Prinses Lavendel

(Lavandula angustifolia


Op de treden van het terras, waar jullie met z'n vijven in een rood aarden pot stonden, knielde ik bij jullie neer, Prinsesje Lavendel en luisterde naar jullie geurige spraak. 

Jullie violetblauwe aren wachtten nog even op een heldere zonnestraal, voordat ze de pracht van hun bloemen tentoonspreidden. Eentje was er open. Een perfect gevormd geurig mondje, met fijngetekende violetblauwe lipjes en haar adem geurde, geurde..... 

Wanneer je met het bekende loepje erin kijkt verlies je je in de geurige diepten van een blauwe zee, beschenen door een ondergaande zon, waardoor violetgekleurde golven je opnemen en wegdragen naar een land vol bloemen, die de harmonie in hun kelken wiegen. 

Ach, Prinses Lavendel, als ik zo in je violetblauwe kelkje kijk zie ik een roodstenen kasteel voor me; achter het in kleine ruitjes verdeelde raam zit een slotvrouwe, haar sierlijke hoofdje, getooid met een trechtervormig hoofddeksel, haar haren verborgen door een zijden shawl, gebogen over een gobelin, de tengere handjes ijverig bewegend over de stof. 

En alles om haar heen geurt naar jou, Prinses Lavendel. 

Vanuit het venster in de slottuin blikkende, ontwaart men blauwe lavendelbedden, waarvan de bloemen in een geanimeerd gesprek zijn met de tijm, die zich in de hete zomerzon amechtig over de stenen tuinmuur heeft gedrapeerd. 

Maar jullie, Prinsessen Lavendel, staan daar kaarsrecht in de sidderende zomerwarmte en praten rustig verder over bijen, bloemen en vlinders. De aarde aan jullie sierlijke voetjes is hard, verdroogd in de kwellende hitte, maar het deert jullie niet. Niets beweegt in deze drukkende warmte, alleen jullie blijven actief, geïnteresseerd elke beweging in de slottuin met jullie kleine kopjes volgende. 

Iedereen verwondert zich over je veerkracht en je blijmoedigheid, Prinses Lavendel. Ze kunnen je onverschillig in welke stenige bodem zetten, je door de zon laten kastijden, je laten verdorsten, je blijft groeien. 

Je doet me denken aan de tijd van de ridders, mijn Prinsesje, als zij een toernooi aangingen voor de prinses van hun dromen. En al die geliefde vrouwen geurden naar jou. Ook doe je me denken aan de tijd van de ontberingen: tochtige kastelen, moeizame wegen om de ophaalbrug te bereiken, belegeringen, maar ook hoven vol fluisterende stemmen, waar je stond te geuren, terwijl je je violette oortjes spitste om soms, voor jou te intieme, verhalen op te vangen. 

Je bent ook de Prinses van de Provence. Is er een zuidelijk Frans landschap denkbaar zonder jou? Zonder die talloze vlinders, die zich als aanbidders om je heen verzamelen, zonder de geur van je kameraadje tijm en bonekruid, die echter niet dat adellijke hebben van jou. 

De tijm is een soort biechtvader voor je, die je maagdelijkheid bewaakt, terwijl jij uit het slotvenster kijkt, een hoopvolle blik in je blauw-violette ogen: 

"Misschien zal je ridder vandaag thuiskomen?" Je hebt ook een beschermende allure, Prinsesje Lavendel, vooral voor de primula en de krokus, die je, indien zij naast je staan, niet door de vogels laat opeten. Is de krokus niet een kleine parmantige schildknaap? Een betere vind je niet, dus bescherm je hem tegen een vroegtijdige dood. 

Je lijkt altijd in een heerlijk verleden te leven, waar boerenkarren piepend over de landweg rijden, waar edele paarden trots hun meesters dragen en waar het gezang van kerkklokken voor vrijwel iedereen een opwekking tot stilte was. 

Daarnaast denk je ook aan veel pijn: het lijden van de armsten onder het dictatoriale geweld van de rijksten en de foltering van hen, die door hun geweten werden gekweld. 

Ach, Prinses Lavendel, in je geur ligt de nostalgie aan de rust en de ongecompliceerdheid van het landelijke leven. 

Heel je bloem roept uit: "Mijn herinneringen zijn mij kostbaar." 

Is het daarom dat sommigen zeggen dat je een "oude damesgeur" hebt die riekt naar de oude tijden? 

Je bent een probaat middel tegen geheugenzwakte en allerlei hoofdzenuwkwalen. Mensen, die de zon niet verdragen, zouden jou om hulp moeten vragen, sierlijke Prinses. Je ligt in de kast, tussen beddegoed en ragfijne dameslingerie; men komt je tegen bij de apotheker, de parfumerie, de drogist en de kruidendokter. Vrijwel iedereen kent je, maar wie kent je werkelijk? 

Je geeft je hartje niet prijs aan jan en alleman, want je bent van adel, een edele plant, een edele geur, een edel gevormde bloem en een edele kleur. 

Insecten verjaag je en menig kindje, in jouw tijd van kastelen en ridders, is met jou gewassen om gereinigd te worden van luizen en vlooien. Zelfs de armsten konden je vinden, want je bent altijd een zeer democratische Prinses geweest, iedereen, zonder onderscheid des persoons, helpende. 

Je hebt het geduld van een kasteeIvrouwe, die reeds zo lang op haar ridder heeft gewacht. Steeds opnieuw waren er oorlogen en gevechten. Deed in jouw tijd een man nog wel eens iets anders dan vechten, Prinses? 

Jij was er altijd om hem te kalmeren, jij was er altijd als zijn hond tijdens de jacht door een slang werd gebeten, jij was er als hij 's avonds doodmoe tussen de naar jou geurende beddelakens kroop. 

Lieflijk Prinsesje, je hebt veel gezien van de wereld, je hebt veel gehoord, je violette aren lijken zwaar van herinneringen, die je genadiglijk delen wilt met hen, die je bewonderen. Enorm is je wilskracht, enorm je uithoudingsvermogen, en ongelooflijk je innerlijke adeldom, waardoor je de levenskracht behoudt. 

Je staat daar zacht te dansen op je vierkante stengeItje, in je eigen dromen verdiept en je wilt niet spreken dan met de tijm, die je op zijn devoot gebogen knietjes in aanbidding aanziet. Hij omkleedt je met zijn roze-violette bloempjes, één en al bewondering, een adoratie die je met een vriendelijk knikje aanneemt, maar die je verder heel vanzelfsprekend vindt. Wie zou je niet aanbidden? 

Je kunt echter ook meedogenloos zijn, Prinsesje, want neemt men te veel van je, omringt men zich met een overdaad van je geur, dan bestraf je dat met hoofdpijn en misselijkheid. 

"Matigheid is een voorwaarde voor gezondheid," zeg je streng. Ik heb eens iemand gekend, schone Prinses, die een compres maakte van een aftreksel van Lavendel en dat op zijn lever legde, omdat hij vrijwel voortdurend aan leverstoornissen leed. En zie, de pijn trok weg. 

"Leverzieken kunnen het leven niet aan," zeg je, "ze durven het niet te aanvaarden zoals het komt! Leverzieken zijn bang voor de zon, voor het licht, voor de openheid." 

Terwijl je sprak kwam een kleine blauwe vlinder op je hoedje zitten, waar hij zijn pootjes waste en jullie waren een schoon paar. Tegen zijn blauwe lijfje was je plotseling paars en je had het gevoel of je een ander kleedje aangetrokken had, niet Prinsesje? 

Toen hij wegvloog keerde de dagelijkse sleur terug, die je steeds in een blauwviolet kleedje manmoedig tegentreedt. Pruilde je toen even, Prinsesje, of was het de wind, die je dat teleurgestelde trekje gaf? 

Hoe voelde je je eigenlijk toen vroeger de oude mannen je bloempjes in hun hoed legden, gelovende dat dat hun geheugen zou sterken? Was het benauwd daaronder? 

Miste je de zon? Je trekt je neusje op en laat even je rokje vallen, zodat de oranjeschemering van je meeldraadjes zichtbaar wordt. 

"Bah," mompel je, "oude mannen, niemand wil sterven, allemaal willen ze leven en vrolijk zijn!" 

Maar je denkt zelf ook nooit aan sterven, Prinses Lavendel, integendeel, je denkt louter aan leven en groeien! 

"Dat is waar," knik je, "maar ik weet wanneer mijn tijd gekomen is en accepteer dat." 

Dan keer je je af. Een nieuw bloempje opent zich aan je aar en wendt zich naar de door de wolken brekende zon, het verleden licht op in zijn blauwviolette diepte en in verrukking geurt het, alles en allen ermede doordringend. 

"Het leven is goed, het leven is waard geleefd te worden, want de zon zal nooit sterven!" 

En de tijm en het bonekruid, en de cichorei en het kleine dieppaarse spiegeltje van Venus en zelfs de eik dansen met je mede op de wind, die verleden, heden en toekomst in zijn armen neemt en hen uitdeelt aan mensen, die zijn geschenk veelal niet waarderen. 

De zon, de zon, de zon..... het licht, het licht, het licht....., zingen zij in koor en brengen de laatste teug ademgeur uit hun zielen te voorschijn om deze op het altaar van hun gezamenlijke Schepper te leggen. En de pimpernel wendt blozend haar wangetje naar Koning Zon, want zoveel enthousiasme vindt zij ongepast. De heggeroos laat haar blaadjes vallen, een laatste poging om de aandacht te trekken, maar ook haar blijft niets anders over dan haar vrucht de zon toe te wenden, opdat deze rijpe. 

Heel de natuur brengt een eerbewijs aan het leven en Prinses Lavendel leidt de obade. Geen problemen en geen obstakels zijn waard dat men om hen het leven zou verraden, zolang Prinses Lavendel de tuin siert. 



IK WAS ER EERDER DAN DE HOMEOPATHIE, 

ZEGT PRINSES LAVENDEL 


Het is eigenlijk helemaal niet belangrijk of de homeopathie Lavendel als medicament kent, want in de alleroudste fytotherapie komt zij al voor. Ze is één van de meest bekende medicamenten, die van grootmoeder op dochter en kleindochter werd doorgegeven en ook één van de oudste welriekende parfums, die aangewend werd toen de mensen nog geen gevoel voor hygiëne hadden. 

Want Lavendel is sterk desinfecterend en komt altijd van pas indien men niet in de gelegenheid is, zoals op een lange reis, zich goed te verfrissen. Het is kalmerend, maar tegelijkertijd stimulerend. Denk niet, dat Lavendel een slaapmiddel is, integendeel, het maakt alert, maar geeft het gemoed rust. 

Veel mensen zullen zich prettig gevoelen wanneer ze zich 's morgens met Lavendelzeep (pas op voor chemische namaak!) wassen. 

Thee van Lavendel verdraagt niet iedereen, omdat Lavendel ook zo haar eigen type heeft. Er zijn aardig wat mensen die een sterke geur van Lavendel niet kunnen verdragen en er hoofdpijn door krijgen, zelfs er misselijk van worden. 

Vooral Mercuriustypen moeten hier oppassen, zoals de Maagdmens. 

Omdat hij een "gelijke" is, werkt Prinses Lavendel gauw op hem in en verwekt het tegengestelde van wat hij beoogt. Onrustige slapers kunnen voor het slapen gaan even de geur van Lavendel inhaleren, dat werkt goed. 

Bij ernstige slaapstoornissen, vooral bij kinderen, maakt men een klein kussentje van Lavendel en legt hierop het kind ter ruste. Dit is vooral voor zenuwgestoorde kinderen, die hierdoor zelfs in hun ontwikkeling kunnen worden geremd. 



TELLEN LAAT IK AAN MIJN ONDERGESCHIKTEN OVER, ZEGT PRINSES LAVENDEL 


Prinses Lavendel geeft de moed niet zo gauw op, want zij wordt door een vage herinnering gedreven, hetzij uit een oerverleden, hetzij uit een direct verleden, om een bepaalde opgave te verwerkelijken. 

Het verleden neemt een vooraanstaande plaats in in haar denken, daarom past zij bij de 5-mensen en de 3-mensen. 

De 5-mens zal door haar worden gekalmeerd en vooral worden opgewekt om via zijn gedachten het schone te zoeken. Verder is haar geur goed tegen agressie en fanatisme en bevrijdt het de 5-mens van onrust. 

De 3-mens, niet zo impulsief en daadkrachtig als de vijf-er, zou zich languit in een bed Lavendel moeten leggen om tot bezinning te komen en te overwegen hoe hij zijn leven beter zou kunnen inrichten. Voor hem is Prinses Lavendel prima tegen maagstoornissen, tegen nerveuze hoofdpijn en ook tegen spanningspijnen in de spieren (zoals rugpijn, inwrijven met Lavendelolie) en verder is Prinses Lavendel voor beide typen geschikt als reinigingsmiddel, zuiverend van kwaadaardige en/of jaloerse gedachten, die beiden kunnen vergiftigen en organische kwalen kunnen oproepen. 

Lavendel en tijm tezamen vormen een gebed voor de vrede. 



STERREN ZIJN MIJN LEVENSLICHTEN, 

ZEGT PRINSES LAVENDEL 


Prinses Lavendels peetvader is Mercurius, de boodschapper der goden, degene die zich overal kan aanpassen en bruist van energie en levenskracht. Hij is klein en sterk, jaloers op Jupiter en verbeeldt zich de eerste dienaar van de Zon te zijn, omdat hij het dichtste bij hem staat. Zijn kwaal is de jaloezie. 

Prinses Lavendel, een waardige dochter van hem, gevoelt zich de Prinses onder de kruiden en houdt slechts van het edele, het schone en het levenskrachtige. 

Ze smaakt heet en bitter. Heet als de jaloezie, bitter als een door jaloezie verziekt hart. En ze bevrijdt, door haar geur, van jaloerse gedachten. Het is een uitmuntend kruid voor de Tweelingmens en een levensstimulans voor de Maagdmens, die zichzelf zo verbitteren kan. 

Tweelingmensen, die hun jaloezie moeten verbijten (ook de 5-mens!) zouden zich met de lavendelgeur moeten omringen. 

Alle aandoeningen, door bitterheid en afgunst te voorschijn geroepen, worden genezen door Prinses Lavendel, die hoop geeft en vooral "de zon in het water kan zien schijnen." 

Van de tijm leerde ze devotie, van de eik de rust en van het bonekruid nam ze de levenskracht. Prinses Lavendel is voor degenen die zichzelf minachten, dan wel aan een minderwaardigheidscomplex lijden of anderen hun succes benijden. Zij helpt innerlijk te veredelen. 



DE KLEUR VAN DE ADELDOM: BLAUWVIOLET, IS DE KEUS VAN PRINSES LAVENDEL 


Blauwviolet, de kleur van de hemel en van de ontwaakte, actieve ziel is de kleur van Prinses Lavendel en dat wil zeggen dat zij haar levenskracht uit een diepe innerlijke kracht put. 

Zij is méér blauw dan rood, hoewel rood niet aan haar nuance ontbroken heeft, maar zij helt over naar blauwviolet, de tint van bezinning, geduld, rust en doorzetting op basis van de hoop. Het is de kleur die geesteszieken geneest, die astmatische mensen bevrijdt van hun levensangst en die zenuwzwakken sterkt. Het is een absoluut geestelijke kleur. 

Indringend, kalmerend en toch stimulerend, zelfs overheersend. Kleur en geur van Prinses Lavendel nemen iemand in beslag, dringen hem tot overgave aan de vrede en de hoop. Tegelijkertijd bouwt de kleur afweer op, resistentie. 

Onrustige mensen, besluiteloze mensen en ook daadschuwe mensen zullen geholpen worden doot het blauwviolet van Lavende




IK WIL SLECHTS EEN EDEL SIERAAD, 

ZEGT PRINSES LAVENDEL 


Bij de Lavendel hoort een indringende, maar niet opdringerige steen, één die sterk van trilling is, maar niet provoceert. 

Daarom viel haar keuze op Lapis Lazuli, die de melancholie geneest en die de kleur van de zomerzon en de zomerhemel in zich bewaart. Verder houdt zij van de diep violette Amethyst, hoe dieper van kleur hoe beter. Haar typen zullen dus baat hebben bij deze beide stenen, die de gave van de innerlijke adeldom bezitten, omdat zij een heel hoge en vooral sterke vibratie hebben, die tegelijkertijd harmoniseert, stimuleert en reinigt. 


Zie voor de Amethyst ook blz. 156, 179, 271, 272, 326

1970 - 2015, copyright Henk en Mia Leene