Mystiek en werkelijkheid rond het derde oog

Praten over het Derde Oog is als je verdiepen in de Oosterse en  Westerse Mystiek; althans dat was voorheen zo. 

Het Derde Oog behoorde tot de leerstellingen van het occultisme en de mystiek: in biologisch opzicht werd het volkomen genegeerd.

Ook de plaats waar het Derde Oog zich bevindt, gaf aanleiding tot discussies: ligt het in de kruin of in het voorhoofd?

Het occultisme en de esoterie werden tot voor kort door de rationele wetenschap niet au sérieux genomen; heden komt daarin een kentering, omdat de techniek grotendeels de opvattingen van de esoterie bevestigt.


REUZEN

De uitdrukking "Derde Oog" komt uit die legendarische tijd dat de reuzen op aarde leefden. 

Goliath was nog één van hen; door een steentje in zijn Derde Oog te werpen, maakte David hem onwetend, machteloos.

Volgens de legende uit het Boek Henoch en andere overleveringen werden de reuzen geboren uit de aardevrouwen die gemeenschap hadden met de Lichtzonen.

In de papyrus van Isis kan men lezen dat haar "gaven, o.a. geneeskunde, kwam van "Amnael, de eerste van de engelen, als beloning voor haar omgang met hem".

De legende van de Lichtzonen werd in de eerste eeuwen van onze jaartelling als basis van de religies gezien, in tegenstelling tot onze tijd. De reuzen werden een plaag voor de aardemensheid, volgens de papyrus van Isis, die toch niet zo dierlijk was als sommige dogma's willen beweren. 

Getuige het Boek Henoch, die zelf een nazaat van deze Lichtzonen was, waren ook Methusalem, Melchizedek en nog enige groten gelieerd met die Lichtzonen.

De reuzen waren echter half menselijk, half demonisch; in hen leefde de arrogantie van de Lichtzonen voort, terwijl de geestelijke onwetendheid van de aardemensheid hen teisterde.

De reuzen waren Cyclopen, één-ogigen. In hun voorhoofd bevond zich Eén-oog, waarmede zij de etherische werelden konden zien; waardoor zij macht hadden over de aarde-mensen en alle natuurlijke vormen; door hen vonden oorlog, dood, en het vernietigen en opeten van medeschepselen ingang.

Na een ingreep van bovenaf, volgens de legenden van Dzyan, door de engelen rond Gods Troon en op bevel van God zelf, werden de reuzen vernietigd; er kwam een zondvloed waarin alle "onheiligen" verdronken. Toen viel er de vergetelheid over de mensheid en het "Derde Oog" werkte niet meer. 


OCCULTISME 

Hieruit kunnen we opmaken dat het bezit van een z.g. werkend derde oog in het voorhoofd niets te maken heeft met heiligheid of spiritualiteit, maar alles met een verloren gave die misbruikt werd.

De gave van het z.g. "tweede gezicht" hangt nl. merkwaardigerwijze samen met schokkende levenservaringen of lichamelijke ongevallen.

Men kan, door training, de gave van het derde oog gedeeltelijk weer opwekken; door o.a. Yoga - Meditatie - Concentratie.

Het "zien van de aura" is een gave van dat Derde Oog in het voorhoofd en dus een overblijfsel van de reuzen of een overblijfsel uit een training in een vorig, hetzij hedendaags leven.


PINEALIS 

Anders wordt het wanneer men het "Derde Oog" vergelijkt. met de epifyse of pijnappelklier, die zich op de kruin van het hoofd bevindt en waarmee baby's waarnemen, door hun ongesloten fontanellen 

Het "oog in het voorhoofd" kan door training geopend worden, de pijnappelklier plaatst zich echter niet onder de menselijke wil.

In het voorhoofd, tussen de wenkbrauwbogen bevindt zich "heden" het ego der mensen, het blinde occulte oog.

Bij de reuzen bevond zich daar hun ego in combinatie met hun Derde Oogvermogen, als gevolg van de vermenging van de Lichtzoon en de aarde-mensheid.

De training van het ego is zeer goed bij machte zijn verloren vermogen te herstellen, waardoor men méér gaat zien dan uiterlijke vormen alleen, zoals dat in de oude tijden gebruikelijk was.

Maar één ding ontbreekt dan: de heiligheid, die samen moet gaan met de geestelijke vermogens, die er uitsluitend zijn ten dienste van de "onwetende Lichtzonen van het Hemelse Ras" of ten behoeve van een "wederkeer van de Lichtzoon tot zijn oorspronkelijke staat".

Om ons heen ziende kunnen we constateren dat de "macht van het oog in het voorhoofd" zelden samengaat met innerlijke adeldom of heiligheid.

Het zijn de gaven waarvan de Rig Veda zegt, "dat men eraan voorbij dient te gaan" en slechts de innerlijke kwaliteiten te beogen.

Er zijn veel occultisten, en ook schrijvers van occulte en mystieke boeken, die het "Oog in het Voorhoofd" en de "Pinealis" (pijnappel) door elkaar halen. In sommige Oosterse leringen is dat herkenbaar door de benamingen: in het voorhoofd straalt de "tweebladige Lotus"; in de kruin de "duizendbladige Lotus".

Ook de naam "Ajna" voor het voorhoofdsoog, zegt genoeg, het betekent: bevel, gebod, aanwijzing, opdracht.

Een tweevoudigheid bevestigt altijd zijn verbintenis met de tweevoudige natuur; maar tevens met een vermenging van geest en natuur. 

Aldus ook hier: een vermenging van Lichtzoon-kracht en aardekracht.

Bovendien staat de tweevoudigheid onder de "maankracht", vandaar dat maanmeditaties veelal te maken hebben met de concentraties rond het "voorhoofdsoog".

En samenwerken met de maanvibraties betekent altijd "groeien" in het natuurlijke vermogen, het ontvankelijk worden voor natuurkrachten; het opwekken van occulte en vergeten gaven, de alchemische ziel die verzonken is in de aarde.

Dan komt de belangrijke vraag: is deze mens bij machte zijn mogelijk herontdekte vermogens te beheersen of wordt hij tot een "reus", iemand, die behept is met een natuurmagische kracht, maar deze altijd onheilig aanwendt, ten eigen bate dan wel tot overheersing van medemensen.

Hieruit volgt dat slechts innerlijke adeldom in staat is deze uitgebreidere natuurgaven te benutten of aan hen voorbij te zien.

Innerlijke adeldom of heiligheid is hetgeen velen wensen, maar slechts enkelen wordt toebedeeld.


BIOLOGISCHE PINEALIS

Wat de duizendvoudige Lotus in de kruin betreft is de biologie tot verrassende ontdekkingen gekomen: de pinealis is nl. helemaal niet inactief, zoals velen menen. 

Hij is niet verbannen tot het oord der vergetelheid, zoals het "voorhoofdsoog", maar hij werkt, hetzij wellicht zwakker dan in de dagen der Lichtzonen.

En omdat hij biologisch werkzaam is, behoort hij ook nog heden tot het bereik van ons organisme.

Wij maken slechts nauwelijks gebruik van hem, maar zijn huidige taak ligt buiten onze wil; hij reageert onwillekeurig, en dat is een zegen!

In sommige Oosterse geschriften staat het "kruinoog" beschreven als "de schenker van Goddelijke kennis, een licht uitstralend alsof alle zonnen tegelijk schijnen".

Dat is heel iets anders dan het "voorhoofdsoog" en werd tevens aanleiding tot het z.g. aureool op de tekeningen van heiligen; heiligheid en aureool gaan aldus samen.

De pijnappelklier is een bolletje van grijswit weefsel zo groot als een erwt in de vorm van een dennenappel. Het zit verborgen aan de achterkant van de schedel, vrijwel precies op de middellijn van hersenen. 

Men noemt dit gedeelte "één van de primitiefste delen van de hersenen". Het wordt nl. niet in beslag genomen door de wil of het intellect en is vrijwel ongebruikt.

Bij de tuatara-hagedis bv. bevindt zich een spleet midden op de  schedel die door dun vlies is bedekt dat licht doorlaat naar de pijnappelklier. Bij baby's is dit ook zo.

De pijnappelklier reageert op licht en regelt, volgens de laatste onderzoekingen, de kleur van de huid en het haar.

In dit verband werd gezegd, dat een lichte huid heilig is en een zwarte huid onheilig. Mad. Blavatski zegt, dat de bruinen "zwart werden door de zonde".

De pijnappelklier herkent aan het licht de natuurseizoenen en staat in directe binding met de werking van de hormonen, aldus ook met het seksuele leven, vandaar dat men zegt dat "onthouding" de kracht van de geestelijke energie doet toenemen.


GRIEKS 

In de 4de eeuw noemde de Griekse anatoom Herophilus de pijnappelklier: "de klep die de gedachtestroom regelt". 

Descartes noemde hem "de zetel van de rationele geest".

In 1958 ontdekten de Amerikaanse onderzoekers een hormoon dat de pijnappelklier produceerde, "melatonine". Het regelt de verspreiding van melamine, het pigment dat de huid en het haar kleur geeft.

Melatonine wordt gemaakt van de chemische stof "serotonine", die in grote hoeveelheid in de pijnappelklier aanwezig is. 

De pijnappelklier is het serotonine-reservoir voor de hersenen.

Bananen, pruimen en vijgen bevatten veel serotonine en het komt veelvuldig in de natuur voor, o.a. in de speekselklieren van de octopus.

De Boddhiboom of Boom van de Boeddha waaronder hij zijn verlichting kreeg, bevat ook veel serotonine. 

Wanneer serotonine in de hersenen aanwezig is, kan de mens "helder denken", verlicht denken, hoger denken, men verkrijgt de Hoge Rede. 

Afwezigheid van serotonine schept hallucinaties, schizofrenie.


L.S.D. en SEROTONINE

Proeven met LSD hebben bevestigd dat LSD-moleculen zich rechtstreeks naar de hersenen begeven waar zij de serotonine insluiten. 

Een LSD-trip is dus een gevolg van het tekort aan serotonine.

De pijnappelklier werkt ook op de geslachtshormonen: een beschadigde pijnappelklier leidt tot overontwikkelde geslachtsorganen; een vergrote pijnappelklier tot ineenschrompeling. 

Er is dus een overeenkomst tussen verminderde en versterkte geslachtsdrift, en het verkleinen dan wel het vergroten van de pijnappelklier.

Nog steeds is de pijnappelklier gevoelig voor indringend zonnelicht en maanlicht; zij reageert daar zelfstandig op. 

Lichaamsprocessen en emoties kunnen hierdoor worden beïnvloed. Zij reageren op zon en maan.

Dat serotonine ook met onze voeding in verband staat, bewijzen de Amerikaanse onderzoekers Wurtman en Fernstrom.

De samenstelling van onze voeding beïnvloedt de chemische huishouding in onze hersenen. 

De chemische samenstelling in onze hersenen beïnvloedt onze slaap, ons driftleven en onze smaak, alsmede onze verhouding tegenover de medemensen.

Aldus: een biefstuk of een portie spaghetti werken totaal anders op onze hersenen. 

De chemische stof "serotonine" wordt  door verschillende componenten in de voeding veranderd.

Door sterk eiwithoudende voeding, zoals vlees, melk en vis, vermindert de serotonine, terwijl het wordt verhoogd door deegwaren en suiker. Aldus heeft een vegetarische leefwijze een totaal andere invloed op ons.

Het zich onthouden van vlees en vis door spirituele mensen heeft dus een biologisch fundament.

Experimenten lieten zien dat het onttrekken van serotonine aan het lichaam een slechte slaap en slapeloosheid veroorzaakte. 

Ratten die men serotonine onttrok kwamen tot verhoogde geslachtsdrift. 

Al die uitspraken over mensen die door begeerten worden gedreven, dat zij nooit "verlicht denken" kunnen, heeft dus een kern van waarheid.

Ratten met een te veel aan serotonine werden slaperig en verloren hun appetijt.

Serotonine, aldus de onderzoekers, wekt de "waakzaamheid" in de hersenen op, beïnvloedt de stemming, de interesse en de motivatie en de ondernemingslust der mensen.

Niet slechts de stofwisseling wordt door de samenstelling van de maaltijd beïnvloed, maar ook de hersenwerkzaamheid.

Door een verlaagde serotonine krijgt de mens behoefte aan alcohol, terwijl gunstige omstandigheden de serotonine verhoogt. 


NOGMAALS PINEALIS

Onze pijnappelklier als reservoir van de serotonine heeft dus een belangrijke taak in ons organisme.

Is er iets met die pijnappelklier niet in orde, dan gedragen wij ons onder de maat van het edele menszijn; tot verlicht denken komen we dan nooit.

Onze voeding is er om onze chemische huishouding op peil te houden; te veel serotonine is niet goed en te weinig evenmin.

Een geestelijk mens met een goed werkende pijnappelklier en dus een normale hoeveelheid serotonine, denkt verlicht, kiest aldus een goede voeding, terwijl de uitwerking van zijn voedsel hem organisch in orde houdt.

Hieruit kunnen we concluderen dat "hetgeen de mensen eten" hun hersensituatie weergeeft; dat "innerlijke adeldom" wel degelijk iets te maken heeft met de gevoeligheid van het "kruinoog" en dat "innerlijke adeldom" tevens uitwerkt in de keuze van onze voeding.

Dat mensen met een "voorhoofdoog" dikwijls onselectief eten, niets hebben tegen het eten van "lijken". Dat bewijst dat hun pijnappelklier, als waarlijk "derde oog", niet juist werkt. 

Dat z.g. geestelijke mensen zeer geïnteresseerd kunnen zijn in hun seksuele leven, bewijst dat hun "verlichte denken" door middel van de pijnappelklier nihil is.

Dat daarentegen totale onthouding van seksueel leven niet zegenend werkt op de serotonine in de pijnappelklier, bewijst dat men van buitenaf, door de wil, de pijnappelklier niet kan dwingen.

Het neigen naar een tegennatuurlijke levensinstelling bewijst reeds een verstoring binnen de pijnappelklier.

Hetgeen de ouden zeiden: dat alles een procesmatige wet volgt, is dus volkomen juist.


OOSTEN

In het Oosten meent men dat wanneer de vijf zintuigen non-actief zijn, de pijnappelklier actiever wordt, dus dwingt men de zintuigen tot stilte door diverse oefeningen.

Een overactieve pijnappelklier brengt echter chemische stoornissen teweeg; getuigen daarvan zijn de yogi's met hun verstoorde lichaamsfuncties. 

En dit heeft niets met spiritualiteit te maken.

De pijnappelklier brengt ons tot "verlicht denken", zielendenken, wanneer alles in onszelf harmonisch werkt. 

Ontspannenheid bevordert de gevoeligheid van de pijnappelklier.

Wanneer men zich blootstellen aan te veel zonlicht of aan te veel maanlicht men provoceert de pijnappelklier, en dit geeft dan een storing in het serotonine-reservoir; zoals hallucinaties bij meditaties en mediale overgevoeligheid. 

De waakzaamheid van de pijnappelklier is verslapt.

De veel gehoorde uitspraak dat mensen "in de leeftijd des onderscheids, wanneer hun haren grijs worden" bereikt moeten hebben wat ze wensten, heeft ook te maken met de werking van de pijnappelklier, die dan zwakker wordt; de haarkleur verdwijnt. 

De aanleiding tot wijsheid komt tijdens het leven en verduurzaamt zich in de jaren van de ouderdom.

Fanatieke voedingsmethoden kunnen ons geestelijk schaden. 

Het "Derde Oog" in de kruin is niet alleen voor zon- en maanlicht gevoelig, maar ook voor geestelijk licht, voor geestelijke impressies.

Het heeft een onstoffelijk zintuig waardoor het feilloos de lichttrillingen in allerlei gedragingen en vormen onderkent.

Hieruit kan men concluderen dat "de mens is zoals zijn chemische huishouding hem maakt", maar dat ook zijn onderscheiding afhankelijk is van zijn emoties en zijn denken, die beheerst worden door de pijnappelklier.

Smaak, het herkennen van geestelijke dingen, voedsel kunnen dus nooit een twistpunt worden en nooit tot een overeenstemming van de mensen leiden, want ieder reageert zoals zijn "kruinoog" beoogt. 

Lagere emoties zijn een gevolg van een zwakke werkzaamheid van de pijnappelklier; afwezigheid van emoties zijn een gevolg van een te hoge werkzaamheid.

Onze tijd wordt gekenmerkt door een verstoring in de serotonine van de pijnappelklier; ziekelijke emoties, onverlicht (intellectueel) denken, het uitroepen van menselijke uitvindingen tot heilige afgoden; het eten van de mens onwaardig voedsel (lijken, ook van wilde dieren), een slecht uitgebalanceerd voedingssysteem: uitsluitend granen, uitsluitend dood voedsel.

Wij slachtofferen onszelf - en helaas - kan niemand ons dwingen anders te handelen, wanneer er in ons denken niet een sprankje licht opvlamt of in ons hart een tedere snaar wordt geraakt. 

De ene mens heeft daarvoor meer aanleiding nodig dan de andere.

Afstomping leidt tot geesteloosheid, maar verscherpte intellectualiteit evenzeer. 

Het kruin-oog "ziet" werkelijk; maar wij slaan het met blindheid. Het "volgt" het licht en wij gaan onverstandig met dat licht om.

Het kan zelf-lichtend worden als duizend zonnen, wanneer het een bovenaards licht weerkaatst, zoals ons normale oog lichtend kan zijn wanneer we van binnenuit edel worden bezield.

Een edele lichtende bezieling ontgaat ons kruinoog niet. 

Dat wat "licht" aan ons is, weerkaatst het, hoe meer duisternis er aan ons zal zijn, des te zwakker  het zal reageren.

En zij, die een werkzaam "derde oog" wensen; wel, men kan kiezen tussen die in het voorhoofd en die in de kruin.

In de kruin bevindt zich het onwillekeurige oog, dat op lichtflitsen reageert natuurlijk en geestelijk; in het voorhoofd bevindt zich het ego-oog, dat op ego-inspanningen reageert.

Een werkzaam kruin-oog gaat samen met een edel innerlijk en een edel innerlijk vermindert de ego-centraliteit: aldus kan hetgeen in de pijnappelklier geschiedt vrij uitstralen naar buiten door middel van het voorhoofd.

Dat is totaal anders dan te beginnen met het ego-oog!

De kernkracht der ziel van de mens bewijst zich dan door het teken aan het voorhoofd èn het aureool rond het hoofd.

Heilig worden is een gecompliceerde activiteit, met zeer veel facetten en stadia, maar hetgeen uiterlijk is, houdt wel verband met hetgeen innerlijk is; en Kennis met een grote K., intuïtief vermogen zijn het gevolg van een gevoeligheid van de pijnappelklier, die reageert op een proces dat zich "in" de mens afspeelt, natuurlijk en geestelijk.

Elk individu bepaalt dus zijn eigen levensweg; en zijn gedrag, zijn emoties, zijn "verlichte rede" zullen bewijzen wie hij is. 

De "verlichte rede" is dus nooit en kwestie van intellect, maar wel van gevoeligheid voor een bovenaards licht.

Moge deze "verlichte rede" ons denken verlichten.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene