471 - krachtvelden als tirannen

"Nog geen blad aan de boom gaatr verloren, zou Hij dan zielen verkwisten?" 

Kipling 

"Het is een vreemde weet, zo vreemd als het maar kan, maar wat ook Jantje eet, verandert prompt in Jan." 

Walter de la Mare 

Levensvelden zijn bronnen van mysterie; elk levensveld is een krachtveld en ieder mens bezit zijn eigen veld.  

Zulk een veld bestemt ons zijn, onze depressies en onze vreugden, ons soort geloof en onze oriëntatie.  

Elke biologische activiteit brengt een verandering in dit levensveld. 

De spanning in een levensveld betekent verhoogde activiteit. 

Op zo'n moment zijn we anders, hebben meer weerstand, zijn we individueler, maar eveneens biologisch gezonder.  

De verzameling herinneringen die in onze hersenen liggen opgeslagen dragen bij tot het verzwakken èn het versterken van ons eigen levensveld.  

Voor de wetenschapper is het een mysterie dat de hersenen, waarvan de cellen sneller worden afgebroken dan bij enig ander orgaan, en ook sneller weer opgebouwd, niettemin hun informatie bewaren.  

De gehele mensheid is een verzameling van levensvelden, die   ieder voor zich op allerlei indrukken reageren; het verzwakken en versterken, dan wel het verlagen en verhogen van de voltages daarvan, gaan ononderbroken door.  

Hoe suggestiever we zijn des te wisselvalliger ons levensveld, des te onstabieler de gezondheid, b.v. van ons organisme, maar ook psychisch heeft dit invloed. 

Elke psychische indruk bewerkt een verandering in het voltage van ons energieveld. 

En als we bedenken dat we uit het levensveld bestaan, dat we daaruit kracht putten, dat de wisselwerking met ons lichaam verantwoordelijk is voor onze stabiliteit, physisch en psychisch, dan kunnen we begrijpen dat bijladen een noodzakelijke handeling is. 

Op de juiste manier bijladen ontspant, maar stimuleert eveneens.  

Nu we leven in de eeuw van de psychosomatiek weten we, dat de liefde van een medemens ons energieveld kan bijladen, dat   begrip, sympathie, positieve gedachten in staat zijn iemand gezond te maken en ook psychisch te individualiseren.  

Daar tegenover staat dat ook het tegendeel mogelijk is; wij kunnen elkander zoveel kwaad berokkenen door miskenning, onderwaardering, spot en al die ondermijnende gedragingen, dat een samenzijn soms eerder kwaad dan goed kan doen. 

De relatie van mens tot mens kan verantwoordelijk zijn voor ons welzijn. 

Niet voor niets heeft men ontdekt dat een emotionele wanverhouding in het gezin kinderen tot ondervoeding kan brengen. 

Voeding bestaat niet uit brood alleen, zelfs niet uit granen alleen.  

Voeding is voor het grootste deel psychisch. 

Elke mentale en emotionele oriëntatie betekent voeding, slecht dan wel goed.  

Vleeseters voeden zich met het levensveld van de geslachte dieren, met alle angsten, agressies enz., die zich daarin bevinden.  

Elke schepping heeft een levensveld en we zijn gedwongen in elkanders velden te leven. 

Dat is de wisselwerking die dus positief dan wel negatief kan uitwerken. Niets wordt vernietigd, alles ondergaat slechts verandering, energie verandert in materie en omgekeerd; 

Indien niets vernietigd wordt wat gebeurt er dan met de levensvelden van gestorvenen? 

Waar is het verleden, wat bouwen we op uit een etherisch verleden dat constant rondom aanwezig is? 

Wat brengen we voort uit de aanwezige levenvelden? 

En wat veroorzaken de sterkste levensvelden, die in deze hele levensvelden-samenhang de leiding hebben? 

Welke levensvelden zijn verantwoordelijk voor de huidige maatschappelijke situatie? 

Welk denkveld bepaalt het leven der mensheid? 

Veel velden kunnen zonder materie in de ruimte bestaan, zij zijn de essentie van onze persoonlijkheid, onze persoonlijkheid heeft dus in feite geen materie nodig om te kunnen existeren. 

Dit zijn wetenschappelijke ontdekkingen na proefnemingen en wie zou hierna zo halsstarrig kunnen zijn om het z.g. voortbestaan na de dood te ontkennen? 

De mens van vlees en bloed behoeft dus niet de gevaarlijkste tiran te zijn, zijn levensveld, jaren na zijn dood nog aanwezig, is gevaarlijker dan hij ooit was.  

Wie kan ontkennen dat na een oorlog binnen een bepaalde tijd weer een oorlog verschijnt? 

Wie ontketenen dat? 

Vooral de van haat vervulde, rancuneuze levensvelden, die zich trachten staande te houden met behulp van de energie van sympathiserende dan wel afhankelijke levensvelden. 

Het is dus logisch dat, wil men innerlijk in "good standing" blijven, men doorlopend eigenlijk een gevecht levert tegen invloeden van buitenaf, die echter ALTIJD, en ook dit kan bewezen worden, een contact moeten vinden in de betrokkene. 

Zonder contact is er geen wisselwerking mogelijk. 

Als de herinneringen bewaard blijven, heeft dit een doel: we moeten leren door ervaringen; we lopen examens door en niemand kan beoordelen hoe snel we leren.  

Een kort leven kan soms belangwekkender zijn dan een lang leven; maar geen enkel leven is nutteloos, want we slaan de herinneringen op als een soort getuigschrift voor de volgende persoonlijkheid, die hetzelfde levensveld gaat bewonen. 

Iedereen weet dat mensen kunnen uitstralen, en allemaal kennen we de invloed daarvan: grauwe, neertrekkende, dan wel gouden, ontrekkende uitstralingen b.v. 

Iemand die zuigt en iemand die toevoegt. 

Dat zuigen en dat toevoegen zijn herkenbaar in de kleur, geur, klank en vorm der betrokkenen. Elk samenleven heeft de risico's van de vermenging; een sterk, blij mens kan beïnvloed worden door de grauwheid en de droefenis van zijn partner b.v. 

Levensvelden vermengen zich en als we niet sterk in onze schoenen staan worden we erdoor geslachtofferd.  

Denk aan werkgemeenschappen, kantoren, instituten, ziekenhuizen, scholen. Dagenlang zitten de betrokkenen in elkanders levensveld, gedachten dringen binnen, die niet van henzelf zijn.  

Hoe sterker ons eigen veld des te groter bescherming we hebben, des te suggestiever we ook op anderen werken.  

Een levensopdracht heeft waarde, indien we b.v. onze medemensen door onszelf bemoedigen, verblijden, verlichten.  

We spreken zo dikwijls over hypnose, als een soms vervelend verschijnsel; hypnose is echter een gerichte energie, die we eigenlijk doorlopend, onbewust, ondergaan.  

Het sterkste leidt ons. 

We stellen ons dagelijks bloot aan levensvelden, en zwakke,  ziekelijke velden kunnen dit ondergaan als storend, als ze weten dat ze zwak zijn. 

Gedachtenkracht kan alles en iedereen bereiken, onverschillig waar het doel zich bevindt, de beeltenis daarvoor is al genoeg.  

Neem iets in gedachten en onderga de invloed daarvan, hoe kunnen onvergetelijke beelden ons niet beïnvloeden? 

Een beeld dat je bijblijft, kan een doorlopend inspiratie-, dan wel depressie-bron zijn.  

Zo ook mensen: hun beeltenissen, hun herinneringen kunnen ons op- dan wel ontladen. Elke paranormale genezer weet dat patiënten die aan hem denken zijn energie aftappen. 

Zich daartegen wapenen is noodzakelijk. 

Maar mensen onderling doen dit dagelijks met elkaar.  

We kunnen voor elkander een hel scheppen; we kunnen ongewild in een hel leven; we kunnen geboren worden met een hels veld om ons heen, en al is het onze opdracht uit zulk een hel te ontsnappen, het is een moeilijke opgave, hoewel ieder daar zijn kwaliteiten bij ontvangt.  

Elke gedachte, elk woord worden in ons opgetekend en er is niets waarvoor we geen verantwoording moeten afleggen. 

We wissen zelf uit en we tekenen zelf op. Dit is een dagelijkse levenshandeling. Hetgeen we begrijpen en uitdragen wist beroerde dingen uit, kan ook goede dingen uitwissen.  

Het goede verandert het kwade en omgekeerd; het kan het zozeer veranderen dat het oplost en plaatsmaakt voor iets totaal anders, want ledigheid, vernietiging, zijn er niet. 

Als ik een beter mens wil worden, moet ik, van onderen op, veranderingen aanbrengen, hetgeen ik al doe door gedachtenkracht, maar opgelegde gedachten hebben geen uitwerking, zoals bewezen is, slechts spontane, vanzelfsprekende gedachten hebben uitwerking. 

Automatisme verandert niets, bezieling, inspiratie veranderen.  

Bezield zijn van vertrouwen verandert een zieke in een gezonde b.v., of een wanhopige in een hopende. 

Niettemin, als ons dit niet lukt is er iets anders dat er tussen staat, iets dat sterker is: ons eigenbelang, onze eerzucht, onze egocentrische doelstellingen? 

Alles wat spontaniteit tegen houdt is sterker dan die spontaniteit, het is een barricade, die opgeworpen is door de wil, of door de plicht, of door de egocentriciteit. 

Iedereen heeft een levensstimulans, wordt ergens door geleefd, nietwaar? 

Er is in ons allen een drang die ons tot existentie drijft: en waaruit bestaat die drang? 

Het doel in het leven is nooit statisch, het is beweeglijk, omdat het onderhevig is aan ontwikkeling. Binnen de natuur, evenals binnen de geest, is het doel: leren en veranderen.  

Iemand die nooit verandert heeft een barricade opgeworpen tussen zichzelf en de ont-wikkeling, het doel. 

Zonder ont-wikkeling vaart niemand wel. 

Spontaniteit kan zich ontwikkelen, loswikkelen uit de dwang die we zelf opgeroepen, dan wel geaccepteerd hebben. 

Er is geen drang dan innerlijke drang en dat komt spontaan op. 

Als je ergens toe gedrongen wordt, is dat heel iets anders dan dat je ergens toe gedwongen wordt. 

Het is ideaal dat de geïnspireerde mens, bezield van belangeloze liefde, onbereikbaar wordt voor de levensvelden der dommen en egocentrici; een sterk, hoog, levensveld neutraliseert een laag, lichtloos veld. 

Maar om iets te neutraliseren moet er wel een omzettings-energie aanwezig zijn en die energie kan op een goed moment uitgeput  raken. Daarom trekken menslievende, dienstbare, goedbedoelende mensen, ook in hun beroep, zich soms terug; daarom hebben ze soms lange vakanties of andere bijladings-methoden nodig, omdat ze uitgeput raken, energie gaan ontberen.  

Velen zijn zich er niet van bewust dat sommige beroepen niets anders doen dan energievelden van anderen bijladen, dan wel omzetten. 

Vandaar sommige ziekte-verschijnselen bij bepaalde beroepen, zeker dat van huisvrouw en huismoeder, die doorlopend in het gezin een harmonie moet bewerken tussen soms tegengestelde levensvelden. Bijladen wordt dan een urgentie; wie dat niet doet gaat ten onder, d.w.z. krijgt bepaalde verschijnselen in het lichaam of in emoties en geest, die hem het existeren onmogelijk maken. 

Het "heb uw naaste lief als uzelf" is een urgentieregel binnen de natuur; de wisselwerking in sympathie houdt de schepping in stand. 

Vijandschap provoceert, tapt af, doet een beroep op het energiebestand. Maar niemand kan op bevel een naaste liefhebben. 

Heeft liefde echter geen talloze facetten? 

Kunnen we - ieder voor zich - die liefde niet op een andere manier uiten? 

Als er maar een warmtegolf van mens tot mens gaat. 

Daar ontbreekt het echter nog grandioos aan. 

We kunnen, door wantrouwen, teleurstelling, deze wisselwerking negeren, ons isoleren. Isolatie is een tegennatuurlijke levensinstelling; niets in de natuur is geïsoleerd, de isolatie zuigt energie af en waar laden we dan op? 

Paracelsus sprak over de grote en de kleine Archaeus, waarbij de laatste doorlopend in de omarming van de eerste moest vertoeven.  

Met wie of wat wisselen wij energie uit? 

Dat wat we liefhebben of mogen laadt bij, dat wat we haten zuigt op. 

Onnodig te zeggen dat zwakke energievelden beter geen provocaties of ontladers om zich heen kunnen hebben.  

Religies, leringen, studies, werkkringen, beeltenissen, woorden, alles kan op- dan wel ontladen.  

De beste maatstaf is: wat voor indruk maakt het op je. 

Niet of je er een egocentrisch nut van zou kunnen hebben, of je er succes dan wel rijkdom door kan verkrijgen, maar wat doet het je innerlijk?  

Geeft het je vrede, een gelukkig gevoel of voel je je bijgeladen, dat is belangrijk. Elke uitwisseling met mensen kan dit oproepen, ook met het werk of met de omgeving. 

Levensvelden kunnen ons drukken, sterke levensvelden kunnen ons in het nauw drijven of opladen, het ligt eraan welke intentie in dat levensveld aanwezig is. 

Egocentrische concentraties kunnen iemand doodnerveus of vermoeid maken. Druk ontstaat door oppressie, onderdrukking, benauwdheid.  

Ongewild, niet eens bewust, kunnen we onze naasten verdringen. 

Het leven en laten leven krijgt hier een veel diepere betekenis. 

Verdringen wij de naasten dan hebben we in werkelijkheid een hoge dunk van onszelf en een mindere dunk van de naasten.  

Wie durft te oordelen? 

Superioriteit veronderstelt inferioriteit.  

Maar wie oordeelt? 

Superieur is datgene dat sterk, energievol, maar daardoor helpend is. Helpend zonder een gericht doel, eenvoudig door te zijn.  

WILLEN helpen is irritant, helpen uit spontaniteit, uit innerlijke drang, zonder opdringerig te zijn, is een kwestie van de levensveld-kwaliteit. 

Hoe meer begrepen ervaringen we hebben des te toleranter, vergevensgezinder, en vooral, des te bewuster we kunnen ZIJN. 

Het "zijn" is in overeenstemming met de kwaliteit en de voltage van ons levenveld. 

Iemand, die het gevoel heeft dat hij niet meer IS, bezit veel te weinig voltage in zijn levensveld. 

Niet voor niets klampen dezulken zich bewust, dan wel onbewust, aan een sterk levensveld vast.  

Een grote persoonlijkheid behoeft helemaal niet egocentrischte zijn, integendeel, hij kan de uitkomst zijn voor velen, en als hij zich bewust daarvan is, dan gaat het er maar om: wat doet hij met zijn kracht en macht? 

Er is macht in de wereld, macht is energie, maar welk gebruik wordt daarvan gemaakt, dat is de kwestie. 

De onsterfelijke macht ligt in de kwaliteit en de kracht van ons levensveld, waaruit we kunnen existeren, waaruit we individueel worden, waaruit we dus die noodzakelijke wisselwerking tussen  grote en kleine Archaeus tot stand brengen, of tussen kosmos en mens, schepper en ziel.  

Hier is geen sprake van enige geloofsovertuiging, maar van de voorwaarde tot "zijn". 

De krachtigste wint, het individu blijft existeren; en het gaat er om dat dezulken wijs zijn, dan zal alles ten goede veranderen.  

Eerste opgave is: energie bijladen door de goede wisselwerking; tweede opgave is: energie uitstralen, anderen bijladen, anderen ver"lichten" dan komt de levensopdracht vanzelf: het zijn om, in diepste wezen, als ego, niet te zijn.  

Dat is een mysterie, dat de practiserenden volkomen begrijpen en onderschrijven. 

Het doel ligt in de ver-andering en de op-lossing, via de ont-wikkeling. En voor dit alles is energie nodig. 

Slechts de duisternis begrijpt dit niet, want het heeft het Licht nooit gegrepen. 

Dat is een waarschuwing voor hen die MENEN duister te zijn, hoewel het licht alomtegenwoordig is. 

Wordt deemoedig en laat het Licht binnentreden. 

Dat is de enige mogelijkheid. 

Het krachtigste levensveld regeert, moge die kracht ten goede zijn. 

Het zijn altijd de sterken die beslissen, ten voordele of ten nadele van de zwakken. 

Daarom richt zich elk wijs woord tot de sterken.  

Of tot de discipelen, die energie omzetten in materie en omgekeerd.


1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene