464 - de onvergetelijke les

"Pas op voor de mens die slechts één boek kent."  

Latijn

Niet iedereen houdt van leren, veel mensen geven de voorkeur aan het zich amuseren.  

In onze maatschappij is het leren echter een "must" geworden, wil men zich in die maatschappij kunnen handhaven.  

Zonder leren kom je nergens, en dus worden de kopjes van de arme kinderen volgestampt. Zijn ze nu wijs geworden of geleerd? 

"Een ezel met boeken beladen blijft een ezel", zegt een oud spreekwoord. 

Onze samenleving maakt van ons creaturen die zo veel mogelijk in het gareel van de geijkte opvattingen kunnen lopen. 

Orde is orde - wet is wet. 

En daar moet het kind zo vroeg mogelijk aan wennen. 

Je kunt je afvragen wat er - van jongsaf - in ons wordt beschadigd of verdrukt om goede leden van de maatschappij te worden.  

We kunnen ons ook afvragen, in hoeverre wij het geleerde hebben behouden, benut of verwerkt. 

Leren is een zaak van het intellect, niet van het hart of het gevoel, zo zegt men. Niettemin weten we dat gevoelsindrukken ons veel langer kunnen bij blijven, dan iets wat we op school hebben geleerd.  

Na het examen begint de leerstof al wat te vervagen; maar hoe gaat dat met ervaringen? 

Wat is, in ons leven, een onvergetelijke les geworden? 

Onvergetelijke leringen kunnen ons frustreren, rijper maken, waarschuwingen zijn. Maar de ervaringen die we niet hebben verwerkt, die worden grote obstakels. Juist die onwetendheid om je ervaringen te verwerken, helpt een stel psychotherapeuten op de been. 

Het niet verwerkte ligt als een bal in onze maag, is een draaimolen in onze hersens, remt ons om vrij in het leven te staan. 

Indien de lering is verwerkt kan hij onvergetelijk worden, maar denken we er zonder morren en zonder echte emotie aan terug, dan hebben we er slechts een glimlach voor over. 

Als we - in het verre verleden - niet een onvergetelijke les hadden gekregen, zaten we nu niet hier, waren we nooit z.g. zoekers geworden, en als we deze les verwerkt hadden, zouden we niet dat vreemde heimwee hebben.  

De geestelijke zoekers zijn in de ogen van de massa gefrustreerd; in de praktijken van de psychotherapeuten wemelt het van z.g. geestelijke zoekers, die ergens zijn vastgelopen. 

Zij kunnen de aloude les niet vergeten, noch plaatsen of verwerken. 

En de therapeut weet hiervoor geen oplossing.  

Als je immers een ander gedrag vertoont en andere wensen hebt dan de maatschappij permitteert, ben je een vreemde eend in de bijt.  

Hebben we ons wel eens afgevraagd hoeveel van de kinderen (gehoorzaam gevangen in de schoolbanken) potentiële geestelijke zoekers zijn? 

Hebben we ons ook wel eens afgevraagd wat we, door die dwang, met die zieltjes doen? Dat wat we interessant vinden willen we aanhoren, dat waarvan we houden willen we leren, maar datgene dat we nutteloos dan wel vervelend vinden, legt slechts beslag op onze tijd, nietwaar? 

Richten we zo, grotendeels,ons eigen leven niet in? 

Hebben we niet veel aangeleerde ballast overboord gegooid? 

En vinden we niet dat er vele jaren zijn voorbijgegaan, voordat we aan de voor ons essentiële dingen, toekwamen? 

Geestelijke zoekers begrijpen elkander, omdat zij verbonden worden door een onvergetelijke les, die als een pijnigende herinnering in hun binnenste ligt. Onder elkaar begrijpen ze wat ze zoeken; onder elkaar kunnen ze dus vrijuit over hun innerlijke bewogenheid, hun wensen, spreken. 

En elke zoeker zal het heerlijk vinden als hij, waar dan ook, een bevestiging vindt van zijn eigen vermoedens. 

Waarom heeft hij behoefte aan die bevestiging? 

Omdat hij, diep in zichzelf, bewezen wil zien dat hij niet "onwijs" is, zoals de massa zegt. Dat hij medestanders heeft, dat hij geen kwezel of zwever is. 

Onvergetelijke lessen worden gekenmerkt door deze emotie: "Dat wil ik nooit meer ervaren." 

Dan komt er een weerstand die heel dikwijls iemand stimuleert om beter te onderscheiden, om beter te handelen, te leven. 

Dat zijn onvergetelijke lessen, die worden verwerkt, die heel het organisme èn de psyche brandmerkten en waaruit men aldus rijper te voorschijn kwam. 

Wie van ons weet niet dat we soms herhaalde malen hetzelfde  kunnen doen, zonder dat we begrijpen waarom we die omstandigheid steeds weer ontmoeten. Herhaling is de leermethode van de natuur, maar ook van de geest. 

Op school had je een hekel aan herhaling; het werd vervelend. 

Maar vervelend wordt iets, indien je de essentie er niet hebt uitgehaald. 

Denk aan rituele gebruiken: ze worden vervelend, indien je je blind staart op de uiterlijke vorm, het uiterlijke woord. 

Rituelen zijn altijd herhalingen, er bestaan geen nieuwe rituelen.  

Een ritueel is zo oud als de wereld en kan door de uitvoerder actueel worden gemaakt, omdat er een essentie in moet liggen die onsterfelijk is.  

Hetzelfde kan gebeuren in de mens zelf: de onvergetelijke les kan dermate levendig omhoogkomen, dat het is alsof je er pal voorstaat.  

Ervaringen kunnen door een kleinigheid opnieuw beleefd worden; een associatie kan ons terugplaatsen in de tijd.  

Een associatie, een bevestiging in literatuur kan zo'n enorme emotie in ons oproepen, dat het is of de herinnering aan een bijna vergeten Lichtland fel oplaait.  

Teruggeplaatst worden in de tijd kan zich over eeuwen heen uitstrekken. Tijd valt dan weg. Tijd is volkomen irreëel als we het over leren hebben. 

We kunnen in een flits iets opnemen en soms kunnen we er jaren overdoen, voordat we iets begrijpen.  

Bezien vanuit de geest doen we er levens over, voordat we begrijpen HOE we terug kunnen keren tot het "god-zijn". 

We gaan van de ene beweging naar de andere, we beluisteren de ene theorie na de andere en we zeggen tot onszelf: Ach, het is allemaal hetzelfde. En dan doen we verveeld, mits de leraar erin slaagt onze aandacht vast te houden. 

Daarvoor zijn duizend en één trucjes, maar hij kan ons niet pressen de theorie te practiseren, de lering te verwerken. 

Dat verwerken vraagt nl. de hele mens, zijn hart, zijn ziel, zijn organisme, zijn rede. Het hoogste wat een leraar kan bereiken is de ingang tot de rede of de ingang tot het hart; dan is de les erin gegaan en wat dan? 

Dan pas komt het organisme, dan pas komt de spontaniteit, het onbewuste, de reactie van onszelf. Niemand weet van tevoren hoe de andere zal reageren, soms weten we zelfs niet hoe onze reactie zal zijn. 

In hoeverre gaat ons onbewuste zich teweer stallen? 

In dat onbewuste liggen de onvergetelijke lessen opgeslagen, een quantiteit aan ervaringen, een zekere wijsheid, gepaard aan een spontane afkeer. Hoe dikwijls wil ons intellect, onze arrogantie, onze wens om "iemand" te zijn, ons "onbewuste" dwingen iets te aanvaarden? 

Hoe dikwijls leven we tegen onszelf in? 

Bezien vanuit onze oerleringen, de plaatsing van de ziel in het lichaam, onze gebondenheid aan dat wiel van geboorte en wedergeboorte, leven we hier eigenlijk dagelijks tegen onze ware zelf in. Dat belast ons onbewust. 

De meeste geestelijke zoekers vinden dat wat ze bereiken, bezitten of doen, altijd betrekkelijk. Het bevredigt hen ten dele, het gaat echter nooit zo diep, dat hun ziel zich eraan kan laven.  

En daar waar de ziel niet wordt gelaafd, daar blijft dat hunkerende vragen en zoeken. Daar blijft die onbevredigdheid, die onvrede met jezelf.  

Onvrede hebben met jezelf is het kenmerk van aIle zoekers. 

Sterker, het zou niet goed zijn als hij te gauw tevreden zou zijn. 

Deze onvrede wordt de aanleiding voor b.v. een gang naar een therapeut. Omdat men niet weet waar te zoeken, omdat de meeste voeding uit stenen bestaat, of uit voedsel voor het intellect, dat slechts tijdelijk boeit.  

Bevredigend is slechts dat wat hoofd, hart en ziel voedt. 

Dus je rede bevredigt, je gevoelens voldoet, en je ziel laaft. 

Dan pas zul je tot diep in jezelf vrede voelen.  

Zou de zo dikwijls voorkomende ontevredenheid met zichzelf, hierin niet grotendeels een oorzaak vinden? 

Van binnenuit worden we gedrongen om een opdracht te vervullen, daarom zijn we op aarde, en met alles wat we doen en alles wat we bereiken, weten we. diep in ons binnenste dat al deze dingen ons niet nader brengen tot de vervulling van die opdracht.  

De aloude onvergetelijke les dringt ons b.v. ook tot het vermelden van wat we gevonden hebben of het overdragen van wat we menen te weten. 

In die opdracht ligt immers besloten, dat geestelijke zoekers pioniers zijn voor de Terugweg. Maar nu wil het feit dat de meeste geestelijke zoekere en zeker de rijpende zielen, zeer kritisch staan tegenover elke overdracht.  

Zij zullen onderkennen of het overgedragene uit een ziele-lering stamt, dan wel louter intellectuele of emotionele bla-bla is. 

En als die raadgever dan op afweer en kritiek stuit, verdiept dit zijn onvrede met zichzelf, zo komt er fanatisme, het moeten, het zich dwingen terwille van ......

Dan sluit zich automatisch het onbewuste, de spontaniteit, het intuïtieve trekt zich terug, met alle gevolgen vandien. Intuïtief behoort elke zoeker te weten, dat hij gehoor moet geven aan de opdracht. 

Welke opdracht? 

De Terugweg aanvaarden. 

Waarheen? 

Naar zijn verloren gegane "god-zijn". 

Hoe doe je dat? 

Door te kiezen tussen spiritualiteit en materialisme en vooral de  keuze te praktiseren. 

Indien hier in onszelf de reactie opwelt: Wat koop Ik daarvoor - wat brengt het mij?, dan is er al een groot gedeelte van het intuïtieve, van het weten, toegesloten, dichtgeslibd. 

Spiritualiteit is vooral: afgaan op je innerlijke stem. 

Die stem kan je allerlei wegen opsturen en zijn wijsheid is verantwoordelijk voor je ervaringen. Die stem komt uit de ziele-schoot, waarin die eeuwenlange ervaringen zijn opgetekend. 

Daarnaast vergeet je wat de medemens je mogelijk in dit leven zou hebben aangedaan. 

Dingen die men elkander in domheid aandoet, zijn het waard vergeten te worden; maar in elke ervaring kan een lering verborgen zijn. Ook het "vergeten" op zich is als een lering. 

Zodra ons "ik" gekwetst wordt, zijn we geneigd dit te onthouden, intellectueel, emotioneel. De ziel laat zich niet horen. 

We kwetsen onze eigen ziel dagelijks, we negeren haar, we houden haar voor dom en dan vragen we onszelf af waarom we ons toch zo ongelukkig voelen. 

De les die ons niet loslaat is de ervaring van de indaling in de stof, het gevangen zijn in een lichaam, het moeten optrekken met een ego. Het dagelijks geconfronteerd worden met de realiteit van ons eigen materialisme. Dat steekt de geestelijke zoeker.  

Als het hem niet meer zou steken, is hij vergeten waarnaar hij zocht.  

Hebben we ons wel eens afgevraagd wat we zoeken? 

Bevrediging, successen, geluk, heiligheid? 

Wat verstaan we onder dit alles? 

Is het niet voor iedereen een totaal ander gegeven? 

Wij zijn allen afhankelijk van de kwaliteit onzer ziel, en daaraan kunnen we niets veranderen, hetzij dan dat we gehoor geven aan ons ge-weten en onze intuïtie en niet slechts luisteren, maar ook doen wat zij zeggen.  

Dat gaat moeilijkheden geven met ons materialistisch ingestelde ego. Dus komen we weer voor een keuze, steeds opnieuw worden we geleid tot de drempel, die we in een vorig leven weigerden over te stappen. We zullen die drempel herhaaldelijk terugvinden, totdat we er werkelijk overheen gaan. 

Maar de natuurwet verzwaart wel steeds de omstandigheden, wie niet horen wil moet voelen is de harde maar effectieve wet.  

Hebt u nooit het gevoel gehad. dat u voor een bekende, maar vergeten ervaring stond dat slechts de omstandigheden iets verschilden? 

Hebt u nooit het gevoel gehad alsof deze ervaring u ergens van zou bevrijden, als je hem maar goed doorleefde? 

Sommigen hebben ook wel eens het gevoel alsof ze tegen een muur zitten, alsof ze niet verder komen. Dan is het werkelijk tijd om het eigen schip eens op de helling te trekken, want die muur MOET worden afgebroken, wil je weer uitzicht krijgen.  

Wellicht zal dat gepaard kunnen gaan met zware ingrepen.  

Een "zware ingreep" is voor ons altijd iets laten, waar het ego zich aan te goeddoet, of gewoonten opbreken. Er is geen groter komediant dan de mens. 

Daarom blijft er slechts één oplossing, één consequentie, willen we geen menselijk drijfhout worden: jezelf eerlijk af te vragen wat je in het leven zoekt. 

Waarom je dat zoekt? 

Jezelf voor de keuze te plaatsen en eens te zien waarheen je   onbewust trekt. Naar de diepte en de hoogte, of naar de breedte en de vlakte? 

Als het de diepte en de hoogte worden, weet dan dat de weg moeilijk wordt, maar dat de be"vrede"gingen eveneens diep en hoog zullen zijn. En dat je rijker, zowel uit de diepten als van de hoogten, terug zult keren. 

Dat wat een mens wenst, dat valt hen vroeg of laat altijd in de schoot, want wensen is een magische kracht, die altijd antwoord ontvangt. En als we niet tevreden zijn met wat we ontvangen, moeten we onze wensen onderzoeken en, indien mogelijk, herscheppen.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene