De mens en het element vuur

Over het algemeen bestaat er een angst voor vuur, vuur is vernietigend; bosbranden zijn luguber om te zien, ook de dieren hebben een erge angst voor vuur. 

Vuur, indien het niet in toom wordt gehouden, slaat de protonen, elektronen en neutronen uiteen. 

Vuur is, evenals de wind, een reiniger, maar ook een omzetter. 

In de as van hetgeen is verbrand vindt je alle basismineralen terug, die dienden tot opbouw van de schepping. 

Er wordt dus eigenlijk niets totaal vernietigd.  

Vuur is hitte en voor de mensheid is de zon vergelijkbaar met vuur, een weldadig vuur mits je het met mate aanwendt. 

Net als met de lucht is de zon een levensbehoefte. 

Zonder die zon zouden we stofwisselingsstoornissen, en ontwikkelingsziekten hebben. 

De weerstand van het organisme wordt dan totaal ondermijnd. 

Maar net als bij de lucht behoort bij de zon ook een bepaald type mens; het heeft met het karakter te maken. 

Vuur behoort eveneens bij het extroverte type, het behoort bij de bezieling. 

Bezieling is een hitte, een innerlijke warmte die het gehele organisme kan stimuleren, maar bij overdrijving ook kan verbranden. 

Spiritualiteit behoort bij vuur, lucht en water. 

Vuur is het bezielende element; lucht het transporterende; en water het ontvankelijke. 

Lucht bevindt zich in alle elementen, zoals aarde, vuur en water, maar het vuur bevindt zich slechts in de lucht. 

Vuur kan slechts goed ontvangen worden indien er voldoende remmende elementen, zoals water en aarde aanwezig zijn. 

Fanatieke mensen moeten eigenlijk de zon mijden, zij worden daardoor uit hun evenwicht gebracht, het vuur moet voor hen worden gefiltreerd. 

Mensen, die met het innerlijke vuur, de bezieling, kunnen omgaan zijn leiderstypen, want zij kunnen van hun vuur uitdelen, zodat anderen er mede door kunnen worden bezield. 

En zo vervult het vuur zijn opdracht: reinigen, bezielen of ontsteken, verwarmen of koesteren. 

De zon verwarmt ons bloed, vermeerdert onze rode bloedlichaampjes en maakt dus actieve typen van ons. 

Teveel zon doet echter het tegenovergestelde. 

Fanatisme is een teveel aan vuur, een vuur dat niet kan worden geleid, het is een losgeslagen element en iedereen weet dat fanatisme vernietigen kan. 

De lucht draagt partikeltjes van de zon mede, waardoor de ziel wordt geactiveerd, de ziel, als waterstofatoom, wacht op de aanraking van het helium om tot actie over te gaan. 

Momenteel weet iedereen iets over het gat in de ozonlaag, waardoor we worden blootgesteld aan een te felle zon en de zonnewinden. 

De zon is een atoomcentrale die door de ozon moet worden gefiltreerd om ongevaarlijk te worden voor de mens. 

Indien de ziel, als waterstofatoom, binding krijgt met het helium, is dit zoiets als een kernfusie. 

Het is het organisme, het aardse organisme, dat de ozonlaag nodig heeft. 

De ziel is een onderdeel van een atoomeenheid, die in de alleroudste tijden blootgestaan heeft aan een atoomsplitsing. 

Daar waar wij vandaan komen was de atomaire verhouding anders dan op aarde. 

Die oeratoomsplitsing, waardoor onze buitenaardse ziel op aarde kan leven, heeft op ons indruk gemaakt, en liet een herinnering achter. 

De herinnering aan weggejaagd zijn, een uitbarsting, woede,  hitte. 

In deze buitenaardsen leeft dus een angst, vanwege die atoomsplitsing, maar ook een heimwee vanwege een verloren bezieling. 

Deze buitenaardse zullen behoefte gevoelen aan een levende spiritualiteit, een spiritualiteit die hen raakt, activeert. 

Geen spiritualiteit die hen doet inslapen, dus een gezapige zekerheid heeft, zoals kerken dit kunnen doen. 

Iemand, die een buitenaardse, waterstofziel bezit, wil terug naar  de atomaire eenheid van vuur en water, helium en waterstof. 

Het vuur voorkomt inslapen, maar kan wel uitputten. 

Als de wereld ten onder dreigt te gaan door vuur, dan wil dit zeggen, dat er te weinig ontvankelijke elementen aanwezig zijn  die dit vuur in hun schoot kunnen opnemen. 

Indien het element lucht uit zijn chemische evenwicht is gebracht, kan het dit vuur niet goed transporteren, waardoor b.v. de zon ons zal gaan schaden. 

Vuur is ook licht; God is Licht, zegt men, God is warmte. 

Men spreekt nooit over God is koelte en God is duisternis. 

Het Licht staat aan de top van alle elementen. 

Lichtloosheid doodt evenzeer als luchtloosheid. 

Spiritueel kun je verder leven zonder water, zonder aarde, maar niet zonder lucht en licht. 

Ruimten, zoals ook ons innerlijk, die duister blijven, zonder lucht en licht, worden broeikassen van woekeringen. 

Het bewaren behoort bij aarde; bij duister, bij koesteringen. 

Een spirituele werkplaats die blootstaat aan veel licht en lucht wordt ontledigd. 

Getemperd licht, getemperde lucht houden de trillingen intact. 

Vandaar dat licht en lucht, reinigend werken. 

Een spirituele ruimte kan worden geactiveerd door bezieling, een bezieling die geboren wordt door de aanraking van licht en vuur. 

Niets is zo alomvattend weldadig als zitten aan een open vuur, zowel de emoties als de gedachten worden geactiveerd. 

Indien wij echter dit vuur niet in de hand houden, werkt het tot een vernietiging. 

Het is dan zeker dat er gezegd kan worden: er komt een nieuw begin, al het oude wordt verbrand, het nieuwe moet komen wil er een voortbestaan zijn. 

Magie werkt via lucht en vuur; de ogen werken via water en vuur, een twee-eenheid die succes van uitstraling en ontvangst verzekert. 

Magische mensen zijn altijd vuur en luchttypen. 

Ware spiritualiteit is een vereniging van lucht, water en vuur. 

De aarde is hier slechts belangrijk om deze mens houvast te geven, zodat zijn spiritualiteit hem niet omwerpt. 

Laten we nooit vergeten dat misbruik van vuur ook in de spiritualiteit voorkomt. 

Het zijn de lucht- en de vuurtypen die moeite hebben om hun grenzen te bepalen. 

De watertypen kunnen zich nog door anderen laten begrenzen, hetgeen de voornoemde twee typen dikwijls weigeren. 

Het element lucht is ongrijpbaar, het element vuur is gevaarlijk, het element water wordt altijd ingebed.

De oude Indiaanse legenden zeggen dat ditmaal de wereld zal vergaan door vuur. 

Na de catastrofe van Atlantis, dat verging door water, is nu het vuur aan de beurt. 

Wij spelen met atoomenergie, dit is een vorm van het vuur. 

Wij provoceren het vuur, waardoor het vuur zich tegen ons zal keren. 

De opkomst van zovele en zo diverse spirituele groeperingen is een teken dat we een vuur-lucht tijdperk binnengegaan zijn. 

Maar het betekent ook dat dit vuur en deze lucht ons zullen kunnen oordelen. 

Ook de roep om vrijheid, die overal klinkt, toont dit aan. 

Om een gezond, actief, en ook spiritueel mens te zijn hebben we energie nodig en de zon brengt ons deze energie. 

De zon versterkt ons hart en onze ademhaling, stimuleert de stofwisseling, en vernieuwt ons dus eigenlijk, zoals vuur doet: de verbranding van het oude en de opwekking van het nieuwe. Dit staat ons ook op het wereldtoneel te wachten: een totale afbraak van het oude en het roepen om iets nieuws. 

Kosmisch gezien gebeurt dit ook: er komt een nieuw begin op de ruïnen van oude woekeringen. 

Vuur is een levendig element, het beweegt, zoals beweging in de zon vegetatief gestoorde mensen, geneest. 

Daar waar we in die zon stil gaan liggen, kunnen we blootstaan aan verbranding, dus aan schaden. 

Lichamelijk, energetisch, spiritueel, organisch. 

De zon brandt herinneringen weg; de zon kan het denken aantasten en vooral de herinneringsmoleculen. 

Daarom weren occulte praktijken de zon. 

Dat wat in het verborgene gebeurt, en alles wat zich in ons innerlijk afspeelt is verborgen, wordt door de zon aangetast. 

Mits we lucht toevoegen, lucht als beweging, lucht die ons organisme ruimte geeft, die onze cellen activeert en de energie dus transporteren. 

Het stil zijn, het verzamelen, het zich concentreren, is in zon en lucht onmogelijk. 

Meditatie moet in een afgesloten ruimte gebeuren of op een plek, buiten, die etherisch reeds is afgesloten. 

Er zijn nl. plaatsen in de natuur waar trillingen door de zon en door de ether worden ingeëtst. 

Hierdoor wordt een plek afgebakend. 

Deze inetsing is dikwijls bestand tegen de verwaaiende winden. 

Hieraan zijn echter jaren, zo niet eeuwen aan concentratie voorafgegaan. 

De aarde absorbeert nl. trillingen en deze aarde wordt toegebrand door de zon. 

Zulk een dichtbranden kan slechts worden verdragen door zeer sterke trillingen, zeer sterke bezielingen, zij moeten het vuur van de zon evenaren. 

Het gaat dus ook hier om een bezieling.  

Hoe sterker de bezieling, des te meer weerstand het heeft tegen lucht en vuur. 

Wij waren eens, als buitenaardsen, bezielde, vrijheidminnende wezens, autoritaire, grensverleggende wezens. 

Nu zitten we vast op een planeet die ons de "begrenzing" overdraagt: het gebondene. 

Niet voor niets zoeken we in de ruimte naar andere mogelijkheden. 

Het gebondene en het begrensde wurgt ons. 

Althans de vuur-, lucht- en watertypen. 

Wij vinden geen vrede in beperking, wij vinden vrede in extase, bezieling, inspiratie. 

Dit grenst aan spiritualiteit. 

Wij zoeken in de spiritualiteit: extase, bezieling, inspiratie, grensverlegging. Het tegendeel van een dogma. 

Het dogma verziekt een buitenaards wezen. 

Het dogma is anti-vrijheid en vrijheid is lucht, licht, stromen. 

Een dogma wordt gehandhaafd door aardse mensen, nooit door spiritualisten, want het is tegen hun innerlijke geaardheid. 

Indien er een overmacht aan dogma's komt, wordt de spiritualiteit, de elementen lucht, vuur en water, bedwongen. 

Zij worden onderdrukt en onderdrukking leidt tot revolte, zodat het begrijpelijk is dat deze elementen catastrofen gaan veroorzaken. 

Een catastrofe van water, lucht, en vuur is nl. een revolte van het betreffende element: aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, orkanen en overstromingen. 

De aarde wordt hierdoor geslachtofferd, de aarde, het remmende element.

Met onze milieuvervuiling brengen we de elementen uit hun  baan; met onze mijnbouw, onze olie- en gaswinning brengen we de aarde uit haar evenwicht. 

Het is volkomen logisch dat zulk een ondoordachte uitbuiterij een kosmische wet verstoort en een reactie oproept. 

Vuur verwarmt, doet zweten, waardoor ontgifting ontstaat, mede door zoutverlies. 

Zoutverlies vermindert ego-kracht. 

Bezieling geeft eveneens zoutverlies; echte spiritualiteit vermindert eveneens ons zoutgehalte en verhoogt het kaliumgehalte. 

Een teveel aan spiritualiteit, dus een doorlopende bezieling b.v. tast het natrium-wezen, het ego, het aardse ego, aan. 

Dit herstelt zich echter indien er een gezonde aarde-binding is. 

Vandaar dat een gezonde aarde ons behoedt voor zelfvernietiging. 

Geestelijke gezondheid, net als lichamelijke gezondheid, is afhankelijk van een harmonie tussen de elementen. 

Vandaar dat streken waarbinnen de vijf elementen evenredig aanwezig zijn, ideale spirituele plekken worden. 

Bezieling, ook spirituele, kan b.v. uitdrogen veroorzaken, indien er GEEN goede ontvankelijkheid aanwezig is. 

En wat is ontvankelijkheid? 

Het tegendeel van bezieling: het is stil zijn, zich openen, rust. 

Het geluk is echter dat een waarachtig spiritueel mens beslist ook ontvankelijkheid bezit, omdat spiritualiteit zonder ontvankelijkheid een verbrandende, ontsporende spiritualiteit is. 

Dat wat doorgegeven wordt als spirituele energie behoort te genezen, te reinigen, te verwarmen, te activeren tot grensverlegging. Het risico van onze huidige milieusituatie is, dat de ontvankelijkheid die de zon, het vuur, nodig heeft om haar taak, belevendiging, te volbrengen, sterk vermindert. 

De ontvankelijke elementen verliezen immers hun kracht: aarde en water. 

Hierdoor wordt het vuur dus ongebonden. 

En wie zal het in toom houden? 

Tevens verliest de aarde aan reiniging en houvast, verliest het water zijn eigenschappen. 

Het is wel begrijpelijk dat de spiritualiteit hiermede gelijke tred gaat houden, want ook zij is afhankelijk van de onderlinge samenwerking der vijf elementen. 

En is de huidige spiritualiteit niet ontspoord? 

Wordt het niet gedomineerd door een teveel aan ego, aan natrium? 

Is de moderne natriumliefde daarvan geen voorbeeld, in de voeding b.v.? 

Natrium  brandt in-zichzelf. 

Natrium dooft vuur. 

Natrium doodt levend water. 

Natrium, zout, ontzielt de buitenaardse ziel, en bezielt de aardse ziel. 

Wij leven in de natriumtijd, wat behoort bij het Waterman-tijdperk. 

Het is het ego dat de geest dwingen en domineren wil. 

Het is een tijd waarin forcering hoogtij viert, maar noch de geest, noch de ziel laten zich forceren; zij vluchten heen en laten de catastrofe achter zich. 

Het meeste worden de ontvankelijken en de ontvankelijke elementen geslachtofferd. 

Het is als met de mensen: de positief geaarden vernietigen de negatief geaarden, omdat positief altijd leidt en negatief volgt. 

Positief domineert, dwingt; negatief zuigt, klampt zich vast. 

Het vuur is een positief element, zoals de lucht; en mèt de lucht stort het zich op de aarde en in het water en teistert de reeds verzwakte elementen. 

Zij kunnen de beide positieve elementen niet meer bedwingen, noch remmen, noch ermede samenwerken. 

Wat buiten ons gebeurt, gebeurt ook in ons, wij slachtofferen onze omgeving, en onze omgeving slachtoffert ons. 

Niets staat op zichzelf. 

Om hieraan te ontkomen is een radicale reiniging nodig. 

En dit is wat ons voorstaat: het vijfde element, de ether, zal alle elementen schoonmaken, omdat dit noodzakelijk is om te overleven: schepping, schepsel en ziel.

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene