grens aan Zijn goedheid.

Veel mensen spelen met de hun toegemeten gaven, hun natuurlijke kwaliteiten, hun ingeschapen talenten. Hierdoor verliezen zij tenslotte hun vijfde element, d.w.z. dit verliest zijn ingeschapen werkzaamheid en dan ziet men dat zulk een mens, of een doorlopende twijfelaar wordt, zijn zekerheid verliezend, of hij verhardt in de natuurlijke vier elementen en is geen spiritueel mens meer.

Men moet eens bij zichzelf nagaan, waar de problemen, de kwaaltjes, de depressies en de zorgen vandaan komen. Men moet hen volgen tot aan hun oorsprong. Hun ontstaan ligt altijd in het ego, of in de wanhopige strijd van de ziel, die vecht tegen haar verstikking.

Ego-problematiek gaat voorbij met het op- en neergaan van de curve van het dagelijkse leven. 

Zieleproblematiek is blijvend, totdat men de spiritualiteit toelaat in het etherisch dubbel.

Er zijn mensen die hun leven lang tobben met zichzelf.

Dit is altijd een teken van zieleproblematiek: het ego zoekt zijn genoegdoening, hoe dan ook en waar dan ook!

Zieleproblematiek gaat veelal samen met een ontevredenheid met zichzelf, onverschillig welke functie men bekleedt of onder welke omstandigheden men leeft. Deze ontevredenheid is niet te verjagen door materiële overvloed, integendeel, noch is zij op te heffen door een voldoening van het ego.

De ziel, als etherelement, houdt deze onrust in de mens levendig.

Omdat zij iets anders, iets volkomen nieuws zoekt, iets dat niet te realiseren is door de gekristalliseerde vier elementen, maar tot stand komt door de vernieuwing der elementen.

De vernieuwing van de zeven metalen, zoals Paracelsus die beschrijft, komt dus met deze hermetische opvatting overeen.

Een goed, volwaardig ego is als een gezonde aarde.

Een ontredderd ego is als een verziekte aarde en men gevoelt zich altijd onzeker, ongefundeerd, de mens vindt geen innerlijke zekerheid. Dit kan het gevolg zijn van een voortdurend attaqueren van het ego op een geforceerde en fanatieke wijze.

Zodra de werkzaamheid van het ego wordt verstoord, waaronder men alle buitenissige egocentriciteit, intellectualiteit en spirituele exaltatie kan rekenen, wordt de mens een zenuwpatiënt.

Moderne drugs veroorzaken eveneens zulk een storing, zij tasten het egocentrum in de hersenen aan. Vandaar dat deze mensen overdreven gemeenschapszin hebben, de ego-bescherming is geforceerd verbroken.

Het lichaam met het saturnale ego als heerser en het etherisch dubbel met het zenuwsysteem als mercuriaanse heerser, mogen nooit van elkander worden gescheiden. 

Het is als het uiteenrijten van de aardeplaneet, een splitsing in aarde en water.

Meditatie moet dus altijd de eenheid van het etherisch dubbel en het lichaam bevorderen, nooit een afscheiding.

Levenstoevoer ontvangt men pas, wanneer het etherisch dubbel doorlopend het lichaam van kracht voorziet. De mens heeft er geen voordeel van, wanneer het etherisch dubbel reizen in het etherische gebied maakt. Dit is een saturnaal streven van de wil, van het saturnale lichamelijke ego, dat zijn passie overdraagt op het etherisch dubbel. De rollen zijn dan verwisseld: het lichaam regeert het etherisch dubbel en niet andersom.

De aarde regeert het water, d.w.z. Saturnus regeert de Maan en overheerst Mercurius, het zenuwgestel.

Er kan de mens niets overkomen, pelgrim, zo hij maar reageert op dat individuele vijfde element, de ziel.

De onrust leidt de kandidaat nergens naar toe. Hij moet zoeken buiten de materiële bevrediging, dan alleen zal hij de rust vinden, waarnaar hij zozeer verlangt.

Pas wanneer de geestelijke sfeer de mens blijvend omvangen houdt, wordt de rust tot een Innerlijke Stilte, die nimmer meer verdwijnen zal.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene