14b - heeft religie zin?

Nu er steeds meer berichten komen over een leven na de dood en de neutraliteit van het "Licht" dat de gestorvenen ontvangt (naamloos), kan men zich afvragen of dat gigantische bouwwerk van religieuze hiërarchieën in Oost en West eigenlijk wel zin heeft? 

Dan moeten we eerst teruggaan tot de oorspronkelijke betekenis van het begrip: Religio! 

Dat betekent: het zich weer binden met een godheid. Het komt uit het latijn. 

Vanaf de vroegste tijden bestaat er in het schepsel een verlangen naar het zich verbinden met de Alziel. 

Religieuze organisaties trachten dit verlangen in banen te leiden, te ordenen of te organiseren. 

Waarbij de ordening of organisatie heel gauw de plaats van de oorspronkelijke Religio (God) innam en door zijn complicaties het innerlijke verlangen dikwijls verdreef. 

Dat is in onze tijd merkbaar, er zijn veel vervangers. 

Oorspronkelijk heeft het "wederverbinden" of De Religio geen naam, geen kleur en er is in ieder mens hetzelfde verlangen. 


FILOSOFIE 

Voordat dit verlangen door kerkelijke instanties werd geordend, vinden we "dit innerlijke verlangen naar verbinding" reeds bij Plato en Pythagoras, die het trachtten te verwoorden. 

De innerlijke verbintenis van ziel en natuur en de vrije geest is als een harmonische trilling die ook zijn getal heeft, het getal vijf (5). 

Vijf is het getal van de re-ligio, de oorspronkelijke liefde. 

Filosofie wordt daarna elke gedachte, die zich rond deze ingeschapen verbintenis uitdrukt. 

Discussies rond ziel en natuur kennen de natuurvolkeren niet. 

Tenslotte werden ook hier de interpretaties belangwekkender dan het uitgangspunt: de Re-ligio. 

Momenteel stikken we in interpretaties, gerangschikt onder verschillende namen, maar de oorspronkelijke individuele Re-ligio lijkt zoek. 


ZONDER RELIGIO 

Door het gedrag van de mens kan worden bewezen dat een weerstand of een negeren van een verbinding met de Alziel, leidt tot een degeneratie van lichaam, denken en emoties en moraal. 

Het doet er hier niets toe of de mens dan "religieus" is in de zin van een plichtsgetrouw kerk- of groepsbezoeker. 

Het plichtsgevoel kan nooit het innerlijke verlangen vervangen. 

De oorspronkelijke individuele re-ligio komt nl. voort uit een liefde van de ziel tot de ALziel of God of Geest, omdat zij daar deel van is. 

Het in zichzelf besloten zijn is tegennatuurlijk. 

Intellectueel, moreel en lichamelijk verval drukt zich uit in: 

1. onbeheerste emoties, of sensatielust; 

2. onbeheerste intellectuele inspanning; 

3. het verwaarlozen van hart- of geloofszaken. 

Moreel verval is daarvan het gevolg: (zie Barnard - het kwetsen van lagere schepsels, baviaan-hart) 

(meedogenloosheid.) 

Dan vervaagt de basis van een harmonisch samenleven, gevolg: terreur, geweld, oorlog, machtswellust, ook binnen religieuze organisaties. 

Het onderdrukken of verliezen van deze "verbintenis" met de Alziel brengt de mens uit het spoor; hij ziet de onderlinge verhoudingen binnen de schepping niet meer. 

Hij verheft zich op uiterlijke bekwaamheden.

Innerlijke ledigheid, hetgeen eigenlijk het ontbreken van deze verbintenis is, kan stimuleren tot het beklimmen van intellectuele of extatische bergtoppen, maar niets kan de re-ligio vervangen. 

Het menselijke gedrag bewijst het. 


NA DE DOOD GELDT KWALITEIT VAN LIEFDE EN KENNIS 

Als we nu inzien dat na de dood de kleur of de naam van onze godsdienst er niets toe doet, moeten we wel tot de conclusie komen dat al die dreigementen met straf na de dood, als we onze "kerkelijke" plichten e.d. verwaarlozen, eenvoudig humbug zijn. 

Valt dus het dreigement of de angstpsychose waarmede vele religieuze instanties werken weg. 

Dat betekent tevens dat de verplichte angstbinding met de betreffende religieuze instanties wegvalt. Gevolg: verzwakking van de organisatie. 

Indien dus de georganiseerde religieuze groeperingen hun "angstpsychose" laten varen, gooien ze hun eigen ruiten in. 

Bij de westerse groeperingen is meestal het dreigen met hel en verdoemenis, het verloren gaan, degeneratie e.d. "in"; bij oosterse religies werkt men met de mantram-methode, die aangewend moet worden wil de betrokkene in zijn leven "gered" worden. Dan is het mantram de klantenbinding. 

Het gevoel "verloren te gaan" ligt latent in de mens verborgen. 

Echter in een andere zin dan men eraan geeft. 

De met de ziel en de geest verbonden mens wist en weet dat een zich verwijderen van de Alziel hem zal opbreken. 

Want een verbroken verbinding met die Alziel, berooft hem van een verfijnde levensenergie, van kennis met betrekking tot de schepping, kortom: van de essentiële levenswaarden. 

Er is intelligent gebruik gemaakt van de twee basisregels voor het schepsel: 

verlangen naar verbinding met de Alziel en het intuïtieve weten van de resultaten van een verbreking. 

De religieuze instantie heeft zowel voor het ene als voor het andere een uiterlijke vorm gevonden. 

Zaligmaking of Bevrijding via de instantie, 

en verdoemenis of hel of uitgeworpen worden zonder de instantie. 

Het momentele vervangen van westerse religies door oosterse, verandert aan dit basisprincipe niet veel. 

Er komt slechts een andere tendens, het teruggrijpen naar de mystiek. 

MYSTIEK 

Het woord mystiek komt uit het Grieks en betekent woordelijk: sluiten; later "mystès", hij die ingewijd is, d.w.z. de binding met de Alziel hersteld heeft. (Gnosis) 

Filosofisch ziet men het als een teruggaan van het individuele naar het universele: d.w.z. de ziel tot de Alziel; de mens tot God; 

Het schepsel tot Schepper. 

Mystiek komt nooit van buiten. 

De mystiek wordt dikwijls een beetje laatdunkend beoordeeld; vooral door de intellectuelen, omdat zij menen dat de mystiek geen werkelijk aantoonbaar fundament bezit. Deze gedachte is dus een uitvloeisel van de innerlijke armoede, de degeneratie van het denken. 

Er zijn talrijke grote denkers geweest, die tegelijkertijd mystieken waren. 

Keppler, Boehme, Eckehart, Pascal, etc. 

Het diepe denken, het overwegen en onderzoeken, voert terug tot de oorspronkelijke mystiek, die slechts een andere aanduiding is van Re-ligio. 

Diverse oosterse leringen of religieuze vormgevingen funderen zich op een valse mystiek. 

Het schijnt dan mystiek, een verbintenis ziel - Alziel, maar het wordt, zoals in het westen een verbintenis tussen organisatie en leerling. 

Een mysticus kan vrij religieus zijn! 


CHRISTUS - CHRESTOS 

De georganiseerde christelijke kerken, de kerkvaders, maakte van het universele begrip van Chrestos, de gezalfde middelaar, een menselijke middelaar tussen God en mens. 

Na Diens dood wierp men zich dan op als Zijn vertegenwoordiger op aarde. 

Gezien de velerlei christelijke groeperingen vecht men tot op heden door over de positie van deze "vertegenwoordiging". 

In het Oosten vecht men net zo over de vertegenwoordiging van Boeddha, Brahma of Kut Humi of een andere meester op aarde. 

Dan zijn we onnoemelijk ver afgedwaald van de oorspronkelijke Individuele  Oer-re-ligio. 

In diepste wezen verlangen steeds minder mensen naar een verbintenis met een organisatie, maar het verlangen naar een verbintenis met de Alziel blijft, indien de betrokken mens door zijn mogelijke degeneratie van moraal, intellect en lichaam niet te ver heen is of door een eventuele verbintenis met een organisatie niet dermate "ziek van hart" werd, dat hij verbitterd, angstig, over-emotioneel en gevoelloos geworden is. Van dezulken krioelt het momenteel. 

Het hart is namelijk het centrale middelpunt van de mystiek. 

De religieuze organisaties hebben onzegbaar veel kwaad gebracht en hielpen het menselijke schepsel en zeker de ziel van de wal in de sloot. 

Vandaar dat het bekend worden van de directe gebeurtenissen na de dood invloed kunnen hebben op het menselijke gedrag, want ieder mens moet rekenen met die dood. 

De dood zal ieder van ons confronteren met een waarheid die we eventueel tijdens ons leven negeerden. 


HEEFT RELIGIE ZIN? 

Nu blijkt dat onze godsdienstige kleur slechts uitmondt in het kleuren van oorspronkelijke neutrale waarden na de dood, vraagt men zich af: Heeft religie zin? 

Godsdienst als beweging? 

Dat is een kernvraag en beslist onaangenaam voor de religieuze bolwerken. 

Want georganiseerde religie heeft geen zin! 

Dat plaatst de mensheid echter weer direct voor een actuele kwestie: de werkeloosheid van de religieuze ambtenaren; de onwetendheid en onkunde van hun schapen, die dan plotseling met het leven geconfronteerd worden en vooral met: de verbinding met de Alziel en het risico van een verbreking, de angst verloren te gaan. 

(hetzelfde geldt voor georganiseerde gezondheidssystemen) 

Waarbij de oorzaak gezien wordt als: het afdwalen van de religieuze instantie en het verdoemd worden door zijn autoriteiten, die zich dan uitgeven als Gods kastijders. 

Dat is een ingrijpend en tragisch probleem voor het religieuze schaap, onbekend bij de autoritaire intellectueel, hoewel hij er eveneens tot de hals toe insteekt, maar anders. 

Hij kan geen antwoord geven op diep innerlijke problemen waar zich de basis van vele ellende bevindt. 

Dat probleem van de "verloren schapen" is op te lossen door één methode: de praktijk des levens, hard en zinvol. 

Die vindt men als men zelf dat leven ontmoet zonder bescherming van een vermeende instantiële middelaar. 

De "kinderen moeten leren zonder pa of ma uit te gaan." 

Dan komt weer het verlangen naar "religio" terug, die echter uitsluitend op de juiste wijze vertaald kan worden, zodra de mens "levensrijp" is geworden, wanneer hij sterke benen heeft en volwassen geworden is. 

Voordien vlucht men in de armen van andere religieuze instanties, onverschillig de naam. Kijk naar de vele jongeren die, "los van de vleselijke Pa en Ma", een andere vorm van bescherming zoeken in de ene of andere religieuze instantie. 

Men is dan nog niet levensrijp of wil het leven nog niet in; men heeft een innerlijke afschuw, een weerstand of angst tegen het leven, omdat men nog niet "volwassen" is. 

Een duidelijk psychologisch probleem. 

Maar in diepste wezen ook een "degeneratie van emoties, of intellect of lichaam. 

Psychologen komen inplaats van religieuze leiders. 


RELIGIE HEEFT ZIN 

Dat "de verbintenis met de Alziel" zin heeft is zeker. 

Hij is zelfs onontbeerlijk, vanwege de toevoer van energie, en zo heeft dus Re-ligio zin. 

Het is de basis van een universele levensharmonie binnen de schepping. 

Dat momenteel de natuur-religieuze geloofsovertuiging van de natuurvolkeren zo'n opgang maakt, vooral in wetenschappelijke kringen, (zie: Indianen) komt voort uit een noodtoestand; de mens hongert naar harmonie en de "oude wijze mannen" van alle volkeren bezaten die. 

En onze oude wijze mannen? 

Omdat zij onwrikbaar de binding met de Grote Geest in stand hielden. 

Hoe? 

Door eenvoudig eerbied te hebben voor die geest; eerbied tegenover zijn scheppingen en schepselen. Erkenning van zijn Alkracht. 

Kortom een devotie tegenover Hem, zoals de myste van binnenuit kent. 

Niet het dwangmatige verplichten van het buigen der knieën, maar van binnenuit, opwellende uit een verlangen van de ziel naar de Alziel. 

En het tragische is dat zoiets niet is aan te leren. 

Wel moeten we eerst veel afleren. 

We moeten terugkeren tot de kern. 

De verbintenis van ziel en Alziel. 

Hoe? 

Door de edele emotie of mystiek en door een devoot, maar diep-logisch en neutraal denken. 

Re-ligio spreekt het denken niet tegen: integendeel. 

De oprechte, harmonische en devote mens denkt eenvoudig, direct, en blijft vooral: ontvankelijk, dank zij zijn devotie tegenover de Alziel. 

Hij leert esoterisch te onderscheiden. 

Alles wat wij "edele eigenschappen noemen", komt voort uit de verhouding van ziel tot Alziel. 

En we willen zo graag "edele eigenschappen" hebben. 

Dus moeten we eerst de "verbintenis" herstellen. 

Doen we dat niet dan blijven alle pogingen nutteloos en slechts vermoeienis. Men is dikwijls bang dat men voor deze "innerlijke religie" iets moet opgeven. 

Het opgeven lijkt ons van alle kanten te bedreigen, maar we geven niet iets op, we leren, geheel natuurlijk en vanzelfsprekend iets af. 

Zo vervallen onze slechte gewoonten, angsten, spanningen, en noem alles maar op. 

Een vanzelfsprekend gevolg van onze "Re-Ligio" of verbintenis met de Alziel. 

Alle uiterlijk vertoon binnen de religieuze instanties of groepen, inclusief schijnbaar imposante meditatie, zijn humbug, verkoopmethoden. 

Door ons gebrek aan "verbintenis met de Alziel" zijn we gemakkelijk te bedriegen. 

Dus daaraan moeten we een einde maken. 


Re-ligio heeft zin, IS onontbeerlijk, maar het is de universele- en individuele Re-ligio. 

En deze kunnen slechts u en ik persoonlijk opwekken of weder opwekken uit zijn slaap. 

Oprechtheid tegenover zichzelf is daartoe de eerste stap, wie we ook zijn, in welke vermomming we ook steken. 

Want Re-ligio is een kwestie van onze ziel tegenover de Alziel en na dit leven geldt slechts deze verbintenis, want het is de grondtoon van Liefde, waaruit dan ons levensgedrag voortspruit.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene