8c - Simon Magus, de verdoemde tovenaar

Er is niemand meer vervloekt en verdoemd dan degene die men wel de Vader der Ketters noemt: Simon Magus. 

Hij was van geboorte een Samaritaan en predikte tegelijk met de apostelen 17 jaar na Jezus' dood. 

In Samaria had hij een grote aanhang en werd een concurrent voor Filippus toen deze in Samaria kwam om te prediken. In feite was Simon niet anti-christelijk, maar WEL anti-dogmatisch, anti-clerikaal en anti-imitatie. 

Zijn levensgeschiedenis en leer zijn uniek, omdat zij door de kerkvaders als voorbeeld gesteld werden voor de lachwekkendheid, het heidendom en de afzichtelijkheid van de ketterij en vooral de gnostiek. 

In Simon Magus kan men de verpersoonlijking zien van de twijfelachtige en niets ontziende methoden van de kerkvaders om zichzelf te handhaven en hun leer victorie te doen kraaien. 

Simon is, tot op heden, de schaduw gebleven waartegen de apostelen beter uitkomen. 


VERZINSELS 

Er zijn over hem allerlei verhalen bekend; te beginnen met de verhalen uit de Handelingen der Apostelen (8: 9). Daar staat dat Filippus Simon ontmoet en dat de laatste zich bekeerde tot het Christendom; daarna, omdat Samaria zich vrijwel volledig tot het christendom bekeerde, kwamen Petrus en Johannes om de 'handoplegging' te verrichten, 'daar allen wel bekeerd waren maar niet de geest ontvangen hadden." 

Dan wordt er verteld dat Simon deze geest van Petrus wild kopen voor geld; andere overleveringen vertellen dat Petrus Simon treft als deze in de lucht wil vliegen en hij 'in vier stukken dood ter aarde valt'. 

Het geestelijke kopen voor geld wordt heden nog 'simonie' genoemd, zoals een 'manie' (Mani) iets te maken heeft met een verslaving, veelal in slechte zin als uitvloeisel van de gnosticus 'Mani'. 


OPZET VAN DEZE METHODE 

Alle brokstukken van de historie aan elkaar voegende, krijgen we echter een bedenkelijke indruk van deze 2de eeuw d.w.z. het georganiseerde christendom was net zo fanatiek, intolerant, ijverzuchtig, als het hedendaagse. 

Men verneemt van Simon voornamelijk door de kerkvaders: Marcellus en Justus, de martelaar, verder door Hypollitus. Zijn leer komt hoofdzakelijk uit zijn eigen geschrift: DE APOPHIAS of de Verkondiging. 

Er is geen schriller tegenstelling denkbaar, dan de vermelding van de kerkvaders over zijn gedrag en leven en zijn eigen geschrift. De objectieve historicus herkent dit direct. 

Betekenisvol is het gedeelte in de Akten van Marcellus, waarin Nero Petrus ter verantwoording roept voor de moord op Simon en Petrus antwoordt: "Het is voor Simon een groot voordeel dat hij dood is, want door verder te leven zou hij slechts zijn hellepijnen verzwaren door zijn godslasteringen." 

In de Akten zijn deze woorden een compliment voor Petrus en zijn handelingen; je kunt er ook sceptisch tegenover staan, bezien in de eeuwenlange vervolgingen door de kerken. 


TOVENAAR 

Simon gold als tovenaar omdat hij zijn volgelingen boeide; hij zal beslist niet zo kinderlijk en pronkerig geweest zijn om zijn eigen 'tovenarij' te meten met die van Petrus, waarop die van Petrus hem dan in 'vieren gedeeld zou hebben'. 

Een vervloeking, die doet denken: of aan zwarte magie of aan een gewone moord. 

Daar bestudering van de geschriften der kerkvaders leert dat daarin alle 'ketters' bestiale mensen zijn geweest, dat zij kinderen, vrouwen en onschuldigen offerden, dat tegelijkertijd hun werkelijke leer uit elkander wordt gerukt en vooral de essentie, de kern ontbreekt, is het begrijpelijk dat de legenden en verhalen rond Simon Magus meer dan één vraagteken zetten. 


ZIJN TIJD 

Keren we ons tot zijn tijd: de eerste eeuw en voor zijn volgelingen ook de 2de eeuw na Jezus. 

De apostelen proberen een christendom te stichten op basis van hun eigen interpretatie van Jezus' woorden. 

Zij worden daarin belemmerd door allerlei sekten, o.a. de Essenen, de Kabbalisten, de Sethianen, de Ophiten, de Kanaäniten en de Mandeeën en diverse anderen; onder hen zijn de Ebionieten, die voornamelijk bestonden uit familieleden van Jezus en zijn directe vrienden. Zij waren arm, leefden vegetarisch en werden reeds door de eerste 'kerkvaders' als ketters gedoodverfd. 

Daarnaast is er Paulus die door de Ebionieten wordt gehaat (daarover zijn ook verhalen), omdat hij Jezus' woorden uit zijn verband rukt en een totaal nieuwe leer opbouwt, wortelende in de Griekse gnosis, of het Orphisme. 

Het is de mens eigen heldenfiguren en goden te scheppen uit gestorven leiders; dat hebben we ook met de apostelen gedaan. 

Kritische, niet door mystiek beïnvloede historische onderzoeken, geven ons een ander beeld van verschillende apostelen. 


VOLGELINGEN - SIMONIANEN 

De kerkvaders baseerden zich niet op de oorspronkelijke  'Apophias' van Simon Magus, maar op een uitgebreidere versie, die geschreven werd door zijn volgelingen, waarin Simon, hun gestorven leider, afgeschilderd wordt als een godheid, of als Gods Zoon, of als de Heilige Geest zelf. Hetzelfde is gedaan met de Jezusfiguur. 

Men neemt dit geschrift te baat om Simon zijn verregaande arrogantie te verwijten en daar zijn volgelingen veruiterlijkt hebben, hetgeen hij als innerlijke kracht zag, kan men een lachwekkende en vooral minderwaardige levensstijl hieruit opdiepen. 

Hetzelfde is gebeurd in de gewone geschiedenis met koningen en keizers, die teveel macht kregen. Zij zijn de geschiedenis ingegaan als verdoemden, moordenaars en beestenmensen.  

De geschreven historie is het tastbare beeld voor de denkbeelden van velen van onze huidige mensen en groeperingen. 

Maar die geschiedenisschrijverij kan willekeurig worden vervalst, zoals het interessante boekje: "Twee Duizend jaren een Boek", wel bewijst.

Men kan iemand uit de geschiedenis wegschrijven en men kan hen verdoemen. De subjectief oordelende massa aanvaardt alles. 

De SIMONIANEN maakten van Simon Magus een afgod, van zijn leer een uiterlijke demonstratie en deden hetgeen alle groeperingen NA DE DOOD van hun bezieler doen: zij herkauwen, verbeteren, breiden uit en interpreteren naar eigen goeddunken. 

Elke sekte, elke Boodschapper kent dat verschijnsel. Kerken, gnostieken, occulten, boeddhisten, enz. 


LEER 

SIMON moet, zo zeggen de historici, een groot filosoof en wijsgeer en bovendien medisch onderlegd zijn geweest. Hij vertoefde, evenals andere bekende gnostieken, in Alexandrië, dat kloppende hart van vele leringen. 

In die smeltkroes van Grieks-Hellenistische, Egyptische, Arabische en Joodse inzichten paste zijn leer wonderwel. 

Hij moet een volgeling zijn geweest van de legendarische Dositheus of Dostius, een Arabier. 

Deze had 29 mannelijke volgelingen plus een vrouw. Dat was de kern van zijn groep. 


OUDE TESTAMENT 

Simon heeft met de Katharen gemeen, dat hij het O.T. verwerpt als zijnde ongoddelijk; dat hij de Joodse God ziet als een rasgod, belust op wraak en dat hij de ziel ziet als afkomstig van een grote Onbekende God, die ook Paulus memoreert. 


KRACHT - VUUR 

Alles wordt voortgebracht door het vuur; de Eerste Kracht is als een VUUR, het vuur is de verwekker. De Grote Kracht is twee-in-één. 

Daarom kan hij uit zichzelf voortbrengen. Die KRACHT splitst zich in zes samengestelde manifestaties: GEEST - GEDACHTE - STEM - NAAM - REDE - OVERDENKEN. 

In de mens zowel als buiten de mens. 

De KRACHT is als het Pneuma, de geestelijke adem. Niets kan bestaan zonder dit pneuma, hetgeen de Chinezen CHI noemen. 

De PNEUMA moet aangewend, verbruikt worden anders trekt zij weg, zowel in de kosmos als in de mens. 


HEMEL EN AARDE 

Met de Stoïcijnen had Simon overeen dat hij de Hemel zag als de Vader en de Aarde als de Moeder. Ook Basilides zegt dit. 

D.w.z. De Hemel moet de Aarde doorlopend opwekken, bevochtigen met zijn dauw en zijn regen, opdat alle leven behouden zal blijven. Hetgeen uit de hemel komt, is als een belevendiging, de bliksem. 

Wanneer het Pneuma wegtrekt gaat men 'onder met de wereld', daarom worden wij door het Pneuma 'getuchtigd'. Shin, oerhunkering, Geweten, enz. 

SIMON had twee basisgedachten: 

1. de Dynamiek of de kracht; 

2. de Uitredding. 

De Dynamiek, bezieling, is voorwaarde voor de Uitredding. 

De mens, m.a.w. zijn ziel, is de middelaar voor deze Kracht. 

Hij kan dus door zijn ziel worden gered. 

Zijn ziel maakt door middel van deze Kracht, die als Pneuma in alles aanwezig is, alles mogelijk, van het nederige tot het hoge, maar kan ook het hoge tot het nederige maken. De Omzetting ligt in het werkzame Pneuma van de ziel. 

Onwerkzaam pneuma is waardeloos, zoals 'Wat is het geloof zonder de werken' wat is een leer zonder leven? 

SIMON was een bezield leider; zijn bezieling overweldigde de mensen, de vervloeking en de bedreiging van Simon door Petrus verontruste en beangste de mensen. 

Godslastering no. 1: hij zag zichzelf als God. Terwijl hij niets anders zei dan:

"Ik en gij, wij zijn één."  Uit het Hogepriesterlijk gebed! 

"Vóór mij zijt gij, na u ben ik." "Hij verwekt mij in alle eeuwigheid." ("Ik ben de Waarheid en Het leven, door mij komt gij tot den Vader.") 

Het is duidelijk dat Simon niet geloofde in een organisatie, die als middelaar of als dienaar van de Eerste Geest gold. 

Slechts de ziel van de mens is degene die het Pneuma in zichtbare vorm kan omzetten. Vooral door middel van zijn zintuigen. (Stoïcijnen) 

Zodra de geest tot daad moet worden, geschiedt dit via het innerlijk (de ziel) van de mens. 

Vanuit het innerlijk komt de geestelijke daad. 

Simon dacht monotheïstisch, ging uit van een Kracht, die in zichzelf twee was en dus voort kon brengen, TAI CHI - CHI. 


GETALLEN 

Hij zei dat "hij, die rechtop staat, staat naast God." 

Dit ging uit van de leer van Dositheus, die het bestempelde als 'hestôs', hij, die rechtop staat! Hij, die door God zelf opgericht wordt. 

De magiër, de Één, die zichzelf offert in de veelheid, want zei Simon: 

"In de schoot van de Grote Kracht is er een cirkel van doorlopend herstel: één wordt veelheid, veelheid wordt weer één; geest wordt stof, stof keert terug tot de geest (ziel - aarde - geest). 

De extase of de bezieling wordt vergeleken met de uitspraak van Paulus: Ikzelf leef niet meer maar Christus in mij. In de bezieling verkrijgt men andere zinnen, andere waarnemingen. 

Het Pneuma vernieuwt alle dingen. 


EMBRYO 

Men verklaart de medische kennis van Simon door de vergelijking van de baarmoeder met het Paradijs. 

Het embryo in de baarmoeder is als het wezen in het paradijs. 

Het wordt gevoed door het Pneuma, via de navelstreng, die zowel Pneuma als bloed overdraagt; in deze navelstreng zijn vier stromen, 2 voor de aorta, het bloed en 2 voor het Pneuma. 

De lever is bepalend in het embryo voor de opname van bloed en Pneuma. (lever, Chi- bloedtoevoer enz.)  Het embryo leeft uit de eerste Chi. 

"God behoedt en voedt het embryo." 

De geboortestonde wordt bepaald door het embryo in contact met het Pneuma. 

De wervelkolom is de weg, waarlangs de voeding gaat. De wervelkolom (geestelijk) bepaalt in hoever de mens een EEN wordt. 

De mens heeft 4 bronnen waarin de vier stromen en het Pneuma zich uitdrukken: gezicht - gehoor - reuk - smaak, terwijl de vijfde: de tast, hen alle vier concretiseert. 

Psychologie: aanraken is noodzakelijk voor het kind, gebrek aan tast-zin doet kind en mens verkommeren. 

Het is als met de elementen: ether - vuur - lucht en water, die door de aarde tastbaar worden. 

In de mens zelf ziet hij de mond als hetzelfde als de baarmoeder, de baarmoeder van de Logos. 


HYPPOLYTUS 

Hyppolytus vergelijkt Simon met de papegaaiengod Apsetus, die in Libië papegaaien zou hebben geleerd om te zeggen: Apsetus is een God en daardoor zou hij zichzelf erkenning hebben verschaft. 

De historicus verwijt dan dat Hippolytus, de ketel verwijt dat hij zwart ziet, omdat juist de kerk een papegaaienvolk kweekt door gezagsgeloof. 


HELENE 

Zij is een bekende figuur die Simon zou hebben vergezeld, in werkelijkheid een Sophia (maan-Selena), met dezelfde symbolieken, neergedaald in chaos en duisternis, misbruikt, verguisd, gered door de Kracht. (NIET Helena, de publieke vrouw, gered door Simon, met allerlei liederlijke bijzonderheden). 


JEZUS EN MAGDALENA 

Het aloude gnostieke denkbeeld van de ziel die gevallen is en gered wordt door haar Pistis, of metgezel. (de maan, die door de zon wordt gered, de ziel, die door de geest wordt gered).

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene