545 - reïncarnatie, een zegen

"De herinnering is het parfum van de ziel." 

George Sand

Reïncarnatie is voor een groot deel der mensen een logische en normale zaak, hoewel vele anderen daar anders over denken. 

Alles in de natuur is herhaling, uit de herhaling worden de lessen gehaald, niets is definitief dood, dus waarom zou reïncarnatie voor de ziel zulk een ongelooflijke zaak zijn? 

Er wordt nogal eens gediscussieerd over het feit of de mens, Jan of Piet, reïncarneren, dan wel de ziel. 

Als we ervan uitgaan, zoals Pythagoras zei, dat de ziel pas volmaakt is, als zij al haar lessen heeft geleerd, dan is het logisch dat de reïncarnatie slaat op de ziel, omdat zij onmogelijk in één aards leven al haar leringen kan doorlopen. 

Ook de Bijbel, zoals bekend, verwijst naar reïncarnatie, als zij Jezus laat zeggen, dat Johannes de Doper in een vorig leven Elia was. 

Over het algemeen is het tragisch dat velen zich hun vorige leven niet kunnen herinneren, zodat men, als men wijs is, er zijn voordeel mee zou kunnen doen. 

Aan de andere kant is het nutteloos om stil te staan bij een vorig leven, omdat daardoor de lessen uit dit leven aan je voorbij zouden gaan. Iemand die zegt "ik leef maar eens en ik haal eruit wat erin zit!", bewijst een a-spiritueel mens te zijn, sterker: hij kent geen onaardse ziel. 

De groep zielen die van buiten kwam, leeft hier op aarde uitsluitend om die ziel te reinigen, ofwel te herstellen in de aloude vorm. Dit is wat sommigen: transfiguratie, soms transmutatie noemen. 

Herstel heeft altijd iets te maken met genezen en worden zoals het eens was. Het opmerkelijke is dat niemand zijn best kan doen om die ziel te herstellen, zijn "best doen" behoort bij de persoonlijkheid, bij het ego dat zichzelf wil opwerken, ofwel versterken of verbeteren. 

Een ziel kan nooit anders worden dan zij was voordat zij op aarde kwam. Daarom is het eigenlijk logisch dat slechts onaardse zielen reïncarneren, dus degenen die van buiten kwamen reïncarneren, de anderen worden opgenomen in de grote universele zielesubstantie waaruit zij eens weer afgescheiden worden. 

De onaardse ziel is individueel, zij heeft een eigen naam, een eigen karakter. Zij behoort niet tot die grote naamloze zielesubstantie, zoals bloemenzielen, of mineraalzielen. 

Bij dierenzielen is er evenzeer het onderscheid als bij onaardse en aardse zielen, er zijn nl. dieren die van buitenaf komen en deze zijn individueel. Reïncarneren dus individueel. 

De uitdrukking "groepsziel" slaat dus op de aardse zielen, hun ziel is gevormd van een etherisch, aardse materie. 

Reïncarnatie is slechts belangrijk indien dit de onaardse ziel aangaat. 

Voor alle anderen is het de transmutatie, het verwisselen. 

De aardse mens verwisselt hierbij ook, maar de onaardse ziel in dat lichaam blijft dezelfde. Deze geeft haar kennis steeds opnieuw door aan een andere aardse persoonlijkheid, maar de persoonlijkheid is hier niet zozeer van belang, het is belangrijker dat die inwonende ziel zo sterk is geworden, dat zij haar gastpersoonlijkheid kan leiden. 

De herinneringen die deze gevoelt, komen vanuit die ziel en ook de wijze woorden die hij eventueel spreekt, zijn ingegeven door een onaardse ziel, die altijd dezelfde is gebleven, doch slechts "een teug vergetelheid gekregen heeft". Vergetelheid kan worden opgelost door analogieën: een vergelijking die verwijst naar de grote oerwet. 

De vergetelheid werd werkelijkheid doordat het fosfor aan die ziel werd onttrokken, het fosfor dat oplicht, uit zichzelf brandt en wordt vergeleken bij de inspiratie, en de AHA-ervaring. 

In alles wat wij eten is fosfor, maar dit is een "gevallen fosfor"; de ziel, het licht is eraan onttrokken. 

Dit wordt bedoeld als men zegt: dat alles met de ziel gevallen is. 

Een levende kiem bezit levend fosfor, dus levende kiemen is het beste voedsel, als je vanuit de ziel schouwt. 

Levende kiemen stimuleren het lichtloze fosfor van de ziel, dus zetten aan tot ontwaken uit de vergetelheid. 

Wat is een levende kiem? Zaad. 

De mens moet het zaad zaaiende zaad eten, staat in Genesis. 

Elk zaad bevat levend fosfor. 

Tarwe is zaad zaaiend zaad. Vandaar de korenaren in de Egyptische graven. 

Het is niet uitsluitend een symbool, maar eveneens een waarschuwing. Ons voedsel moet lichtend zijn, vanuit het fosfor. 

Lichtloos, dood fosfor, zoals vlees van gedode dieren bevat, zetten aan tot vergetelheid van de ziel. 

Dat wat lichtloos is reïncarneert lichtloos, het neemt deel aan de natuurlijke omzetting, zoals in compost. 

Daar bovenuit stijgt de fosforziel, de uit zichzelf lichtende. 

Een fosforziel is gelijk aan een waterstofziel, waarin het helium verborgen ligt. Een fosforziel is een geïnspireerde, ontwakende ziel. 

Zij is zelf het "zaad zaaiende zaad". 

Pitten eten is dus goed, maar een echte fosforziel heeft dit niet nodig, zij licht reeds uit zichzelf. Zaad zaaiend zaad eten maakt wakker, waarna de ziel haar eigen weg moet zoeken. 

Men kan zich nooit heilig eten, maar wel wakker eten, d.w.z. men raakt niet afgestompt. 

Het grote euvel van de 20ste eeuw is dat er een verdoving is ontstaan met betrekking tot de geest. We leven immers in de eeuw van het kunstlicht, van de imitatie, en van het geraffineerde.

Wij slijpen iets tot schoonheid, maar ontzielen het tegelijkertijd. Dit is het "be"schaven. 

Via dit "beschaven" komen we nooit op de oorspronkelijke weg terug, integendeel. En omdat dit "beschaven" die oorspronkelijkheid te zeer toedekte, is de enige oplossing: een ingreep. 

Zij, die gereïncarneerd zijn, de buitenaardse zielen, zien de analogieën, de herinneringen komen terug, en dus waarschuwen zij. Zij bidden niet, omdat dit zinloos is, want een wet is een wet, maar zij waarschuwen en niet voor niets is er die huidige neiging naar "eerlijk" voedsel, d.w.z. levend voedsel, bezield voedsel. 

Het is een reactie op de waarschuwingen, een ontwaken. 

Iemand, die een gereïncarneerde buitenaardse ziel bezit, weet wat de risico's zijn van een aarde, waarbinnen de mogelijkheden tot zielenleringen ophouden. De ziel leert van en luistert naar een ziel. 

De ziel wordt slechts aangeraakt door het bezielde en waar het bezielde vermindert, waar het zielloze vermeerdert, gaan de leermogelijkheden ontbreken: dus reïncarnatie heeft dan geen zin meer. 

Een actieve persoonlijkheid, d.w.z. een alerte, naar de geest luisterende persoonlijkheid, voedt zich met bezielde voeding. 

Indien die ziel door die persoonlijkheid wil spreken, moet die persoonlijkheid haar de mogelijkheid verschaffen. 

Hij kan ook de ziel doen zwijgen. Dat is zijn kracht: hij kan luisteren dan wel afkappen, de ziel de mond snoeren. Zij valt dan terug in de vergetelheid. 

Over het algemeen zijn alternatieve mensen bang voor "dood" voedsel, zoals suiker b.v. maar rietsuiker is levend. 

Men bezield zijn lichaam door levend voedsel en een waarlijk levend lichaam is een klankbord voor de ziel, indien daarin een buitenaardse ziel leeft; anders is het een klankbord voor de aardse ziel. 

Reïncarnatie is een "must" voor de buitenaardse ziel en hoeveel reïncarnaties zij moet doorlopen is afhankelijk van haar leergierigheid. Maar zij zal, afhankelijk van haar rijpheid, altijd andere persoonlijkheden krijgen. Een persoonlijkheid waarbij de mogelijkheid tot zielegroei open ligt. 

Je krijgt nooit een persoonlijkheid die je remt, maar altijd iemand waarin de bereidheid tot luisteren voorhanden is. Dit is de wet van opeenvolging; ons huidige aardse leven is altijd een voortzetting voor de onaardse ziel. 

Hebben we geen onaardse ziel, dan is elk leven onbelangrijk, ook de omstandigheden daarvan, maar bij een onaardse ziel is elk leven een nieuwe les. 

Bezien we deze gedachtengang vanuit een toekomstbeeld, dan kunnen we zeggen dat onaardse zielen geen hinder ondervinden van catastrofen, integendeel, zij hebben daarin een taak. 

Een hernieuwd begin opent hernieuwde mogelijkheden. 

Hoogstens is er tijdelijk een vertraging ontstaan. 

Het is niet voor niets dat vele buitenaardse zielen de komende catastrofe gaan beleven: zij hebben daarin een taak. Reïncarnatie is een zegen, uitsluitend omdat dit de mogelijkheid geeft tot herstel. 

Het is de geestelijke wet die "genadig" is. 

Genadig uit zelfbescherming en geestelijke voortzetting. 

Genade is nooit een gift, maar een noodzaak. De noodzaak van een oplossing, waarbij vernietiging wordt uitgesloten. 

Vernietiging is een onbekend gegeven in de kosmische wetten, het is slechts een gegeven van aardse, lichtloze wezens. Het is de mens opgedragen zichzelf "levend" te houden, zowel lichamelijk dan wel geestelijk, vandaar de opdracht zich te voeden met het zaad zaaiende zaad.  

Het is een opdracht die rekening houdt met de reïncarnerende ziel. 

Het Genesisboek is dan ook een woord voor buitenaardsen, het is een oeroud geschrift en geenszins bijbels. 

Deze buitenaardse, reïncarnerende zielen, staan boven de astrologie, de horoscoop, staan buiten de handlijnkunde en de yoga-oefeningen. 

Zij zijn slechts ingebed in de 7 Heilige Wetenschappen: geometrie, aritmetica, grammatica, dialectica, retorica, astronomie, muziek, en deze heilige wetenschappen zouden zij kunnen bezitten, indien zij in onze 20ste eeuw niet waren ontzield. 

Elke reïncarnatie kan hen gevoelig maken voor deze 7 gaven. 

Ofwel maakt hen gevoeliger voor de bezieling en het vinden van de bezielde plaatsen en bronnen. Elke reïncarnatie kan ons gevoeliger maken voor deze wetenschappen en vooral bekwamer in het ontdekken van de verspreide bezielende mogelijkheden. 

Een ontwakende ziel is gericht op bezieling en voedt zich met bezieling. 

Wat bezielt?  

Alles dat de wet van de 7 wetenschappen eerbiedigt. 

Een vorm, een woord, een klank, een sfeer, mits daarin de bezieling ligt; de kiem van het levende, het lichtende fosfor, de herinnering aan Het - en De levende. 

Dat wat bezield is treft ons, INDIEN we een onaardse ziel bezitten. 

Een levende kiem bestaat uit levende chemische elementen; de 12 celzouten vormen deze elementen b.v., vandaar dat zij leven schenken, terwijl andere, in laboratoria samengestelde preparaten deze levende ziel missen. 

Bij de 12 celzouten is het de combinatie van twee chemische elementen, die dit "levende" garanderen. 

De celzouten calcium-fosfor is een vereniging van aarde en hemel, bezield, levend fosfor dat op aarde leeft. Zo bestaat het fosfor ook in ons lichaam, opdat het levend zal blijven, aangepast aan de aarde, ons levensveld en niet ontzield, zoals bij alles wat dood is.

Dit calcium-fosfor legt de basis voor de groei, het ontwaken, het zich ontwikkelen, kortom, het is onontbeerlijk wil de mens met zijn buitenaardse ziel tot ONT-wikkeling komen. 

Elke kiem onverschillig of het een mineraal, een plant, een dier, dan wel een mens is, bezit het calcium-fosfor, het aarde-hemel principe. 

Gebrek aan het celzout calcium-fosfor, geeft ons b.v. lichtloze ogen, de geest, de bezieling, de inspiratie zijn eruit. 

Bij een vergeestelijking, dus een onaardsheid, verandert het calcium-fosfor geleidelijk in een kalium-fosfor. 

Fosfor is noodzakelijk om aardse elementen te bezielen. 

U kunt zich voorstellen wat zich heden afspeelt binnen de wet van de aarde-hemel-eenheid, indien we al deze elementen van elkander scheiden. We leven op aarde, omdat we MOETEN, terwille van onze on-aardse ziel. 

En als we ons afvragen: Wat doen we hier? dan is alleen het stellen van die vraag al een bewijs, dat we hier eigenlijk niet horen. 

Dus dat we "zoekers" zijn. 

Zoekers naar onze oorsprong. Zoekers naar bevrediging, innerlijke vrede. Zoekers naar herstel. 

De aarde gaat kapot aan zieleloosheid, of lichtloosheid. 

De aarde moet eveneens worden bezield en daartoe heeft zij eveneens haar noodzakelijke elementen nodig, die de mens haar ontsteelt, die de mens vergiftigt, die de mens probeert te veranderen, omdat hij de oerwetten niet kent. De ziel van de aarde woont in het hart van de aarde en deze ziel maakt haar huid, de korst, en haar lichaam levend, opdat wij er onze voeding uit kunnen halen: de planten b.v. 

De ziel van de aarde bestaat uit louter levend fosfor, die haar calcium, haar kalk, bezielt, zoals het magma uit kalk en fosfor bestaat. 

De aarde heeft geen buitenaardse ziel, zij reïncarneert niet, maar zij kan wel transformeren, zich veranderen. 

Deze verandering staat ons te wachten, het is een verdediging van de aarde, een redding, opdat zij niet "dood" zal worden. 

Dode planeten barsten uit elkander, zij kunnen niet tegen de hun omgevende energie; z.g. "dode", lichtloze mensen raken in paniek bij zulke catastrofen, zij gaan eraan ten onder. 

"Levende", lichtende mensen helpen mee in de transformatie, opdat de gelegenheid tot ziele-lering, en ziele-hemelvaart opnieuw geschapen zal worden. 

Het klinkt wellicht bijbels, maar het is een oeroud gegeven, een kosmisch gegeven, gefundeerd in de biochemie, die de voorwaarde is voor aarde èn hemel. 

En deze "hemel" is voor u en mij anders, zij is slechts een, voor ons, onaardse plaats, waar wij eens woonden en leefden .

De hemel is daar waar de al-chemische omzetting van de celzouten plaatsgevonden heeft. 

Van hieruit zijn we dan een ander wezen geworden, een onaards wezen, maar dit wil niet zeggen dat de aarde, en alles wat in de kosmos leeft, ons niets aangaat. Integendeel, op dat moment zijn wij hun hoeders geworden en dit brengt verantwoordelijkheid mede, een verantwoordelijkheid zoals de gedeeltelijk ontwaakte buitenaardse zielen reeds gevoelen. Vandaar hun waarschuwingen, hun opwekkingen en hun maatregelen, voordat de transformatie plaatsvindt, met alle consequenties daarmee verbonden. 

Moge u uw taak herkennen, ziel der kosmos!

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene