503 - onvergetelijk verleden

"Een mens is die hij is, niet die hij was."

Joods

"Onze daden volgens ons."

Wanneer we over het verleden mokken straffen we onszelf voortdurend in het heden, zodat dit ons ook geen geluk brengt. 

Indien we ons realiseren dat elke zoeker belast is met een onvergetelijk verleden, is het te begrijpen dat je onder de zoekers zoveel labiele of ongelukkige mensen vindt. 

De indaling in de chaos met alle risico ermede verbonden volgt ons tot op de dag van vandaag en werd aanleiding tot een pandemonium van godsdiensten. 

Die ons - en dat is te zien - niet bepaald gelukkig maakten, op degenen na die genoeg hebben aan een simpele genoegdoening of een plaatsvervanger. 

Uit dit onvergetelijke verleden komt die veel genoemde oerherinnering die ons - als een Shin, een ontstoken tandwortel - voortdurend pijnigt. 

En dat is een voorrecht. 

Het belet ons in te slapen, het dringt ons tot zoeken, totdat we het beste gevonden hebben. 

Zodra die herinnering verzwakt beginnen we te suffen, we voelen ons vermoeid en leggen ons bij de omstandigheden neer. De vechtlust kwijnt. 

Zoekers worden verenigd en kunnen elkander begrijpen, doordat een oerverleden hen verbindt. 

Een oerherinnering die aanzet tot dezelfde daden en overwegingen. 

Het is volkomen waar wat Plato zei: de ziel scheidt ons of verbindt ons en het zijn de herinneringen die ons onze stadia van bewustzijn geven. 

Je bewust zijn van je oerweten is als leven met een geweten; dit zijn degenen die kritisch, soms wantrouwend, maar altijd onrustig en heel lang onbevredigd zijn. 

Als je de herinnering hebt aan iets volmaakts voldoet het onvolmaakte nauwelijks. Tevens zouden deze herinneringsmensen zich bewust moeten zijn van die ononderbroken levensgang, waarin de dood een coulissen-verandering is. 

Hieruit zou weer voort moeten komen dat deze mens vrij zou zijn van angsten. Iedereen die bezield zoekt kent geen angst, omdat een totale inzet de angst wegneemt. 

Waar de meeste godsdienstige bewegingen zich mee bezig houden, is met frustraties, tijdelijke afwijkingen of aandoeningen van het menselijke gedrag. 

Zelden houden zij zich bezig met die verdrongen ziel. 

Omdat een gekwetste, hongerende of genegeerde ziel lichamelijke reacties te voorschijn roept, zijn het deze reacties waarmee men zich bezig houdt. 

Het is je reinste symptoom-therapie. En elkeen weet nu wel dat dit totaal geen zin heeft. 

Je bezig houden met de ziel klinkt - in het algemeen - een beetje vaag. 

Men weet nauwelijks wat de ziel is, maar lichamelijke reacties zijn te zien of te grijpen. 

Het is begrijpelijk dat zoveel esoterische en religieuze mensen gaan lijden aan aandoeningen van het vegetatieve zenuwstelsel, hetgeen altijd een bewijs is dat er onenigheid is tussen het lichaam en de ziel. 

De ziel kwijnt, wordt niet gevoed, wordt met zijn wensen verdrongen, waardoor als eerste het vegetatieve zenuwstelsel, dat stelsel dat, volgens de ouden, een middelaar is tussen kosmos en mens, mankementen gaat vertonen. 

Net als bij het hart kan men dit zenuwstelsel niet dwingen harmonisch te worden. Het wordt voornamelijk gevoed door vredige, harmoniserende emoties, die echter veelal spiritueel zijn. 

Gaat u maar bij uzelf na: echte vriendschap maakt gelukkig; innerlijke voldoening maakt gelukkig, innerlijke zekerheid maakt gelukkig; en beantwoord vertrouwen geeft vrede. 

De ziel leeft uit deze diepere emoties en hoe wijzer zij is des te dieper gaan die emoties, maar ook des te diepgaander gevoelens zij vraagt. 

Zij kan dan dus slechts gevoed worden door verfijnde emotionele waarden. Precies zoals de wijzer geworden mens zich lichamelijk totaal anders voedt dan de oppervlakkige onwijze mens. 

Het hele organisme, inbegrepen het zenuwstelsel, wordt fijner en gevoeliger. 

En deze reactie kun je doortrekken op het spirituele vlak, de ziel vindt geen bevrediging in ceremoniële, intellectuele uiteenzettingen, zij vraagt originele, directe geestelijke voeding. 

Vanuit deze logische ontwikkeling wordt deze mens dus kritischer. Het is ook vanzelfsprekend dat hij dat rusteloze zoeken opgeeft en veel selectiever te werk gaat. 

Een onvergetelijk verleden is een belasting die slechts sterke schouders ten goede kunnen keren. 

En elke serieuze zoeker loopt dus met zulk een verleden. 

Daaraan kan niets veranderd worden, hoogstens kunnen we proberen het te vergeten zoals verschillende zoekers proberen en dan krijg je die diep zittende vegetatieve aandoeningen. 

Geen enkel verleden kan vergeten worden, omdat het in ons wordt gekerfd; en juist die inkervingen zijn er om te worden gebruikt. Als deze niet worden omgezet zijn ze hinderlijk, na een omzetting kunnen ze helpend worden. 

Ons hele leven is niets anders dan een transformatie, wij worden verondersteld doorlopend met die transformaties bezig te zijn, zoals we om ons heen in de natuur kunnen observeren. 

Dat wat niet transformeert staat stil. 

Zodra we bij onszelf bemerken dat we stil staan, wordt het de hoogste tijd voor een zelfonderzoek. 

Geen enkele serieuze zoeker zal die stilstand appreciëren; is die weg-terug niet een doorlopende groei? 

Je horizontaal bewegen heeft daar niets mee te maken, elke  boom en elke bloem beweegt op de wind, dat zegt niets van hun ontwikkeling.  

Bij elke groei komt dat wat het diepste zit naar boven, zoals de oude alchemisten altijd symbolen hadden met behulp van draaiende bewegingen: het onderste dat boven komt, het  innerlijke dat naar buiten komt. 

Helaas zijn we veel te dikwijls bezig om dat onderste of dat innerlijke te maskeren, niet begrijpend dat we juist daardoor een stilstand teweegbrengen en overschakelen op een horizontale beweging. 

"Ik wil het verleden vergeten", is een veel gehoorde uitspraak: maar dat is toch fout. Je kunt het omzetten, onder ogen zien, verwerken. Zolang je het wegdrukt blijft het een doorlopend blok aan je been. 

Hoe wijzer iemand wordt des te gemakkelijker wordt het om het verleden te onderkennen en te benutten. 

De mens is die hij is, nietwaar, en niet die hij was. 

Juist omdat hij degene is die hij NU is, kan hij het verleden nuttig aanwenden. 

Het verleden is een bodem waaruit schone dan wel mislukte planten opkomen, die bodem gereed maken is ons werk, het  werk van de hovenier. En elke dag voegt aan die bodem het juiste dan wel het onjuiste toe, maar de bodem blijft. 

Zeggen we niet: Ik zoek mijn wortels, als we ons losgeslagen gevoelen? Wel, ieders wortels zijn gehecht in een verleden. 

En het verleden van de spirituele zoeker verbergt zich in een oertijd, vandaar dat zulk een mens een "zoeker" wordt. 

Als je dit oerverleden niet onderkent, is je zoeken bodemloos, je geloof bodemloos, je kunt dan weggerukt worden door de winden of omvergeslagen door de bliksem. 

Daar het hele leven, inclusief de mens, vergeleken wordt met de natuur en haar omstandigheden, zul je ontdekken hoe zeer het klimaat bepalend is voor je leven. 

Het klimaat van je omstandigheden: regen als emoties; wind als reiniging en beproeving; donder en bliksem als hevige veranderingen; warmte als prettige omstandigheden of soms drukken wanneer deze te "heet" worden en benauwen; koude als verkilling. 

Ons leven is een aaneenrijgen van zulke klimaatveranderingen en om deze het hoofd te bieden moeten we dus geworteld zijn. 

Geworteld, waarin? 

In je familie is niet genoeg; dat zijn tijdelijke verbintenissen; hoe dieper je wortels gaan des te meer zekerheid heb je dat je je leven hanteren kan, en dat je de levenskunst leert. 

Het zijn de wortels die de plant te voorschijn tovert en het zullen de wortels zijn die het menselijke leven, zijn streven en zijn gedragingen bepalen. Jezelf afvragen: waarin je geworteld bent is dikwijls onthullend. 

Omdat zovelen bemerken dat ze geen wortels hebben! 

Een mens zonder wortels en zonder bodem groeit niet, hij wordt slechts meegesleurd zonder daartegen iets te kunnen doen. 

Eerst wortelen - dan groeien. Andersom gaat het niet. 

We kijken omhoog naar de hemelen en dat is juist, maar als we ongeworteld omhoog zien, worden we duizelig, nietwaar? 

Onze bodem en onze wortels bepalen hoe lang, hoe intens en hoe ver we omhoog kunnen zien. Onze wortels bepalen onze grootte, onze soort, het zaad van ieder van ons ligt in Gods Hand, om het religieus uit te drukken, maar dat wil zeggen dat wijzelf over ons geestelijke zaad niets te  zeggen hebben. 

Wij zijn gezaaid in een geestelijke sfeer en vanuit dat zaad proberen we hier - op aarde - te wortelen. 

Wij zijn dus uitheemse schepsels; die echter hier moeten wortelen, omdat we dit zelf verkozen hebben en nu gehouden zijn dit aardse leven te doorleven, om het verloren Rijk terug te vinden. 

Dat is het risico, de consequenties van ons verleden. 

Om daarvan een tragedie of een problematiek te maken is verloren tijd; het feit ligt er dat hetgeen hier niet thuishoort door de vreemde omstandigheden moet leren zich aan te passen, op voorwaarde dat het niet vergeet waar het vandaan kwam. 

Het risico ligt er dat we een tijdelijke omstandigheid aanvaarden als blijvend of als de enig echte. Dit kun je alleen doen indien die oerherinnering ingeslapen is of indien je weigert te wortelen. 

Het "wortelen" jaagt sommigen nl. angst aan, omdat ze menen dan nooit meer los te komen. 

Hetgeen bewijst dat hun oerherinnering niet sterk genoeg is. 

Zou iemand die eindelijk zijn lang verloren Tehuis terugvindt de kracht niet vinden om zich los te maken van de vervangende omstandigheden? 

Bepalend is de verbintenis van onze ziel met haar verloren Tehuis. Helaas is deze idee voor velen nog te abstract. 

Zolang het abstractie is, het: van horen zeggen. En het "van horen zeggen" bezielt ons niet. 

Vanuit die oerherinnering komt de bezieling om te wortelen en te zoeken; wortelen heeft niets te maken met materialisme, zo u dit mocht denken, het ligt er maar aan WAARIN u wilt wortelen. 

Een grond kregen we allen mee, wij namen de hemelse bodem mee en daarin kunnen we wortelen. Zulk een bodem bezit voedingsstoffen voor de ziel, zodat zij zich ontwikkelt en zich onder alle omstandigheden geborgen en zeker gevoelt. 

Als die hemelse bodem wordt vermengd met ons aardse verleden blijf je doorlopend een voeding vinden die je bezielt. 

Het aardse verleden bezielt niet, maar het is het hemelse verleden of ons kosmische verleden dat de aanleiding blijft tot bezieling. Overal waar het aardse vermengd wordt met het hemelse zullen we een stimulans vinden om onze geestelijke herinneringen uit te breiden en dus - tegelijkertijd - die ziel te voeden. 

Niets is helender voor ons vegetatieve zenuwstelsel dan het hemelse of het kosmische voedsel. Je kunt deze vermenging vinden in je huis of in je werk, bij je vrienden of in je gedachten. 

Het doet er niet toe waar je het vindt, maar het belangrijkste is DAT je het vindt en wel zo dikwijls en zo uitgebreid mogelijk. 

Het is een vorm van geestelijke be-VRED-iging. 

De mens leeft niet van eten, slapen en amusement alleen. De mens, vanuit de Hoogte gekomen zoekt naar de Hoogten. En het zullen de winden uit de Hoogten zijn die hem de boodschap overdragen en het zal de dauw des hemels zijn die hem regenereert. 

De natuur is een exacte kopie van de goddelijke wetten. 

Maar de natuur heeft geen oerherinnering, zij kent slechts opeenvolgingen. 

Dit is wat de mensen onderling verschillend maakt: hun ziele-herinnering, een onaards verleden, een onaards heimwee. 

Zij die dit bezitten kunnen nooit discussiëren met degenen die het niet bezitten, want er zal een onderling onbegrip zijn. 

De laatsten zullen dan alles van "horen zeggen" hebben en dit maakt hen tot imitators. En de herinneringsmensen herkennen de imitatie direct en wijzen deze af. 

Vandaar de scepsis tegenover al die bewegingen die spelen met 's mensen onrust of zijn onbevredigdheid of met die arme zielen die hun vegetatieve zenuwstelsel knoeien. Zij maken misbruik van onwetenden of van misleiden. 

Met een sterke oerherinnering kun je echter nooit worden misleid, je kunt hoogsten worden begeleid. 

Er is een honger van de ziel en er is een honger van het lichaam en de bevrediging van beide monden uit in een extase, een lichamelijke extase of een ziele-extase. 

De extase waarbij de realiteit wordt vergeten, de extase die als een totale overgave wordt beschouwd; de mystieke extase waaruit een herinnering moet overblijven, die de mysticus naar dieper weten voert. 

De mystieke extase is een begrip die elke zoeker kan kennen en die hem dichter tot de bron voert INDIEN hij voordien goed geworteld staat. 

Elke extase is vernietigend indien de betrokkene geen wortels of geen bodem heeft. 

Wat is onze bodem? 

Is die bodem betrouwbaar? 

Kunnen we er - ongestraft - onze wortels in hechten? 

Misschien moeten we onze bodem verrijken? 

Een arme bodem maakt ons hongerig en geestelijke honger kan leiden tot dwaze dingen, indien de honger maar sterk genoeg is. Alleen een rijke bodem staat garant voor een volgroeid schepsel en voor elke zoeker bestaat een rijke bodem uit hemelse en aardse stoffen. 

Hoe meer we leren uit ons verleden - en de dag van gisteren is reeds verleden - des te rijker wordt onze bodem en des te wijzer - dus schoner - wordt het product. 

Alleen stilstand is schadelijk. 

Elke plant beweegt zich naar het doel dat zij wil, hun bewegingen zijn langzaam maar zij bewegen zich. 

Zij voldoen altijd aan hun innerlijke drang. 

Hebt u ooit een plant gezien die zich van het licht afkeert? 

Slechts de mens maakt deze fout. 

En zulk een fout is een bewijs voor zijn tegennatuurlijke en ook geestelijke afwijking. Dat wat ons trekt bewijst die we zijn, maar ook bewijst het waaruit we worden gevoed. 

De huidige hausse in mineralen en vitaminen, volkomen natuurlijke producten, vanzelfsprekend in de natuur aanwezig, bewijst dat we leven in een tijd van honger en onbevredigdheid en vooral ook van lichtloosheid. 

Niemand kunnen we daarvan de schuld geven dan de mens zelf. 

Laten we eerst zorgen voor een rijke bodem en ons dan tot de hemel keren en als die bodem aards èn hemels is, wordt dit een vanzelfsprekende handeling. 

Daarvoor hebben we geen beleringen nodig, want wat we weten zit IN ons via oerweten en ge-weten. 

De oplossing ligt vlak naast ons en is zo eenvoudig dat niemand deze kan missen. Het ligt er slechts aan of we eerlijk en waarachtig genoeg zijn om ontmaskerd te willen worden. 

Want voor hen die willen is de poort tot Licht en Leven nog altijd opengegaan. 

Velen zullen eerst terug moeten keren naar "af". 

Maar van daaruit zal alles een andere wending nemen en tot nu toe heeft niemand die deze weg ging het nog berouwd. 

Onderzoek de bodem en vindt de waarheid en de oplossing.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene