450 - de signatuur van de volksziekte

Langzamerhand vinden wij het normaal dat menselijke organen worden overgeplant, en dat de mens als een instrument wordt beschouwd, waarin men naar goeddunken kan ontnemen of/en toevoegen. 

Er zijn genoeg gevallen bekend waarbij hart-operaties niet noodzakelijk waren geweest als de arts de oorzaak van het hartfalen had onderkend. 

Wel, dat is een enkel voorbeeld. 

In esoterische kringen zal het begrijpelijk zijn dat alle organen, en in 't bijzonder het hart, afhankelijk zijn van de voorhanden zijnde levensenergie, en levensenergie is afhankelijk van de levensinstelling van de betrokkene. 

Energie is de onontbeerlijke factor om de organen gezond te houden. Energie kunnen we zelf aanvoeren dan wel afremmen.  

Ons organisme is onze dienaar, het volgt willoos onze gedachten en onze emoties. 

Maar NIET onze wil.  

Je kunt je niet gezond of gelukkig WILLEN, maar wel hopen. 

Er komen - in deze super-klinische tijd - steeds meer z.g. volksziekten en virusziekten bij.   

Het wil zeggen dat het volk - als geheel - ziek is; d.w.z. emotioneel  en mentaal ontwricht. Virusziekten betekenen gebrek aan weerstand, aan afweer.  

Een gezonde plant of boom is immuun tegen infecties en ongedierte; een gezond mens bezit weerstand tegen virus- of bacterie-aanvallen van buitenaf; maar wat bezit hij tegen dezelfde aanval van binnenuit? 

Wat we organisch-lichamelijk constateren kunnen we ook op het geestelijke niveau doortrekken.  De geestelijke overtuiging die tot en met in mijn bloed zit, kan ik tegen alle aanvallen verdedigen, dat wat ik overneem van anderen gaat verdedigingshiaten vertonen. 

Als een groep of een volk niet emotioneel en mentaal gezond leeft, daarnaast zich lichamelijk goed voedt, gaat hun afweer-mechanisme verloren. 

Mentale en emotionele voeding is minstens zo belangrijk als lichamelijke voeding. De signatuur van onze tijd ligt in de onwaardige voeding; mentaal, emotioneel, lichamelijk.  

Fanatisme maakt ons eenzijdig, onkunde maakt ons nonchalant, luxe maakt ons gemakzuchtig. 

Zoals inspanning voorafgaat aan ontspanning, zo gaat innerlijke voldaanheid of vrede vooraf aan welzijn.  

Menigeen is ontevreden met zichzelf, soms met zijn omstandigheden, maar er heerst altijd een onvrede.  

Onvrede komt voort uit het niet voldoen aan bepaalde eisen.  

Wie stelt die eisen?  

Stellen we eisen aan onszelf?  Aan ons leven? 

Aan onze interessen of gaven?  Wat verwachten we van het leven? 

Wat verwachten we van spiritualiteit of religie? 

Maken we daarvan niet eigen geprogrammeerde beeltenissen? 

Of vergelijken we ons huidige leven - onbewust - met een Leven dat we gekend hebben en terug willen vinden? 

Het volk is ziek omdat het geen kennis bezit. 

Een variatie op de uitspraak: Mijn volk gaat verloren omdat het geen Kennis bezit. 

Weet u dat we - allemaal - hiermee te maken hebben, omdat we onvoldoende onze kennis benutten? 

Kennis, zonder praktijk, werkt niet uit in ziel en lichaam. 

Esoterie is noodzakelijk om zich in de exoterie te manifesteren.  

Intuïtief weten is een gave waar ziel en lichaam van zullen profiteren.  

De huidige mensheidssignatuur verwijst naar onkunde en gemakzucht, niettegenstaande we waarschijnlijk nog nooit zoveel universitair geschoolden of cursussen op alle gebied hebben gehad. Goede artsen durven te beweren dat ieder mens verantwoordelijk is voor een goede activiteit van zijn hart. 

Alle excessen die, in diepste wezen, tegen zijn geweten ingaan provoceren de hartfunctie.  

Alle opwinding, bitterheid, verzuring, agressie enz. maken zoveel zuren in ons organisme vrij, dat deze de organen aantasten, verbranden.  

Die zuren kunnen slechts worden geneutraliseerd door de basen, die alle zachtmoedig, oplossend, verwekend zijn.  

Het "huwelijk" tussen zuren en basen verwekt de zouten, de fundamenten waarop onze existentie stoelt.  

Dit chemische voorbeeld is een analogie van de natuurwet: vader, moeder, kind.   

De ouders leven voort in het kind, zetten aldus het leven voort; in ons organisme vindt zulk een verwekking doorlopend plaats, en dus worden wij hierdoor in leven gehouden. 

Zodra door emotionele, mentale, dan wel via voedingswijze of verkeerde handelingsgedragingen, deze tweeëenheid, met de derde  als vrucht, verstoord wordt, zijn we, in de grond, al ziek, d.w.z. ons afweersysteem is ondermijnd. 

Mensen met teveel zuren, ontstaan door agressie, haat, ergernissen enz. geven zichzelf geen kansen het zoutkind te produceren; de  basen, de moeders ontbreken. Zulke mensen hebben b.v. in het leven behoefte aan zoet, troost, liefde, zachtheid.   

In het omgekeerde geval, weke, afweerloze, te veel meebewegende mensen bezitten teveel basen, dus te veel "ongehuwde" moeders en bij gebrek aan de zuurvaders hebben zij in het leven behoefte aan zouten, zuren, pikante dingen, ook in de omgang. 

Ook zij ontnemen zichzelf levensenergie. 

Beide voorbeelden hebben ofwel een agressieve afweer, totaal onredelijk; ofwel nauwelijks afweer, de kritische factor ontbreekt. 

De volksziekten, lichamelijk en geestelijk, zijn terug te vinden in de volksgewoonten, in eten, gedragingen, behoeften, interessen.  

De statistieken bewijzen dat we teveel zout eten; zout behoort bij de nieren; in de nieren zetelen de angst en de wil. 

Grote groepen mensen worden bewogen door verborgen angsten en door de wil de wereld te verbeteren b.v., door geweld tegen te  houden.  

Angst en wil wisselen elkander af in de gemoederen van de volkeren, vooral de Europese. 

Statistieken geven een overzicht of een volk zoet, bitter, zuur dan wel zout georiënteerd is.  

Zure volkeren hebben de leverstoornissen als volksziekte; bittere volkeren hebben veel hartstoornissen;  zoete volkeren lijden aan maag/milt ziekten en zoute volkeren lijden aan niergebreken. 

Elk van deze organen zorgt verder voor een mogelijke stoornis in  heel het organisme.  

Elke voorkeur behoort tevens bij een geestelijke keuze. 

Zoete volkeren hebben graag oppervlakkige, "niet te zwaar op de maag liggende" geestelijke overtuigingen; 

bittere volkeren passen bij zeer emotionele, aangrijpende geloofs-richtingen; 

zoute volkeren passen bij oprechte, d.w.z. verklaarbare leringen; 

zure volkeren passen bij abstracte, wat occulte leerstof, mysterieuze verschijnselen.  

Als je de statistieken van de voorkeurvoedingsstoffen vergelijkt met de geestelijke tendens in de betreffende volkeren, klopt dat precies. 

Menigeen betrapt zich erop van tijd tot tijd een voorkeur te hebben voor één van de genoemde smaken. 

Dit wijst op een verminderde ofwel vermeerderde activitelt van één van de organen.  

Wij voeden onszelf met troost, agressie, met bescherming tegen onze angsten door middel van onze voedingskeuze, en door middel van onze geloofskeuze. 

Zoals de arts zegt: je hebt de werking van je eigen hart in de hand, zo zou je ook kunnen zeggen dat we onszelf maken dan wel breken.  

Goede emotionele verbintenissen zoals vriendschap, trouw, barmhartigheid enz. versterken de immuniteit van een groep, het tegendeel verzwakt hem, dit is dus ook bij een volk of een individu van toepassing. 

Als bomen een ingebouwd verdedigingssysteem hebben tegen b.v. rupsen en een seintje aan de buurboom kunnen geven door middel van een electro-magnetische trilling, dat hij zijn "voedingsstoffen moet terugnemen, want er komen rupsen aan", is dit een voorbeeld van een ingebouwd contactsysteem, dat bij de mens zoiets als "vriendschap" zou kunnen worden genoemd, het elkander waarschuwen tegen eventuele vijanden.  

Het tegendeel komt echter ook voor: dat de ene mens zich verkneukelt in het ongeluk van de ander.  

Gezonde bomen hebben onderling goede contacten.  

Gezonde mensen, psychisch vooral, hebben onderling betrouwbare, menselijke, goede contacten.  

Een stoornis hierin vertelt iets van de betrokken mensen, zoals door rupsen belegerde bomen iets vertelt van hun gezondheidstoestand. 

Aan deze oerwetten verandert een z.g. esotericus niets als hij zich  niet houdt aan de levensregels van deze wetten. 

Hieruit zou dus kunnen volgen - schrik niet - dat een esotericus, of een wetend persoon, een vriend, een betrouwbaar mens, een tolerant en een barmhartig mens zou zijn.  

Klaar staande voor vrienden, een beschermer van de zwakken. 

Humane, en geestelijk zuivere contacten behoren dus eigenlijk bij  een psychische gezondheid.  

Want psychisch gezond maakt lichamelijk gezond. 

We schetsen hier natuurlijk een ideale situatie, want volkomen gezonde mensen, vooral psychisch, zijn zeldzaam. 

Een gezond volk is helemaal ver te zoeken.  

Je zou de levensinstelling van b.v. de Hunsa's moeten onderzoeken om te zien waaruit hun afweerkracht bestaat.  

Het ligt nooit alleen aan de voeding. 

Het ligt ook nog aan iets anders: b.v. de bodem waarop we wonen. 

Een mens is dan niet geplant in de aarde zoals de bomen en planten, maar hij is wel omgeven door de uitstraling van de aarde, van zijn land, zijn volksmentaliteit enz. 

Wij zijn eigenlijk opgenomen in de omarming van ons geboorteland of woongebied.  

Die omarming vinden we prettig of niet. 

We ademen de trilling van dat land in, we leven dagelijks met de uitstraling van het brok aarde waarop we wonen.  

Logischerwijze stoort, geestelijk bezien, een arme, giftige, of anderszins verstoorde aarde ons organisch-geestelijke welzijn.  

Het beïnvloedt onze emotionele en mentale oriëntatie.  

Van planten weet men dat de verhouding van de mineralen- en metalen-samenstelling in de aarde hen veranderen kan.  

Bij de mens is het de uitstraling van de betrokken mineralen en metalen die hem beïnvloeden.  

Ook de z.g. bodemschatten beïnvloeden onze levensinstelling, onze emotionele dan wel mentale interessen.  

Niet voor niets zijn bepaalde landen gevoelig voor bepaalde godsdiensten, voor bepaalde films, meningen of leringen; andere daarentegen verwerpen diezelfde films, leringen, overtuigingen e.d..  

Zelfs van stad tot stad is dat merkbaar.  De ene stad heeft meer afweer tegen ziekelijke emoties, geweld e.d., de andere stad haalt het binnen. Dat zegt dus iets van de stadsbevolking. 

Er is een wisselwerking tussen bodem en bevolking; deze wisselwerking bepaalt de sfeer, het niveau van een stad. 

Het bepaalt tevens de immuniteit tegen virussen, bacteriën enz.  

Dezelfde regel geldt voor een gezin, werkgemeenschappen, scholen e.d. Overal waar mensen samen zijn vormt zich een levensveld; een afwerend, een opbouwend, dan wel een afbrekend ziekelijk levensveld.  

Een levensveld met teveel zuren en zouten, agressief, gespannen, dan wel een levensveld met teveel basen, een zwak, individuloos, lauw levensveld.  

Natuurlijk kan er ook een zout levensveld ontstaan, d.w.z. een neutraal levensveld, daar waar iedereen zijn eigen kleur kan behouden, waar creatief en ontspannen gewerkt kan worden. 

De zouten, als product van de zuren en de basen, zijn nl. neutraal. 

Er kan van alles mee gebeuren, of niet. 

Een neutraal veld is vervuld van de wisselwerking tussen positief en negatief, tussen kritiek en goedkeuring, waaruit dus een nieuwe idee gevormd wordt.   

Iemand met behoefte aan zelfstandigheid, creativiteit, z.g. een eigen kleur, heeft behoefte aan zouten.  

Let eens op waar u trek in hebt, als u emotioneel dan wel mentaal over-actief bent geweest. Let eens op wat u hebben wilt, of wat u doen wilt als u mentaal dan wel emotioneel "beneden", als u "op" bent.  Ook spiritualiteit is hiervan afhankelijk. 

Hoe staat u tegenover geestelijke dingen als u vermoeid bent? 

Of emotioneel?  Of gespannen en agressief? 

Wat heeft uw voorkeur in die ogenblikken? 

Agressieve momenten kunnen ons tot zelfvernietigers maken, we missen het z.g. "zoete", het troostende, het waterige dat oplost (het oplossende water) en deze toestand maakt ons tot moordenaars - als we niet oppassen.  

Als we geen zelfkennis en vooral: zelfkritiek bezitten.  

In beginsel gaat het natuurlijk om de aloude basis: twee tegengestelden moeten zich zo met elkander kunnen verenigen dat er een nieuwe impuls, ofwel nieuw leven, uit voortkomt. 

Een proces dat zich geestelijk en lichamelijk dagelijks afspeelt.  

Een fundamenteel gegeven dat in ons organisme voorwaarde is om ons in leven te houden; een gegeven, dat in de spiritualiteit voorwaarde is om ons geestelijk levend te houden.  

Uit voor- en tegen-gegevens komt iets nieuws voort.  

Overwegingen uit een beluisterde, beschouwde les kunnen ons een nieuwe idee geven.  

Vandaar dat het "overwegen" noodzakelijk is.  

Het "overwegen" is een vrouwelijke of negatieve actie, die moet volgen op het intellectuele, soms agressieve vernemen.   

Als we beluisteren of toezien registreren we, dikwijls zeggen we: ik kan het nu niet overwegen want dan verlies ik de informatie.   

Het overwegen moet dus erna komen. 

Niet het intellectueel discussiëren. 

Overwegen is zoiets als mijmeren, zonder hersen-activiteit.  

Dit mijmeren maakt het "zoete", het ontspannende, de basen in ons vrij die onze zuren ontwapenen.  

Dat voelen we ook: door het mijmeren voelen we ons vredig, bevredigd, harmonisch gevuld, zacht. 

Op zo'n moment beoordelen we de wereld en onszelf anders. 

Zelfs onze interessen bezien we anders.  

De volksziekten, de volksinstelling, de volks-voorkeuren bewijzen  dat het mijmeren in al zijn aspecten, verloren is gegaan.  

De tijd nemen om niets te doen dan mijmeren, in gedachten spelen met een woord, een beeltenis, muziek, met alles wat we heerlijk en mooi vinden. 

Dat wat we mooi vinden, wat ons ontroert, ontwapent onze spanning, onze agressie, onze ontevredenheid of onvrede.   

Spiritualiteit is van oudsher als zodanig bedoeld. 

Helaas neemt het nu een plaats in in de rij van agressoren, zuurvormers, bittermakers, vernietigers van de schoonheid en de vervulling. Vervulling behoort bij het vrouwelijke, het is het voorstadium van de bekroning: de vrucht, het zout.  

Het zout der aarde. 

Het zout der aarde is dat wat leven geeft en leven behoudt. 

Wij zijn het zout der aarde.  

Zijn we dat? 

U en ik, de mens, vormen het zout der aarde als ze hun zuren (agressie, hardheid enz.) laten smelten in hun basen (barmhartigheid, tolerantie, vriendschap), want daaruit ontstaat dan een waardig mens: het zout der aarde, degene en datgene dat onontbeerlijk is voor HET leven.  

Want als het zout zijn kracht verliest waarmede zal het dan gezouten worden? 

Als wij geen zout meer aanmaken, als we flauw worden, wie of wat zal ons zouten? 

Behoefte aan zout is behoefte aan levensessentie, datgene dat ons belevendigt. Het zoete staat tegenover het zoute, nietwaar?

Wel, als we het zoete niet uit het leven kunnen extraheren, in alle opzichten, zal het zoete ons vernietigen, of het zure (Vader) en het zoute (Zoon) en als we het zoute niet aanmaken, zullen we de kracht niet vinden om het zoete te zoeken.   

Laten we daarom onszelf onderzoeken en trachten het "zoute" te worden, een zout dat noch brandt, noch vernietigt, maar een zout dat zich wegschenkt om een volkomen nieuw begin te vestigen.   

Een nieuw begin voor een volwaardige existentie. 

Dan zullen een nieuwe hemel en een nieuwe aarde werkelijkheid worden. 

Uitzien naar zulk een vervulling is zichzelf - en anderen - tot leven wekken.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene