25 - Astrosofische Beschouwingen Over Het Gnostieke Evangelie Van De Pistis Sophia

Uit ons inleidende artikel zult u begrepen hebben dat de aeonen-muur ons belet direct en klaar het Licht der Lichten te schouwen en zo willen wij dan nu een ogenblik stilstaan bij de kosmische werkingen onzer tijden. 

Wij hebben geleerd dat deze Aquarius-era de mensheid tot een verbreking en tot een vernieuwing kan brengen. 

Hoe is dat echter te verklaren, wanneer de 13-voudige gevangenis van de aeonische machten ons tot een belemmering is geworden? 

Wij komen dan als vanzelfsprekend op de invloed van de Mysterie-planeten, die de begeleiders zijn van onze era. 

Het merkwaardige is nu, dat het verschijnen van de eerste drie mysterieplaneten tegelijkertijd de aloude goddelijke instraling in de aeonen vernieuwt. 

Uranos, Neptunus en Pluto zijn aeonische machten, die hun goddelijke kracht bewaard hebben en daarom ook door de Ouden: Mysterieplaneten genoemd werden. 

Vandaar dat de Gnosticus veel waarde hecht aan hun inwerking op de zoekende mens. Wanneer de mensheid uit zichzelf niet meer in staat is de dikke aeonen-muur te verbreken en zich los kan maken uit de natuurgebonden stralingen dezer gevallen aeonen, dan maken de mysterieplaneten zich aan deze wereId bekend, opdat allen, die nog enige mogelijkheid hebben tot bevrijding, hun stralingswerkzaamheid zullen kunnen aanwenden en gebruiken. 

De verschijning van de mysterieplaneten is dus altijd een teken, dat een stoffelijke openbaring op het toppunt van zijn ontwikkeling staat en zijn goddelijkheid gaat verliezen. 

De drie kosmische helpers snellen dan de universeIe openbaring te hulp en werken mee om het Plan Gods met wereId en mensheid tot verdere ontplooiing te brengen. 

Vandaar dat wij zeggen: nu is de tijd gekomen waarin de mens zijn laatste kans kan grijpen, nu is het moment aangebroken waarin de mens de indalende Lichtkracht moet gebruiken. 

Wanneer echter de dagen, jaren en maanden voorbijsnellen zonder dat de mens iets anders doet dan zijn uiterlijke religieuze plichten vervullen, terwijl er in waarheid in hemzelf niets verandert, dan zullen ook deze helpende stralen hem niet kunnen bereiken en wordt hij ondergeschikt aan de negatieve en vooral natuurgebonden werkingen van de Aquarius-era. Juist in onze tijd - en u kunt dat om u heen zien - is de individuele hunkering naar zelfstandigheid het grootst en deze zelfstandigheidsbegeerte is gelijk aan het gedrag van de natuuraeon, die de goddelijke instraling weigert en zichzelf op de troon van des Schepper plaatst. 

Door de loop der eeuwen is deze hunkering-naar-heerschappij en deze bezitsdrift steeds sterker geworden en zij werden doorlopend gevoed door gelijkgerichte aeonenstralingen, die hun karakteristieken in het bloed van de mens veranderden. 

Elk mensenkind kan worden gerangschikt in twaalf aeonische - terwijl hij ademt en leeft - typen uit het vibratieveld van de dertiende aeon, die hem aan de aarde ketent. Zolang een mens te herkennen is aan zulk een aeonen-stempel bewijst hij nog niet vrijgekomen te zijn uit de aeonische ommuring. Hij is dan een gebondene van de natuur-aeonen, die de wereId beheersen, en hij handelt op hun bevelen. 

De mysterieplaneten trachten echter de mens via zijn aeonische gebondenheid een goddelijke vibratie in te stralen; zij benutten dus zijn aeonische gevangenschap om hem een ander Lichtbesef bij te brengen. Het heeft geen zin de mens buiten de aeonische muur te zoeken, hem te benaderen in de vrijheid van de zielewerkelijkheid, zolang die mens deze zielewerkelijkheid nog niet kent. 

De mysterieplaneten dringen de aeonische muur binnen, dringen de lipika-muur binnen, waarin de twaalf kernen der aeonische gebondenheid draaien en roepen de mens van binnenuit op tot een ontwaken. 

Daarom realiseren de mysterieplaneten twee stralingswerkzaamheden: een natuurlijke, stoffelijke werking en een onaardse, goddelijke werking. 

Zij raken de mens dus tweevoudig aan: stoffelijk en geestelijk, hetgeen nooit gezegd kan worden van één van de twaalf aeonen. Ook onttrekken de mysterieplaneten geen kracht aan de mens en zijn zij niet belust op zijn moeizaam veroverde Lichtkracht, in tegendeel, zij activeren de innerlijke openbaringskracht van ieder mens. 

Wil men dus een groep van bewuste mensen samenIezen dan moet men rekening houden met de inwerking van deze mysterieplaneten, aangezien zij een totaal nieuwe tijd inluiden. De huidige mensheid is niet meer te vergelijken met haar voorgangers uit de vorige era's. Er wordt waarlijk iets nieuws geboren, hoewel dit nieuwe geboren wordt uit het komende zekere einde van deze stoffelijke openbaring. 

Om de hedendaagse mens te benaderen moet men altijd aanknopen bij zijn individuele verlangens, ingestraald door de aeonen, en dat dus in dit heden om vernieuwing en verbreking roept. 

Wij moeten begrijpen dat de hedendaagse mens niet anders kan dan verbreken en zich losrukken uit een benauwenis, want de mysteriestralingen forceren de nieuwe lichtstraal in hem, die niets anders doet dan het gevaar van kristallisatie trachten af te wenden. 

De materialistische mens ontwaart zijn gevangenis op het horizontale vlak en gaat zich verzetten tegen leiders, volkeren, regeringen. De spirituele mens constateert langzamerhand de ontzettende vervlakking van de religie, hij bemerkt haar gebondenheid aan de begrenzing dezer wereId en hij zoekt dus hartstochtelijk naar een religie die hem de onbegrensdheid biedt. 

Allen die momenteel in opstand zijn tegen de uiterlijkheid van een religie, ondergaan de inwerkingen van de mysteriestralingen en grijpen hun innerlijke mogelijkheden aan. Vooral de mysterieplaneten zullen beletten dat de komende eeuwen gekenmerkt zullen worden door een vervlakking van de religie. Zij hebben het moderne dogmatische christendom een "halt" toegeroepen en zij zullen de ogen der mensheid gaan openen en haar aan het begin plaatsen van de weg der Waarheid en Verborgen Wijsheid. 

U kunt aan de hand van de onderzoekingen op elk gebied deze inwerking der mysterieplaneten verifiëren. 

De mensheid is waarlijk bezig om de sluier, die de geheimen bedekt, op te tillen en zal binnen afzienbare tijd de gruwelijke waarheid in het gelaat staren. Daarom is deze tijd, die vol is van beweging, van verbreking en nieuwe inzichten, zo uitermate geschikt om het Pad van de Pistis Sophia te verwerkelijken. 

Die massale bewustwording van de verstikking in de materie, en van de vervlakking van de religie is de prelude voor de Eerste Boetezang. Het is begrijpelijk dat zij, die zich temidden van zulk een prelude bevinden hulp gaan zoeken bij hen, die al enige Boetezangen gezongen hebben! 

De tijd brengt echter mede dat zij, die heden de Boetezangen aanheffen, meedogenlozer, kritischer, en harder zijn dan hun voorgangers in het verleden. Zulk een houding is het resultaat van een eeuwenlange smartegang. 

Niemand kan deze Boetezangers meer een rad voor de ogen draaien, alle spitum lauficummakers worden koud teruggewezen, de hypocrisie neemt een einde. 

Op het grote wereldtoneel kunt u dat tevens constateren. 

De stralingswerkzaamheid der mysterieplaneten doorbreekt de aeonische muur van de massa, doch ook de muur van de leidinggevende figuren en wereldmachten. Het achter ons liggende zonnejaar verhoogde de werkzaamheid van de mysterieplaneten nog, daar de universeIe Geestzon, heviger dan tevoren zich met de geestelijke activiteit der mysterieplaneten verbond. Daarom gist het overal. 

Er is geen rust meer. De huidige werkingen van Venus kunnen de aangewakkerde verbrekende instralingen niet meer tegenhouden. De rust van het Venusjaar is slechts een schijn-manœuvre, in werkelijkheid tracht men de explosie van de krater tegen te houden, hetgeen niet gelukken zal! 

Er is binnenkort geen mens meer die genoegen zal nemen met de schone beloften uit het verleden, met frasen en excuses. Men gaat vragen: "Wat hebt gij bereikt, vriend, dat gij mij de Verlossing wijzen wilt?" 

Een ieder moet nu bewijzen dat hij de goddelijke medicijn der Pistis Sophia: "Licht der Lichten, in wie ik van den beginne geloofd heb - red mij!" aangewend heeft, als een waarlijk spirituele doorbraak. 

Om echter deze woorden te kunnen spreken moet de ziel de binding met het Licht weder hersteld hebben. Zo de mens niet onder wil gaan in die massale cadans van de gebedsmagie der mensheid tot haar natuur-aeonen, moet de ziel weten waarheen zij zich richt!  Zij moet waarlijk getuigen kunnen dat zij - van den aanvang aan - in dat Licht der Lichten geloofd heeft. Zij moet - in het nu - het bewijs van haar geloof op het altaar der ziel kunnen leggen en iemand, die deze offerande aanschouwt, zal aan de waardigheid daarvan mogen twijfelen. 

Allen, die mogelijk een Gnostiek Pad betreden hebben, die een Gnostieke leer bestudeerd hebben, zouden juist nu de vruchten van hun leringen kunnen plukken. 

De mensheid is momenteel rijp voor waarlijk geestelijke waarden, zij zal deze herkennen gaan! Aan de ene kant is de mensheid verhard, verbitterd en gevoelt zij een innerIijk verzet tegen alle religieuze vormen, doch aan de andere kant komt zij tot de conclusie dat er in deze wereid geen enkele mogelijkheid tot Bevrijding van de goddelijke ziel ligt. 

Vele eeuwen van bedrog en misleiding maakten de mens wantrouwend en argwanend. Indien dus die enkelen, die in staat zijn het Pad van de Pistis Sophia te bewandelen en de Boetezangen aan te heffen, zich aaneen zouden sluiten, zou de mensheid het bewijs krijgen, dat er waarlijk nog een Opgang tot de Hoogten bestaat! 

Zou de mensheid een Poort ten Leven getoond worden. 

Wanneer de ziel in staat is de woorden: "O Licht der Lichten, in wie ik geloofd heb, red mij" op magische wijze uit te zingen, en zich losrukt van alle negatieve, magische aeonische bindingen, zal dit Licht hem omstralen en verhelderen.  

Het doorlopend uitzingen van deze woorden hult de ziel in een beschermende mantel, die haar vrijwaart voor de aanvallen van aeonische machten, onder aanvoering van de kracht-met-de-leeuwenkop. 

De magie van het Licht der Lichten ontkracht de zwartmagische macht van de kracht-rnet-de-leeuwenkop en zo zal de-kernkracht van de aeonische natuur-machten onder de straling van dit majesteitelijke Licht uiteenvallen.

1970 - 2018, copyright Henk en Mia Leene