Triaden

Het volmaakte Wezen is: O I W , gelijk aan het Egyptische beeld van Ra met drie stralen. 

Hij bezit drie attributen: kracht - wijsheid - liefde.  Hieruit wordt de vierde geboren: gerechtigheid. Zonder één van de drie is geen gerechtigheid op aarde. 

Wij kunnen O I W kennen door aan de ene kant de rede, aan de andere kant het mystieke geloof. 

Via de rede is Hem kennen via zijn schepselen en scheppingen. Via het geloof is Hem kennen via de verbeelding en meditatie, via de ziel. 

De rede behoort bij de mens; het geloof komt van O I W. Beide hebben als doel: de volmaakte kennis des harten, de Gnosis. 

Het kennen van O I W. 

Er zijn dus drie goddelijke werkingen: 

Nerz - Kracht, de Vader - Geest, O; Skiant - Wijsheid, de Zoon - Ziel, I; Karantez - Liefde, de Moeder - Lichaam, W. 

Tot drie dingen heeft de val in Abred (chaos) geleid: 

De Hoogmoed, die maakt dat het schepsel wil avonturieren in de cirkel van Keugant. En de dood belet hem de terugweg te aanvaarden. 

De Haat, de afwezigheid van liefde en deze belet hem Gwenved (Absolute) te bereiken. 

De Wens tot Verandering, de afwezigheid van de rede en zijn taak. 

Er zijn drie bestaansmogelijkheden voor ieder wezen: met Cythraul, de prins van het Kwaad, in de afgrond van Anwn; met het Licht van de keuze, in de menselijke staat in Abred; met God in het Ei, de cirkel van Gwenved. 

Voor elk levend mens zijn er drie levensmogelijkheden: 

onderwerpen aan de fataliteit in de afgrond van Anwn; de staat van de vrije innerlijke wet in de mensheid, Abred; de staat van volmaakte liefde en overwinning in Gwenved, in het Licht. 

Er zijn drie soorten van dood: 

Door een gevolg na een fout (karma); door Gods liefde, trekkende elk schepsel van Abred naar Gwenved; door de rust in Gwenved (Nirwana). 

Er zijn drie gebeurtenissen die tegelijkertijd de oorsprong van alles zijn: 

De mens; de vrijheid, als zelfstandige orde of vrije wil; het geestelijke Licht, de wezens verklarend hetgeen goed of hetgeen slecht is. 

Er zijn voor de mens drie onontkoombare noodzakelijkheden: de noodzaak om te lijden; de noodzaak om zich te vernieuwen; de noodzaak om te kiezen. 

Er zijn drie fouten, die de mens onontkoombaar doen vallen binnen Abred, niettegenstaande hij tot het Goede wordt aangetrokken: 

de egoïstische hoogmoed; de egoïstische leugen; de egoïstische wreedheid. 

Om waarlijk mens te zijn moet men drie noodzakelijkheden bezitten: 

Kennis - Liefde - Kracht (ook moraal) en wel voordat de dood onverwachts komt. 

Dit verwerft men slechts door een vrije keuze en een vrije wil, die voortkomt uit een staat voor het bestaan. Deze drie worden genoemd de Drie Overwinningen. 

In de cirkel van Gwenved zal het wezen drie dingen hervinden: 

de eerste Kracht; de eerste Herinnering; de eerste Liefde. Zonder deze drie zegeningen kan er geen geluk zijn. 

Er zijn drie dingen die elk wezen onderling verschillend maken: 

de essentiële ziel; de herinnering aan wat geweest is en wat kan zijn; het uiteindelijke doel of het "worden". 

Er zijn drie verschilpunten tussen God en mens: 

de mens heeft een vastgestelde grootte en maat; de mens heeft een begin (God niet); de mens kan veranderen (God niet). 

Er zijn drie dingen die God niet kan zijn: 

zwak, zonder wijsheid, zonder barmhartigheid. 

Er zijn drie ondersteuningen voor de deugdzame mens: God; zijn persoonlijke geweten (bewustzijn); de lof van al de wijzen. 

De drie hoofdzakelijke attributen Gods zijn: 

Goddelijke Essentie; Kennis; Kracht. 

De drie principale eigenschappen van de Kennis zijn: 

Gevoeligheid; Begrip; Activiteit. 

De drie voornaamste eigenschappen van de Goddelijke Essentie zijn: 

de substantie; de kwaliteit; de beweging. 

De drie voornaamste eigenschappen van de Kracht zijn: 

de Liefde; het Doel; de Wet. 

Er zijn drie gemeenschappelijke werkingen onder invloed van de verbintenis met God: 

lijden; overdenken; liefhebben. 

Het lijden is het begin van alles, want het andere kan zonder haar niet tot werking komen. 

Drie dingen zijn in disharmonie met God: 

het ongeluk; de leugen; de wanhoop. 

Er zijn drie plaatsen waar God in zijn volheid aanwezig is: 

daar waar hij het meeste geliefd wordt; daar waar hij het meeste gezocht wordt; daar waar het egoïsme het minste is. 

Er zijn drie dingen waarvan de mens de essentie niet kent: 

God; het Niets; het Oneindige. 

De drie onderscheidende karakteristieken van de levende wezens zijn: 

Dode wezen (hylische); Aardse wezens (ziele); Hemelse wezens (psychische, geestelijke). 

Er zijn drie doodsoorzaken: 

de onwetendheid; de onevenwichtige liefde voor het welzijn; de onmogelijkheid om het oneindige te verdragen. 

Drie dingen zegevieren aan het einde: 

het vuur; de waarheid; het leven. 

Er zijn drie dingen waarvan ieder er slechts één bezitten kan: 

een volheid van inspiratie in overeenstemming met zijn natuur; een manier om gelijk te zijn aan de orde en de solidariteit; een overwicht die gelijk is aan God over alles. 

Er zijn drie wegen waardoor God werkt: 

de ervaring; de wijsheid; de barmhartigheid. 

En elk mens moet drie harmonieën bezitten: 

harmonie met de natuurlijke moraal; harmonie met de hoogste kwaliteiten der mensheid; harmonie met het puur geestelijk. 

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene