5 - de Rust

De vijfde gave is de Rust, een voorrecht van Jupiter.

Deze rust verkrijgt de mens pas, wanneer hij zeker weet, als een innerlijke waarheid, waar hij bij behoort. Als hij dus, zoals het jupiterische tin beoogt, gesorteerd is en zichzelf niet meer gulzig (de hoofdzonde van Jupiter) tot allerlei bronnen wil wenden.

Deze rust is de overtuiging van de innerlijke afkomst, de mens heeft zichzelf gesorteerd, ondergebracht. Wat er verder nog gebeuren kan, is niet van belang, hij weet wat zijn doel is, waar hij vandaan komt, waar hij heen gaat. Dan kan hij alle dingen onderzoeken, zich wijden aan de aandacht, zijn intelligentie scherpen aan de onderkenning en zich overgeven aan de innerlijke vreugde, hij verliest zijn rust nooit.

Men kan deze rust vergelijken met een gelijkmatige en evenwichtige ademhaling. De mens rust in deze ademhaling, deze gaat door, hoewel hij energie schenkt aan al zijn gaven.  Hij verliest zijn innerlijke zekerheid nimmer, omdat deze, als Jupiterische gave, het onzichtbare en het zichtbare gebied omvat.

Zulk een mens experimenteert nooit in het onzichtbare gebied, hij onderzoekt slechts datgene dat hij als waardevol erkent.

Hij is dus rustende in de Adem Gods.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene