III

Mensen, die jarenlang filosofische uiteenzettingen bestudeerd en aangehoord hebben, kunnen bevangen worden door een mentale en psychische vermoeidheid, waaruit zij slechts opgetrokken kunnen worden, wanneer de bewijzen van een spirituele verwerkelijking aan hen voorgelegd worden. 

Er zijn ook andere pelgrims, die moegestreden, gewond, teleurgesteld, zich in een niemandsland terugtrekken om tot zichzelf te komen. 

Het staat te bezien of deze mensen werkelijk het water van de Jordaan Ïn zullen gaan d.w.z. nog belangstelling hebben voor enige Verwerkelijking! 

Wanneer men zich in zichzelf terugtrekt, het zevenvoudige Pad verlaat, alle filosofie ter zijde legt en zo een niemandsland kiest  dat noch direct bij het zesde-, noch bij het zevenvoudige Pad behoort, kan men een prooi worden van die ontelbare parasiterende horden, die op geestelijke lichtkracht uit zijn! 

Het komt maar al te dikwijls voor dat deze pelgrims van hun zo moeizaam bijeengegaarde innerlijke licht beroofd worden zonder dat zij het zelf bemerken! 

Dan ziet men hoe er zich een tragedie voltrekt: de pelgrims van het zevenvoudige Pad vallen langzaam maar zeker terug tot het vijfvoudige Pad en verstrikken zich in de afleidingsmanoeuvres van deze fase: het zich intellectueel interesseren voor allerlei leringen of het intellectueel kunstmatig in stand houden van de leer van het zevenvoudige Pad, onderwijl in de verbeelding levende dat men op het zevenvoudige Pad blijft staan! 

Men kan het in zijn naaste omgeving dikwijls genoeg zien: de Trooster, die bij het ware zevenvoudige Pad behoort, trekt zich terug van zulke mensen. Zij vergenoegen zich nog slechts met  een echo van de Zevengeest, maar hijzelf Ïs er niet meer. Weldra worden deze mensen ingesponnen in de vibraties van het vijfde  of soms zesde Pad en men kan zien hoe de reflex van het Licht uit hun ogen, uit hun gehele wezen wegtrekt en zij tot de dode stofgebondenen worden, die nog wel spreken over wat eens is geweest, over wat zij ééns innerlijk hebben ervaren, doch daarmede geen spirituele binding meer hebben. 

Slechts zij, die zich staande hebben weten te houden op het zesvoudige Pad zullen nog opgewekt kunnen worden! 

Dan ziet men hoe bij deze pelgrims, in aanraking komende met de realiteit van het achtvoudige Pad, heel die herinnering aan de toebereiding, aan de Trooster van het zevenvoudige Pad boven komt, hoe zij aangegrepen worden door een hernieuwde vreugde en hoe zij, in eenheid met allen, die Ïn de Jordaan worstelen, in één Gemeenschap, één broederband, opgaan. 

Elkander plotseling herkennende en elkander liefhebbende! 

Ook dit kan men in de praktijk zien gebeuren! 

Over heel de wereld wonen mensen, die toebereid zijn en geplaatst worden op het zevenvoudige Pad, het Pad van Hart- en Hoofd-verlichting, daar de Trooster, de Zevengeest, beslist niet door één uitverkoren geloofsvorm werkt. 

De Trooster kent geen voorkeur voor enige vorm, maar zoekt slechts een passend vibratieveld, waarin hij zich declareren kan.

Dat veld wordt opgeroepen door degenen, die een zesvoudig Pad tot het einde toe met succes afgelegd hebben! 

Is er echter slechts één mens die het gelukt de Trooster binnen een groep een vibratieveld te bereiden, dan zal die Trooster zich terugtrekken wánneer zulk een mens heengaat. 

Zo een groep er niet meer in slaagt een geschikt zevenvoudig Veld te spreiden, dus een waarlijke voorbereiding te bewerkstelligen - waarbinnen de zevenvoudigheid volbracht wordt - dan heeft de Trooster geen interesse meer in die geloofsvorm of die groep, hoe die vorm zich ook noemen mag! 

Dan wordt er ergens anders in de Wereld een nieuw Veld gezocht, of een andere rijpe pelgrim uitgenodigd, om zulk een Veld te stichten! Er wordt door de allerhoogste werkelijk geen Lichtenergie vermorst. 

Het verwerkelijkende Pad kan slechts door een groepje bewuste zielen betreden worden en het is mogelijk dat ook anderen zich laten medeslepen door de sterken. 

Op het achtvoudige Pad loopt de pelgrim hetzelfde risico als op de vorige Paden, slechts met dit verschil, dat eventuele teleurstellingen en bitterheden heviger ervaren worden dan ooit  tevoren. 

Dit kan men begrijpen wanneer men zich het woord indachtig is: hoe hoger men klimt - des te dieper kan men vallen. 

Daarom zouden wij de pelgrim enkele aanwijzingen willen geven op dit Pad van realisatie, op deze reis door de Jordaan: 

In het beginstadium van het achtvoudige Pad bemerkt men hoe nog velen stilstaan bij de gewenning van het zevenvoudige, of zesvoudige Pad. Men hoort en ziet hoe de angst om wat eventueel komende is hun voeten verlamt! 

Waarom?

Dit bewijst dat men de structuur van dit Pad door de Jordaan beslist nog niet kent.  

Die angst voor het nog onbekende is opgelaaid op een vorige weg, omdat men doorlopend gewaarschuwd werd voor mogelijke gevaren, voor een te vroege Verwerkelijking van het spirituele Ideaal en omdat men doorlopend geconfronteerd werd met mogelijke misleidingen, met eventuele spirituele beschadigingen, die daarvan het gevolg zouden kunnen zijn. 

De angst werd steeds opnieuw opgeroepen, omdat men de pelgrim afhouden wilde van een volgend Pad, omdat men hem bewust vast wilde houden op het zevenvoudige Pad, want daar was men aan toe op dat moment!

De pelgrim mocht niet verder gaan, want hij moest eerst klaar zijn. Dat gereedkomen geschiedde toen hij innerlijk afstand ging nemen van de angst: toen de waarschuwingen voor mogelijke misleidingen, gevaren en beschuldigingen hem niet zo heel veel meer zeiden, maar er een innerlijke stem in hem wakker werd, die zei: "ik moet verder, wat er ook gebeurt, want hier sta ik voor een muur." 

Kent en kende u, kandidaat, die innerlijke ervaring? 

Kent u die verstikking, alsof men u vast wilde houden in een gevangenis, terwijl u hunkert naar Licht en Lucht!? 

DÁt is nu uw afscheid van een bepaalde fase van het Ene Pad Omhoog en dat afscheid kan lang duren, omdat u - met alles wat in u is - op dat moment uiterlijk aan dat Pad gebonden bent. 

Bovendien wordt er ook altijd van buitenaf druk op zulk een mens uitgeoefend. 

Deze mens moet waarlijk breken met de hevigste emotie in het leven: de angst. 

Dan komt deze pelgrim in de Jordaan te staan, vlak aan de oever van het oude, verlaten land, en hij kan, vanaf een kleine afstand,  de mensen op de oever gadeslaan. 

Is er in hem nog een innerlijke binding met hen, die elkander op die oever bevechten? 

Zo ja, dan kan plotseling die angst weer bij hem doorbreken, dan kan al dat oude wederom oplaaien en hem terugjagen naar de oever. 

Doch vele van deze pelgrims der Verwerkelijking hebben reeds de volgende stap gezet en voor hen is de oude oever te ver af om nog ooit terug te gaan. 

Voor hen is er slechts het: vooruit. 

Doch deze pelgrims, deze waarlijke betreders van het achtvoudige Pad kennen geen angst meer, want het Licht uit het Nieuwe Land heeft hen reeds zo sterk aangeraakt, dat zij als door een magneet naar de overkant getrokken worden. 

Zij behoeven geen raadgevingen meer, want zij staan in binding met de vibraties van het Nieuwe Land, die de goddelijke Raadgevingen direct in hun hart neerlegt. Zij behoeven geen voorganger meer die hen doorlopend moet aansporen, want die aansporing is bij henzelf ingedaald als een nieuwe stuwkracht. Dat zijn de mensen, die de Gemeenschap vormen, zij zijn het hart van die Gemeenschap waarin het nieuwe Leven klopt, waarin de Reinheid stand houdt, waarin de Waarheid oplicht en waarin de Liefde voor de naasten brandt. 

Dacht u werkelijk dat zulke mensen hun zo hoognodige krachten zouden vermorsen door elkander te bevechten?! 

Denkt u zich toch eens in waar al die pelgrims steun zouden moeten vinden, wanneer het hart van zulk een Gemeenschap uiteenviel?! 

Want hier, vergeet dat nooit, op het achtvoudige Pad staat men tezamen Ïn de Jordaan en wanneer het hart van een pelgrim-gemeenschap doodbloedt, uiteengereten wordt, dan verdrinken velen. 

Maar dezen willen dikwijls liever verdrinken dan teruggaan naar die eens verlaten oever, waar men in een bloedige strijd verkeert om het ik-van-een-ander kapot te beuken. 

Omdat deze pelgrim der Jordaan zo ver gekomen is en het gewaagd heeft op basis van de voorbereiding en de weerspiegeling, en de Jordaan is ingegaan met alle risico's van dien, kan hij zich niet meer permitteren om te marchanderen met de diepere waarden en het Licht van dat Nieuwe Land te negeren, of toneel te spelen.

Dat zo slechts bewijzen dat hij beslist niet het zevenvoudige Pad heeft verlaten, zelfs nog niet het zesde heeft voltooid. 

Wij raden de kandidaten aan om vooruit te zien, overeenkomstig de wet van dit Pad door-de-Jordaan. 

Hij moet door die poort van Saturnus (de belemmering) heen  zien en slechts het Nieuwe Land voor ogen houden dat Áchter die poort wacht. 

Wanneer men binnen die poort een strijdtoernooi gaat vormen, wordt de poort te eng om de velen te omsluiten. 

Zo moeten zij vallen, zij worden meedogenloos uit die poort omlaag gestoten, omdat die poort slechts toegang verschaft aan  de enkelen en deze mogen niet tegengehouden worden door de spitum lanficum-makers. 

De overwinning is te waardevol, en allen, die door de enkelen meegevoerd kunnen worden hebben te dringend het Licht van node om dit te laten overschaduwen door de onwilligen. 

Zij, die het achtvoudige Pad tot de pelgrim brengen, zullen steeds opnieuw trachten het Licht van dat Nieuwe Land over deze Jordaan te laten schijnen, opdat de sterken de zwakken zullen kunnen onderscheiden, opdat niemand in duisternis verdrinken zal, opdat de sterken steeds opnieuw kracht zullen ontvangen en de zwakken zich staande zullen kunnen houden. 

Op dit Pad kan de wetende pelgrim niets anders doen dan het gebied der Vrijheid verlichten. 

Vanuit de overkant zou men de kandidaat toe kunnen roepen: zet uw voet hier, of zet uw voet daar.  

Maar zoudt men werkelijk luisteren? 

Is het gehoor nog afgestemd op raadgevingen, op beleringen? 

Ziet men niet veel meer uit naar een uitgestoken hand, die de mens grijpt en hem daadwerkelijk voorttrekt, dikwijls zonder te spreken? 

De raadgevingen zijn voor hen, die aarzelend de eerste stap Ïn de Jordaan gezet hebben en hen is slechts te raden: 

ga verder - zie vooral niet achterom - grijp niet naar de handen  die u willen terughouden, maar waag het met het ene Licht van de Trooster, dat u gekend hebt. 

Dat is de moeilijkste fase: alles los laten, de grond onder de voeten verliezen en zich storten Ïn de Jordaan, slechts met de herinnering aan de Trooster in het hart. 

Deze ervaringen hebben velen doorstreden en zij hebben overwonnen. 

Want hier is die sprong in het duister gekomen, die stap van filosofie naar verwerkelijking, waar de persoonlijkheid van de onvoorbereide pelgrim tegenop zag, maar die de toebereide pelgrim van het zevenvoudige Pad kan zetten. 

Kent men die innerlijke ervaring niet, die sterke bewogenheid, waarin men vastbesloten de oude oever loslaat, hoewel men de nieuwe oever een ogenblik niet ziet, dan komt die ervaring beslist. Dan komt die innerlijke worsteling nog, want deze wordt niemand bespaard. 

Misschien bent u, kandidaat, nog niet waarlijk ondergegaan in  de stroom tussen beide landen, maar bezit u nog die veilig aanvoelende binding met de oude oever en vermaakt u zich met de waargenomen beelden van de Jordaan, terwijl u daar zelf geen deel aan hebt. 

Deze situatie behoort eveneens tot het zevenvoudige Pad. 

Het zichzelf bedriegen met de dingen die men waar kan nemen, doch waaraan men geen deel durft te hebben. 

Dat is zelfbedrog en eindigt in teleurstelling. 

Door dezulken wordt het Licht niet over het Jordaangebied gespreid, want zij zijn slechts de praatjesmakers, die angst hebben voor het water, maar die doen alsof zij de moedigen zijn. 

Zij zullen nooit de consequenties van het achtvoudige Pad  kunnen aanvaarden. 

Er is slechts één raad voor deze aarzelenden, laat de oude oever los! 

Doch in hun hart willen zij niet loslaten. 

Zij blijven hopen op een andere mogelijkheid, want die sprong in het onbekende trekt hen geenszins! 

Het achtvoudige Pad brengt de grootste tegenstellingen in het leven der pelgrims, hij zal door de felste beproevingen gaan, en dat betekent de Jordaan doorwaden. 

Doch hij ervaart ook de hoogste vreugden, die de pelgrim maar kan ervaren: en dat wil zeggen dat hij het bezit van het innerlijke Licht bewust ondergaat. 

Juist omwille van dit Licht wordt hij aangevallen, wordt hij bespot door allen, die op de oude oever staan. 

Hun afgunst zwiept hen op, omdat zij weten dat deze mens de Jordaan kan doorwaden. 

De scheiding tussen hen en deze Jordaan-pelgrim wordt echter  zo groot dat geen enkele aanval hem meer gevaar kan berokkenen. Dan bevindt deze pelgrim van het achtvoudige Pad zich  in een ander gebied, buiten hun bereik. 

Hij heeft zijn vrijheid genomen om hen te ontvluchten door de Jordaan, de enige uitweg die hem overbleef. 

De beproevingen, die hem wachten zijn van een geheel andere geaardheid dan op het vorige Pad en zij, die zich niet Ïn de Jordaan bevinden zullen die beproevingen niet ervaren, evenmin als de grote vreugden. 

Daarom delen die beproevingen en die vreugden zich slechts mede aan hen, die de oever losgelaten hebben. 

Het Licht der Lichten beschijnt dan het gebied dat rond hen en voor hen ligt en daardoor kunnen zij verder gaan. 

Zolang zij, die de levende eenheid Ïn de Jordaan vormen, dit Licht nog kunnen oproepen, zal er geen verdriet, geen obstakel te  zwaar zijn. 

Gij dan, die de stap gewaagd hebt op basis van de Herinnering aan het Licht en op basis van het Licht-in-u; voeg uw Lichtkracht tezamen, opdat dit Pad der Jordaan verlicht worde. 

Trekt allen naderbij tot aan de oever van het Nieuwe Land en sta niet stil bij overwegingen. 

Want waarlijk, dit Pad door de Jordaan heeft geen overwegingen van node, maar de Daad die de zwakken sterkt, en die de sterken met moed belaadt.  

Ga dan voort, hand in hand en hart naast hart. 

Zo kan u, kandidaat, niets geschieden!

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene