VIII


De Maan - no. l8, Hebreeuwse letter 'Tzaddi (tzahdi)


De tegengestelde kaart van de hogepriester is de Maan, zoals wij zeiden.

Deze kaart draagt de letter Tzaddi (tzahdi) en zij betekent: vishaak. 

Enigszins eigenaardig bij oppervlakkige beschouwing, doch dieper bezien klopt het toch met de spirituele betekenis.

De vishaak trekt de vis op uit het water, de pinealiskracht, de "haak" vanuit de kruin van de mens kan hem oprekken uit de emotionele wateren, en hem wederom in de realiteit voeren.

Opgetrokken worden aan een haak is gevangen genomen worden, in deze spirituele betekenis wordt de mens opnieuw ingesloten in de oorspronkelijke realiteit van zijn wezenlijke grond.

Het getal 18 dat deze kaart siert is dan ook een gevaarlijk getal, zo leert de numerologie; een getal waarbij de mens door verraad omgeven wordt, zijn weg is met bloed bevlekt en hij moet zich totaal losmaken van zijn zintuigen wil hij deze maankracht op de juiste wijze ondergaan.

De honden op de middeleeuwse Tarotkaart blaffen daarom niet, zij lekken de maankracht op.

Slechts de honden op de Hermetische kaart blaffen en doen hun plicht, zij blijven trouw aan de dwaas van den Beginne.

De middeleeuwse kaart behoort geheel bij de paus, die zich over-geeft aan een zintuiglijke godendienst.

Deze 18de kaart waarschuwt tevens dat de neofiet op een scheidingslijn komt: hij staat op de grens van de kreeftskeerkring, waarbij de zon haar grootste noordelijke declinatie bereikt heeft en wederom terug gaat naar de evenaar.

Dit geheel is in overeenstemming met de spirituele wet.

In deze vijfde bezinning of inwijdingsfase staat de neofiet op de grens van verder gaan of terugvallen in de egocentrische belevenissen.

Slechts zijn zelfoverwinning zal de volgende fase tot een positieve overwinning brengen en voor hem beslissen. 

Een hogere hiërarchieke trap dan de paus bestaat niet, de neofiet kan niet sterker en krachtiger worden dan de hogepriester.

Hij heeft zijn menselijke of geestelijke krachten nu verzamelt en dus komen er na deze fasen de resultaten van zijn handelingen.

Die handeling berustte uitsluitend bij de hogepriester, de laatste vereiste handeling ligt bij het ego: besluit het tot overgave of niet.

Het is niet waar dat de ziel vrij is in haar handelen zolang het ego noch wikt en weegt.

De ziel is pas vrij na de beslissende fase, na de keuze tussen ego en zieleleven.

Alles wat wij doen op onze spirituele weg is wikken en wegen, daarom hebben we het zo moeilijk, daarom maken we van deze simpele Tarotweg een spel met 78 kaarten

De 22 grote Arcana werden door ons nog verrijkt met 56 kleine Arcana; niet ontstaan in het verlichte denken van Hermes, maar geboren uit de ego-strijd van de mens.

Het getal 22 van de grote Arcana duidt op de instroming van geestelijk licht.

Het getal 78 symboliseert de duivel, en men noemt het het Pad van de duisternis.

Is deze numerologie toeval? 

Bestaat er ooit een toeval?

Alle inwijdingen en fasen BUITEN de 22 grote Arcana zijn inbeeldingen van de mensen, zijwegen, ego-struikelingen.

Men gaat van de ene fase naar de andere door inkeer en innerlijke wasdom - niet door allerlei obstakels te zoeken en daarmede te worstelen.

Het Pad van Opgang is één grote worsteling, verzuchten sommige pelgrims, maar uit de Tarot spreekt dit niet.

Er zijn valstrikken, maar de dwaas blijkt steeds de wijze te zijn!

Hij worstelt niet, hij wordt door de moeilijke fasen heengeleid.

Wanneer de mens stil wordt, zijn gedachten stopzet, zijn emoties laat wegvlieden zodra hij belaagd wordt door tegenstand, dan komt de oplossing spoedig in 't zicht.

Probeert dat maar eens!

De moeilijkheden die men meent te zien op zich af laten komen en onbeweeglijk blijven, zo gaan zij de mens voorbij, dan wel men wordt door hen heengedragen als door onzichtbare handen.

De dwaas in-de-spirituele mens is immers onaantastbaar? 

Waar zou men hem kunnen grijpen?

Juist doordat wij met onze gedachten of met ons hart verbonden zijn met de ons omringende obstakels kunnen zij ons slacht-offeren. 

En dit betekent dat onze dwaas nog niet absoluut onthecht is hij heeft nog iets van de nar in zich die speelt om de beloning.

Als wij de hogepriester nogmaals bezien, bemerken we dat de geestelijke stroom gaat van de rechterhand naar de linkerhand, van Boaz. (indalend) naar Jachin (uitstralend), pinealis naar hart.

Bij de paus-figuur is van geen enkele instraling en uitstraling sprake, hij zit en neemt de aanbidding in ontvangst.

Wij volgen momenteel slechts de Egyptische Tarot en de middeleeuwse Tarot. 

De occulte Tarot is zo verschillend van beide dat deze een vol-komen aparte behandeling zou vragen en dit voert ons op allerlei intellectuele zijwegen.

Tenslotte is het onze bedoeling dat men zich verenigt met de hermetische zienswijze en de stadia van inwijding.

Onze eigen weg zou paralel kunnen lopen met de hermetische Tarot en wij zullen wel bemerkt hebben dat wij allen in één of ander stadium blijven steken en nu vechten - tegen onszelf - om niet terug te vallen of misleid te worden, hetzij door de middeleeuwse zienswijze, hetzij door de occulte zienswijze.

Het is dikwijls zo verleidelijk een spel van ons spirituele streven te maken, het spel van interessante bezigheid, van "zoeker zijn" en geleerd meepraten.

Spelen met etiketten en graden, de middeleeuwse en occulte Tarot is er vol van, de Hermetische Tarot is eenvoudig in zijn symboliek.

Om de paus nog iets van waardigheid te verlenen plaatste de astrologie deze kaart nummer 5 onder het teken van de Ram, het leidende dier van de schapen.

Jezus werd geboren onder het teken Ram, zegt men.

We laten dit in het midden, dar wij de Jezusfiguur geheel anders benaderen.

Maar de Ram het zo "herderlijke" dier blijft een ram, en hij wordt geregeerd door de driften van Mars.

De Ram is instinctief, nog lang niet intuïtief, en dit past volkomen bij de paus-figuur, maar totaal niet bij de hogepriester, men zou hoogstens kunnen zeggen dat deze een Michael geworden is, het strijdperk van de draak der duisternis binnengaande.

De Tarot-kaarten zijn niet astrologisch te benaderen, slechts astrosofisch en dat wil zeggen op astro-wijsgerige manier, den-kende aan de geestelijke invloed van het heelal.

Deze geestelijke invloed is pas merkbaar wanneer de heerser en de heerseres samenwerken en zij genegen zijn de poort tot de eeuwigheid te openen.

Wanneer Venus aanschouwd wordt, de zintuigen doorzien, de materiële bindingen losgemaakt, dan komt de wijsgerige kant van de astrosofie naar voren en bemerken we hoe door dit heelal heen de kracht van de geestelijke zon straalt. 

Zoals wij zeiden:

De hogepriester staat voor zijn laatste beslissing en die heeft hij innerlijk reeds genomen, anders zou hij de staat van hogepriester niet hebben bereikt.

Hij wordt geïnspireerd door de adelaar, hij is de beheerser en de moedige; moedig omdat hij zich durft overgeven aan de "kleine kracht", de kracht van een David.

En deze kracht bemerken wij in de volgende kaart van de Tarot: De Beslissing - no. 6, Hebreeuwse letter Vav (vahv)

Deze kaart is één van de belangrijkste van de inwijdingsweg en het is tragisch te zien wat de middeleeuwse bestudeerders ervan hebben gemaakt, hoewel hun uitleg typerend is voor de gehele voorafgaande zienswijze en hen hierdoor duidelijk uittekent.

De middeleeuwse Tarot noemt deze kaart: de Geliefden, de Hermetische zegt: De Beslissing.

Deze beslissing lag in handen van Venus, de heerseres.

Venus die de verleidster dan wel de gids kon worden.

De magiër of de neofiet die deze heerseres herkent in haar methoden, volgt absoluut en onafgebroken de Hermetische raadgevingen en wijdt zichzelf daardoor in.

Venus of de heerseres wordt dan zijn dienares, de dienares in de Tempel van de hogepriester.

Op het moment suprême, zoals op deze kaart van de beslissing ontpopt zij zich als gezondene van het eeuwige Licht, van Isis en Osiris en dan schenkt zij de neofiet, die nu opnieuw van alle grootsheid ontdaan voor haar staat haar Liefde.

De hogepriester ontvangt hier de enige Liefde die wenst, de liefde van de ziel.

Isis, ontdaan van haar kroon, slechts getooid met een bloem op haar kruin, acht deze neofiet geschikt om een Pad van de ziel te gaan, omdat hij bewezen heeft dat zijn liefdebinding met de ziel sterker was dan zijn liefde der zinnen.

De tekening toont duidelijk dat de neofiet zich uitsluitend tot Isis keert en dat de Venus of de wellust hem niet kan bekoren.

Venus is uitsluitend gericht op zijn bekkenheiligdom; Isis wendt zich tot zijn hoofdheiligdom, terwijl de neofiet zijn linkerhand ter begroeting op zijn borst houdt.

Dit is een teken van volkomen overgave.

Zijn bekken is bedekt, het bekken van Venus is onbedekt.

Boven hun hoofden zweeft Eros, de adeldom der ziel, en richt zijn pijl op de Venus der zinnen .

Indien deze kaart de Geliefden zou moeten heten dan zou het zijn omdat de pelgrim hier de liefde zijner ziel gevonden heeft en deze nooit meer verliest.

Maar het is inderdaad een beslissende fase. 

Zoals C.R.C. gewogen werd en de poortwachter hem terzijde stond, zo wordt hier de neofiet gewogen en Eros staat hem bij.

Als iets de dag des Oordeels genoemd zou mogen worden, dan is het wel deze fase.

Het oordeel wacht de mens niet na de dood, of aan het einde van zijn reis, of in een chaotische ineenstorting, waarbij de doden opstaan.

Neen, het oordeel voltrekt zich als een resultaat van de menselijke handelingen. Het oordeel schrijft hijzelf.

Deze hermetische neofiet ontvangt het oordeel om verder te gaan en tenslotte de wacht aan de poort over te nemen, zoals C.R.C.

En dit oordeel deert hem niet, is hem niet vreemd zoals de imitatie-spiritualisten het vreemd zal schijnen dat iemand geen kroon van licht ontvangt, maar een opdracht.

Daar waar de reis van C.R.C. eindigt, daar eindigt eveneens de indalende weg van de pelgrim.

Na de keuze tot poortwachter komt C.R.C. thuis en ook de kandidaat van de Tarot komt dan thuis .

Hij is feitelijk al met dit tehuis verbonden, zoals Christus bij het beslissende maal wist dat de fase der offerande zou komen, maar niet aarzelde omdat hij zijn keuze had gemaakt.

Het 6e Pad van de Kabbala is het Pad van het verborgen Mysterie, het getal 6 staat onder Venus.

Het mysterie dat de kandidaat ontsluierd wordt, maar dat de toeschouwer niet kent.

Tot op heden is deze Beslissing nog een mysterie, want zijn er groter vergissingen begaan dan op het gebied van de liefde?

Wat weet de mens van liefde? 

Hoe dikwijls spreekt men niet over het seksuele vuur dat geheiligd moet worden? 

Het is een mysterie, zo zegt de kabbala!

Inderdaad!

Het is het mysterie dan slechts aan de neofiet wordt ontsloten; men zou kunnen zeggen dat deze mens zijn mantram der inwijding ontvangt.

En ook hiervan maakt men tegenwoordig een spel.

Het wemelt van mantrams, van de inwijdingen en de priesters en meesters, maar het zesde Pad blijft het Pad van het verborgen Mysterie.

Slechts de realiseerder kent het. 

Uitsluitend de hogepriester kan dit Mysterie verwerken.

Zoals in alle oude leringen staat: het Pad tot Inwijding is een proces, geen forcering van de wil.

Geen enkele oefening helpt om dit mysterie op te lossen, noch langdurige meditaties, want het begin van alle streven was dan fout: de dwaas begeert nog iets en daarom is hij geen wijze dwaas, maar een nar.

Geen pelgrim, maar een onnozele wandelaar.

De beslissende fase raakt ons niet als de dwaas ons niet tot hogepriester heeft verheven.

Dan wordt de beslissende fase louter een spiritueel geliefd spel, waarbij compromissen worden gesloten en men beslist dan niet, neen, men laat het compromis inzegenen.

De voorstelling van de middeleeuwse Tarot is dan ook geheel kerkelijk hiërarchiaal: een soort priester zegent twee geliefden en het geprofaneerde beeld van Amor schiet een pijl op hen af.

Het is merkwaardig dat deze beslissende fase staat onder Venus, beslist wordt door Venus, die wederom de ster is van de wellust, de zinnelijke dan wel de zielenwellust.

Ziele-extase betekent geheel en al door de ziel geïnspireerd te worden, waarbij wij wel onderscheid moeten maken tussen de fanatieke religieuze extase en de ziele-inspiratie

Geïnspireerd door de ziel begaat de hogepriester geen wrede daden, noch komen er leugens of verontschuldigingen over zijn lippen.

In de beslissende fase staat de neofiet in zijn ware gedaante, en hij spreekt het gebed der Lichtzonen uit: "Vader, hij die door U geroepen werd, komt thuis!"

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene